zaterdag 16 juni 2018

248. De onvrijheid van godsdienst (7)

Het eerste bericht in deze serie ging over de grondwettelijke vrijheid van godsdienst én levensovertuiging. Het tweede bericht ging over de gevaarlijke onduidelijkheid van het begrip 'religie'. Het derde bericht ging over de afnemende macht van wereldgodsdiensten. Het vierde bericht ging over het onterechte achteruitgangsdenken in veel (a)sociale media. Het vijfde bericht ging over een humanistische verklaring van dit achteruitgangsgeloof. Het zesde bericht ging over een falende Nederlandse overheid inzake "godsdienstvrijheid". Dit zevende blogbericht gaat over moslims in Nederland. Bedreigen zij andersdenkenden?

Belangrijkste bevindingen uit het SCP-rapport
Op 7 juni verscheen het rapport De religieuze beleving van moslims in Nederland. Wat vind ik de belangrijkste onderzoeksresultaten? Het aantal Nederlanders dat zich moslim noemt, neemt af. De grootste daling tussen 2006 en 2015 is onder Turks-Nederlandse moslims: van 93% naar 86%. Onder Surinaams-Nederlandse moslims noemt 34% zich niet meer gelovig.

Onder Turks-Nederlandse moslims bidt 67% niet vijf keer per dag en onder jongeren is dat 82%. Het grootste deel van moslims in Nederland bezoekt niet wekelijks de moskee. Onder Surinamers is dat 84%, onder Marokkanen 63%, onder Somaliërs 62% en onder Turken 60%. Bijna de helft van Turkse moslims in Nederland vast niet alle dagen van de ramadan. Bij Surinamers is dat 66%. Van de Turkse moslima's draagt slechts een kwart een hoofddoek.

Kritiek op persbericht: "Moslims steeds religieuzer"
Gezien deze onderzoeksgegevens: dekt de kop van het SCP-persbericht, "Moslims steeds religieuzer", de lading? Lijkt mij niet. Maxima parafraserend: "de" Nederlandse moslim bestaat niet. Gelukkig blijkt dat ook uit het persbericht en het rapport zelf. Maar de toon van een opgeheven middelvinger naar de Nederlandse samenleving is inmiddels wel gezet. Dat blijkt ook uit reacties in veel (a)sociale media. Uit een recent verschenen rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid blijkt een veel genuanceerder beeld en wordt kritiek geuit op de eenzijdige nadruk op Turkse en Marokkaanse Nederlanders. 

In blogbericht 243 wees ik al op de verwarrende onduidelijkheid van de begrippen religie en religieus. Mijn kritiek wordt helaas bevestigd door de verwarring die het persbericht veroorzaakt. Dat gaat grotendeels over het al dan niet volgen van godsdienstige regels en vrijwel niet over godsdienstige of ongodsdienstig levensbeschouwelijke opvattingen. Een belangrijke uitzondering is dat er weinig begrip getoond wordt voor godsdienstig geweld.

Methodologische kritiek op het SCP-rapport
Er werd meteen kritiek geuit op het SCP-rapport. Bij langdurig onderzoek naar verandering in gedrag heeft het de voorkeur om dezelfde groep te bevragen. Dat is niet gebeurd. Dan is het wel belangrijk om dezelfde methode te gebruiken en dezelfde volgorde van vragen te handhaven. Dat is ook niet gebeurd. Zeer ernstig is het dat de laatste meting begint met vragen over discriminatie. Daardoor wordt de indruk gewekt dat de ervaren discriminatie veroorzaakt wordt door de godsdienst en niet door de herkomst uit bepaalde landen. In de rijtjes van criminaliteitsstatistieken scoort bijvoorbeeld Marokkaanse herkomst hoog. Om na te gaan of dat een belangrijkere rol speelt dan de vermeende discriminatie op grond van islamgodsdienst was het belangrijk geweest om een controlegroep van moslims van Nederlandse herkomst te ondervragen over ervaren discriminatie. Dat is ook niet gebeurd.

Ook werd bij de laatste meting geëist dat de interviewers de zelfde herkomstachtergrond hebben dan de ondervraagden. Dat verhoogt de kans op sociaal wenselijke antwoorden. Zeker als er sprake is van grote groepsdruk op vrouwen om hoofddoekjes te dragen maar ook als het andere gedragsregels betreft. Waaruit blijkt dat het dragen van hoofddoekjes een vrije keuze is of een gevolg van groepsdruk? Ondervraagd worden door een lid van die groep zal tot sociaal wenselijke antwoorden leiden. Denk aan de gelijkberechtiging van vrouwen, homoseksuelen, andersdenkenden, ongodsdienstigen en verandering van geloof.

Aantallen moslims in Nederland
Gezien de bij sommigen heersende angst voor islamisering van Nederland draagt de kop van het persbericht niet bij aan het wegnemen van die angst. Daarom wat feiten op een rijtje. Het CBS ging er jarenlang van uit dat er een miljoen islamieten in Nederland zouden wonen. Dat was gebaseerd op de zeer onterechte veronderstelling dat onder migranten uit overwegend islamitische landen hetzelfde percentage van moslims zouden zitten als in die landen. Bovendien hield het CBS geen rekening met de groei van het aantal mensen die de islam verlieten en met het feit dat kinderen niet  meegeteld mogen worden in statistieken. Dan kom je dichter uit bij een half miljoen islamieten dan bij een miljoen islamieten.

Kijken we naar het aantal immigranten tussen 1996 en 2015 dan blijkt ruim de helft een christelijke en slechts een kwart een islamitische achtergrond te hebben. Het aantal ongodsdienstigen is ruim een tiende. Het aantal moslims zonder migratie-achtergrond is 1,5%. Van de moslims met migratie-achtergrond is ongeveer een derde Turks, een derde Marokkaans, 3,5% Surinaams, 3,5% Afghaans, 3,5% Somalisch, 3% Iraaks, 1,5% Iraans en 8% overig niet westers. Overal in Europa wordt het percentage islamieten gemiddeld vier keer te hoog te hoog ingeschat. In Nederland is dat iets minder. Angst is een slechte raadgever.




Naschrift. Humanisme
Het meest gelezen humanistisch bericht is nu nummer 65 over Verhullende statistieken. Vooral in Rusland was hier veel belangstelling voor: mogelijk vanwege de groeiende macht van de Russisch-orthodoxe kerk. Als tweede binnen dit thema eindigt nu nummer 24 over Pieter Admiraal (1929-2013) die wereldwijd een belangrijke rol speelde in de strijd voor legalisering van vrijwillige euthanasie. Dit blogbericht wordt in deze groep gevolgd door blogbericht 41 uit mijn humanistisch verleden over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia, nummer 123 over IHEU & Engeland (de grootste stijger in deze groep), nummer 55 over Godsdienstwaanzin, nummer 119 over IHEU & de Verenigde Staten, nummer 103 over Solidariteit, 46 over Jaap van Praag, grondlegger van de humanistische beweging, 25 onder de titel Godgeklaagd! en 7 over KGB & CIA. Deze blogberichten zijn terug te vinden in mijn memoires ('Humanisme als zelfbeschikking') die eind 2016 als boek verschenen.


Homoseksualiteit als toetssteen
Ook hier is homoseksualiteit weer een toetssteen voor een rechtstaat. Bovendien heb ik inmiddels aangetoond dat het niet klopt dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit zouden verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor enige bijbelse overwegingen om homohaat te bestrijden en hier voor islamitische. Waar blijft de overheid om homohaat te bestrijden? 



Geen opmerkingen:

Een reactie posten