zaterdag 28 mei 2016

145. Blog meer dan 100.000 keer bekeken!

Mijn blog is nu in meer dan 120 landen ruim 100.000 keer bekeken. De toptienlanden met de meeste lezers zijn op dit ogenblik: 1. Nederland, 2. de Verenigde Staten, 3. Rusland, 4. België, 5. Oekraïne 6. Duitsland, 7. Frankrijk, 8. Zweden, 9. Brazilië en 10. het Verenigd Koninkrijk. Het aantal lezers van mijn blog in Vlaanderen staat op de vierde plaats mede dankzij Het Roze Huis in Antwerpen dat wekelijks mijn blog plaatst.

De belangrijkste vijf websites die naar mijn blog verwijzen, zijn: 1. www.google.nl  2. www.google.com, 3. www.itnijs.frl, 4. www.google.be en 5. www.hetrozehuis.be . Het meest voorkomend zoekwoord is Nederlands wereldtaal. Tenzij anders vermeld, vinden de meeste lezers mijn blog dankzij Google.

De meest gelezen onderwerpen
Hier de toptien aan thema's die de lezers tot nu gekozen hebben om te lezen: 1. intimiteit en erotiek tussen mannen, 2. humanisme, 3. mijn eigen homoverleden, 4. Friesland, 5. mediakritiek (de sterkste stijger!), 6. wereldwijde homovervolging, 7. Nederlands wereldwijd,  8. homoseksualiteit in Nederland, 9. Amerika en 10. racismediscussie.

Deze volgorde vloeit voort uit de populariteit van de meest gelezen blogberichten. Voor ieder thema noem ik vervolgens de meest gelezen berichten binnen dat thema, ook in volgorde van populariteit.

1. Intimiteit en erotiek tussen mannen
Deze serie scoort het hoogst. Opmerkelijk genoeg, vooral in homovijandige landen. De best bekeken blogberichten in deze serie zijn: 98 over Liever homo-erotiek dan homoporno, nummer 90 over Homo-erotiek in mannengroepen, nummer 92 over Homo-erotische sporters, nummer 99 over Homo-erotisch mannennaakt, nummer 96 over de vraag: Wat is (homo)porno? (2), nummer 89 over Gay Twins, nummer 93 over Mannennaakt dat geen porno is, nummer 95 over de vraag: Wat is (homo)porno? (1), nummer 80 over de World Press Photo 2014, en nummer 84 over Mannenparen. De berichten over homo-erotiek worden meer gelezen dan die over homoporno.

2. Humanisme
Het meest gelezen humanistisch bericht is nu nummer 65 over Verhullende statistieken. Vooral in Rusland was hier veel belangstelling voor: mogelijk vanwege de groeiende macht van de Russisch-orthodoxe kerk. Als tweede binnen dit thema eindigt nu nummer 24 over Pieter Admiraal (1929-2013) die wereldwijd een belangrijke rol speelde in de strijd voor legalisering van vrijwillige euthanasie. Dit bericht wordt in deze groep gevolgd door blogbericht 41 uit mijn humanistisch verleden over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia, nummer 55 over Godsdienstwaanzin, nummer 119 over IHEU & de Verenigde Staten, nummer 103 over Solidariteit, nummer 123 over IHEU & Engeland, nummer 7 over KGB & CIA, nummer 25 onder de titel Godgeklaagd!, en nummer 46 over Jaap van Praag, grondlegger van de humanistische beweging. De berichten over de IHEU zijn omhoog geschoten: vanwege de onthullingen daarin misschien?

3. Mijn eigen homoverleden
Bovenaan staat blogbericht 32 over Mijn eerste vriendje. De andere berichten over mijn persoonlijk homoverleden die goed bekeken werden, waren nummer 45 over Gerard Reve & Antoine Bodar, nummer 37 over Rampenzomer 1967, nummer 28 over mijn eigen Homojeugd, nummer 40 over Benno Premsela, een nieuwe vader, nummer 74 over Valse nichten, nummer 47 over een Leerzaam avontuur, nummer 39 over hoe ik werd Gered door een studentendecaan, nummer 108 over Homodok, Homologie, Urania, Vrolijk & Schorer en nummer 104 over Mijn rol in het COC. Deze blogberichten zijn terug te vinden in mijn memoires die komend najaar als boek verschijnen.

4. Friesland
Het best bekeken blogbericht over Friesland is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys, nummer 81 over de Fryske taalfrede, nummer 114 over Identiteit als keuze en nummer 109 over Fryske taalfrede op 'e nij bedrige veel bekeken. De Fryske webside It Nijs.frl besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts, In deze serie blogberichten vonden geen verschuivingen plaats. Nieuw is het bericht 143 over Friesland in mijn memoires, in het Fries te lezen via: Fryslân yn myn tinzen.

5. Mediakritiek
Deze serie is het sterkst gestegen. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, nummer 52 over Het monster Trotteldrom en de nieuwkomer 139 over Referendum? Schijnvertoning! (de snelste stijger in deze groep).

6. Wereldwijde homovervolging
Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat wordt in deze groep gevolgd door bericht 19 over de noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging, door het (sterkst op de ranglijst gestegen!) bericht 72 over misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit, door bericht 64 over homohaters, door bericht 4 over levensgevaarlijke preutsheid, door bericht 79 over Alan Turing (1912-1954), door bericht 5 over mijn ervaringen in Rusland, door bericht 66 over de film Pride, door bericht 6 over homoseksualiteit in Rusland, Cuba en China en door nummer 86 over: Homovijandig Rusland lijdt nederlaag.

Wie behoefte heeft aan positieve berichten op dit gebied verwijs ik naar de alsmaar groeiende huwelijksgelijkberechtiging. En ook naar mijn betoog dat door de meesten ten onrechte wordt aangenomen dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor bijbelse overwegingen om homohaat te bestrijden.

7. Nederlands wereldwijd
De groep blogberichten over de positie van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd wordt vooral gelezen dankzij de opleidingen Neerlandistiek die van mijn blog gebruik maken. In deze groep werd het meest gekeken naar blogbericht 71 over Nederlands wereldtaal? gevolgd door nummer 17 over Disadvantaged by English, door nummer 22 over Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, nummer 12 over Handicapé par la francophonie, nummer 20 over over de Engelse vijandschap tegen het Nederlands: No Dutch please!, nummer 102 over Grenzenloos Nederlands, nummer 13 over Afrikaner identiteit, nummer 11 over Frankrijk & Nederland en nummer 10 over Vlaanderen & Nederland. In deze serie blogberichten vonden geen verschuivingen plaats.

8. Homoseksualiteit in Nederland
Als hoogste eindigde in deze serie het blogbericht 51 over Homostudies. Binnen deze categorie gevolgd door de berichten 78 over Homoseks en jongeren (de sterkste stijger in deze groep), 114 over Identiteit als keuze, 72 over Misleidend onderzoek ontstaan homoseksualiteit,  60 over Homovoorlichting, 36 over Lesbisch ouderschap, 59 over Homojongeren, en 138 over Mijn homoseksuele media optredens. Uit deze blogberichten blijkt dat nog heel veel voorlichting over homoseksualiteit gegeven moet worden. Een veel bekroonde film die daar zeer geschikt voor is: Jongens.

9. Amerika
Het aantal Amerikaanse lezers van mijn blog is het grootst na die uit Nederland. In deze groep berichten werd het blogbericht 16 over Hans Brinker and a finger in a leaking dike het meest gelezen. Daarna gevolgd door blogbericht 15 over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam. Ook veel bekeken werd blogbericht 18 over Dangerous stamps! Met dank aan Postzegelblog want postzegels kunnen heel veel onthullen over een land, in dit geval de Verenigde Staten. Tenslotte moeten genoemd worden nummer 119 over IHEU & de Verenigde Staten, nummer 101 over American Democracy 101 en nummer 67 over American paradoxes.

10. Racismediscussie
Deze groep berichten staat nu op de tiende plaats dankzij mijn reacties op het debat over Zwarte Piet: blogbericht 61 over Racisme? en nummer 69 over Divagedrag tegen Zwarte Piet werkt averechts. Dit laatste bericht is nu ook beschikbaar in Friese vertaling: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts. De soms vermeende discriminatie op grond van afkomst speelde ook een rol in blogbericht 70 over de Turkse troebelen (1) (de sterkste stijger in deze groep). Lezers van dit laatste bericht kwamen vooral binnen via het landelijk platform voor openbaar onderwijs CBOO. Het nieuwste bericht in deze serie is nummer 110: Strategische blunders door 'antiracisten'.

zaterdag 21 mei 2016

144. Is homo-nieuws geen nieuws?

Dinsdag 17 mei 2016 was IDAHOT, de International Day Against Homophobia, Transphobia and Biphobia. Op deze dag werd in meer dan 130 landen herdacht dat op 17 mei 1990 de Wereldgezondheidsorganisatie WHO besloot dat homoseksualiteit geen ziekte is. In 2015 werden op die dag 1600 bijeenkomsten gehouden door bijna 3000 organisaties. De juiste aantallen over 2016 heb ik nog niet gezien maar de kans is groot dat u er vorig jaar even weinig over gehoord heeft als dit jaar. Is homo-nieuws voor de meeste media geen nieuws?

Geen nieuws
Het is geen nieuws dat homoseksualiteit nog steeds strafbaar is in ruim tachtig landen. In bijna de helft daarvan is dat het gevolg van de negentiende-eeuwse Engelse koloniale wetgeving, vooral in Afrika. In al die landen gezamenlijk woont ongeveer 40% van de wereldbevolking, ofwel bijna drie miljard mensen. In tien islamitische landen bestaat nog de doodstraf op homoseks. Met name homovijandig Rusland timmert in de Verenigde Naties aan de weg met het willen bevorderen van anti-homodiscriminatie, gelukkig tot nu toe zonder succes. Zo kwam vanwege IDAHOT-2016 vanuit de Verenigde Naties een nieuwe verklaring tegen de pogingen om homoseksualiteit weer als een ziekte te benaderen. Dit bericht was wel nieuws. Helaas haalde dit niet de Nederlandse media.

Wereldwijd nieuws
Dat was gelukkig wel het geval met het voornemen van de president van Mexico om het huwelijk in het hele land open te stellen voor paren van gelijk geslacht. Maar dat dit gebeurde vanwege IDAHOT-2016 werd er niet altijd bij vermeld. In de Nederlandse media vond ik geen aandacht voor de openingstoespraak in Kopenhagen van kroonprinses Mary van Denemarken van het Europese IDAHO Forum 2016 waarin zij zich heel duidelijk uitsprak voor gelijke rechten. Iets dat ik nog weinig leden van koninklijke huizen heb zien doen. Dat Europese Forum is is overigens een Nederlands initiatief uit 2013 waarbij koningin Maxima aanwezig was: toch ook een teken van solidariteit.

Volgens het persbericht over IDAHOT-2016 werden in veel landen regenboogvlaggen gehesen aan overheidsgebouwen om te laten zien dat homorechten ook mensenrechten zijn. Opvallend is ieder jaar weer dat er nog steeds gemeentebesturen zijn die daar moeilijk over doen. Dat maakt alleen maar duidelijk hoe belangrijk het is dat hieraan aandacht wordt besteed. Ik noem een paar voorbeelden van landen die er voor mij uitsprongen. In de eerste plaats Cuba waar vooral dankzij Mariela Castro veel vooruitgang is geboekt en IDAHOT-2016 veel aandacht krijgt. Zuid-Afrika is het enige land in Afrika waar sprake is van grondwettelijke en huwelijksgelijkberechtiging. Tijdens IDAHOT-2016 werd er op gewezen dat er helaas in Zuid-Afrika nog altijd sprake is van veel geweld tegen de homo/lesbische minderheid. In Australië werd op grote schaal paars gedragen tijdens  IDAHOT-2016 en lijkt het er op dat het huwelijk voor paren van gelijk geslacht eindelijk wordt opengesteld.

In Nederland geen nieuws?
IDAHOT-2016-Nederland ging, voor zover ik heb kunnen nagaan, onopgemerkt in de media voorbij. Het COC-persbericht hierover vermeldt onder andere veel sportevenementen waar de regenboogvlag werd gehesen, de wandelingen voor jong en oud door de ouderenalliantie 50+, en roze gezinnen die verwelkomd werden op een aantal scholen. Nieuw was de Walk of Love door de Utrechtse binnenstad die begon bij de op 15 juni 1999 door mij onthulde gedenksteen op het Domplein ter herinnering aan de daar begonnen sodomietenvervolging van 1730/31 zoals ik beschreven heb in mijn proefschrift 'Homoseksualiteit in Nederland' (1982). Ik ben blij met deze toenemende aandacht voor homo/lesbische geschiedenis.

Het enige nieuws dat de meeste Nederlandse media haalde in de dagen voorafgaand aan IDOHOT-2016 was het verschijnen van de LHBT Monitor 2016 van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). In het persbericht van het SCP werd nadrukkelijk vermeld dat dit rapport verscheen naar aanleiding van IDAHOT-2016 maar dat was in de media die ik gezien heb geheel weggevallen. Hoe komt het toch dat veel media van het ene naar het andere incident hobbelen zonder aandacht te besteden aan de voorgeschiedenis en de onderlinge wereldwijde samenhang? In een volgend blogbericht besteed ik meer aandacht aan dit SCP-rapport over de homo/lesbische sociale positie.

Gezien de lakse houding van grote delen van de Nederlandse media hoort dit blogbericht thuis in mijn serie over mediakritiek. In deze serie passen ook de recente blogberichten over Turkse troebelen (2), Brexit? Schotland Exit! en Referendum? Schijnvertoning!. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de nummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, 111 over Columnist in de Gaykrant en 52 over Het monster Trotteldrom


zaterdag 14 mei 2016

143. Friesland in mijn memoires

Op 1 mei 2016 leverde ik de tekst in voor mijn boek met levensherinneringen dat dit najaar verschijnt. In blogbericht 136 gaf ik een overzicht van mijn homoseksuele en humanistische herinneringen die ik al in mijn blog publiceerde. In dit bericht een voorpublicatie van een deel van mijn tekst over Friesland.

Het best bekeken blogbericht over Friesland is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys, nummer 81 over de Fryske taalfrede, nummer 114 over Identiteit als keuze en nummer 109 over Fryske taalfrede op 'e nij bedrige veel bekeken. De Fryske webside It Nijs.frl besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts,

Friesland in mijn memoires
Waarom was en is Friesland zo’n warm bad voor mij? Om die vraag te beantwoorden, ben ik in de Friese geschiedenis gedoken. De vroegste geschiedschrijving over Frisia is afkomstig van de Romeinen. Die vonden de zompige gebieden langs de kust van de Noordzee onbewoonbaar, van wat nu Vlaanderen is tot aan hedendaags Denemarken. Maar de toenmalige Friezen wisten die gebieden toch bewoonbaar te maken. Eerst door terpen te maken, vanaf vijf eeuwen voor onze jaartelling. Die terpen in woelige zeewateren bij vloed kan men nu nog bewonderen: de Halligen, in wat nu Noord-Friesland in Duitsland is, worden nog dagelijks zo door de zee omringd. Deze wil om de natuur niet haar gang te laten gaan maar maakbaar landschap in te richten, werd vanaf omstreeks het jaar 1000 verder in de praktijk gebracht door de eerste polderdijken aan te leggen. Die kunnen nu nog bewonderd worden: de 126 km lange West-Friese Omringdijk en de 42 km lange Friese Slachtedyk. Voorts werd het water van vijand tot bondgenoot gemaakt door visserij en handel per zeevaart. In het huidige Friese landschap is de rol van het water als vervoersmiddel per boot nog terug te vinden in de talloze vaartjes die de boerderijen met de dorpen en stadjes verbonden.

Weinig Nederlanders weten dat de Friezen de uitvinders van niet alleen de polders maar ook van het poldermodel zijn. De Nederlandse uitdrukking ‘op z’n elfendertigst’ verwijst daarnaar: eerst moesten de Friese elf steden en dertig grietenijen (regio’s) geraadpleegd worden voor er besluiten genomen konden worden. Er was een welbegrepen eigenbelang om gezamenlijk de dijken hoog en de binnenwateren laag te houden om overstromingen te voorkomen. Van al het Europees poldergebied ligt de helft in Nederland en met name de Randstad leeft grotendeels onder de zeespiegel. Juist daar zou men daar iets meer waardering verwachten voor het door de Friezen uitgevonden polderen in plaats van elkaar steeds in de (a)sociale media de tent uit te vechten.

Dit aardrijkskundig verleden heeft grote invloed gehad op de Friese cultuur. De landbouw was niet in handen van feodale heersers maar van vrije boeren die geen heersers boven zich duldden. De handel was in handen van vrije burgers in stadjes die een open levenshouding ontwikkelden. Dankzij de zeevaart via Zuider-, Noord- en Oostzee kwamen zij in aanraking met ander talen en culturen. Veeltaligheid met de daarbij behorende culturele openheid is nog steeds een kenmerk van het hedendaagse tweetalige Friesland. Het waterrijke gebied was daarenboven slecht toegankelijk voor vreemde indringers. Anders dan West-Friesland dat door de Hollanders veroverd werd, kon Friesland dankzij de gewonnen slag bij Warns in 1345 (die nog altijd bij mij in de buurt herdacht wordt) de Friese taal en vrijheid veilig stellen. Anders dan de meeste geschiedschrijving ons wil doen geloven, was de dood van Bonifatius geen roofmoord maar de verdediging van de vrije Friezen tegen een gewelddadige poging om de christelijke godsdienst op te leggen (Luit van der Tuuk, De Friezen, 2013).

Pas onlangs heeft de Britse historicus Michael Pye met zijn boek over The Edge of the World: How the North Sea Made Us Who We Are (2014) aangetoond dat de Friezen een opmerkelijke rol hebben gespeeld na het instorten van het Romeinse Rijk. De Romeinen dreven liever handel met de Friezen als bondgenoten dan hun hele moeilijk toegankelijke woongebied te bezetten. Slechts het dunbevolkte gebied ten zuiden van de Rijn werd door de Romeinen ingenomen. Utrecht en Dorestad (nabij het huidige Wijk bij Duurstede) werden op die grens belangrijke Friese handelsplaatsen. Nadat het Romeinse Rijk ingestort was, zetten de onafhankelijk gebleven Friezen de handel langs Noord- en Oostzee voort. Zij waren het die de verdwenen Romeinse geldhandel met eigen munten overnamen. Daarmee werden zij de voorlopers van de latere Hanze. Zo werden de Friezen met hun vroegmiddeleeuwse handel de grondleggers van de latere welvaart in Noordwest-Europa.

Toen ik in de jaren zeventig college gaf aan eerstejaarsstudenten aan de Sociale Faculteit in Utrecht was ik mij van deze Friese geschiedenis niet bewust. Maar ik wist voldoende van de Nederlandse geschiedenis om te weten dat het beeld niet klopte dat veel sociologen hadden van de vroege gemeenschappen voorafgaand aan de moderne maatschappij. Het waren vooral Duitse sociologen die ervan uitgingen dat de vroegere gemeenschap (‘Gemeinschaft’)  besloten en feodaal van karakter was tegenover de moderne maatschappij (‘Gesellschaft’). In Nederland was dat anders. Daar leefden boeren die niet feodaal overheerst werden en burgers in vrije stadjes die volop handel dreven met andere culturen. Dat waren, zo betoogde ik in mijn colleges, voorbeelden van open gemeenschappen. Jannewietske de Vries knoopte dat als een van mijn studenten in de oren en gebruikte de Friese term ‘iepen mienskip’ als gedeputeerde van Friesland (2007-2015) om met succes de aanvrage te onderbouwen om van Leeuwarden in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa te maken. Zij vertelde mij dat op 28 oktober 2015 toen zij mij als inmiddels bekende ‘nije Fries’ in de kerk van Molkwar interviewde over mijn familieverleden. Toen werd ook duidelijk dat de meneer De Vries waarover ik sprak in de hieronder afgedrukte Tresoar-lezing, haar vader Bareld de Vries is, die ik kende vanuit het openbaar onderwijs. Zo is een van de kenmerken van de kleinschaligheid in Friesland dat de onderlinge verwevenheid tot grote onderlinge betrokkenheid leidt.

Waarom plaats ik de Tresoar-lezing van vrijdag 13 mei 2011 in Leeuwarden in dit boek? Deze lezing werd door mij uitgesproken ter gelegenheid van de overdracht van het niet-humanistische deel van mijn archieven aan het Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum Tresoar. Mijn humanistische archieven waren al eerder via het Humanistisch Archief overgedragen aan Het Utrechts Archief. In deze Tresoar-lezing komen mijn opvattingen over humanistische, homoseksuele en Friese identiteiten samengevat tot uitdrukking. De lezing is daarmee een synthese van al het voorafgaande.



Naschrift: zie voor een Friese vertaling van het bovenstaande: Fryslân yn myn tinzen.

zaterdag 7 mei 2016

142. Turkse troebelen (2)

In blogbericht 70 schreef ik over de eerdere Turkse troebelen in Nederland. De Turkse overheid bemoeit zich op homo- en vrouwvijandige wijze met Nederlanders. Twee Tweede Kamerleden van Turkse afkomst praten dat goed en zijn na zetelroof een splinterpartijtje begonnen dat volgens de peilingen weinig kans maakt. Waarom zouden wij ons daar druk over moeten maken?

Trouw opent op 22 april 2016 de voorpagina met: "Turken in Nederland voelen zich geïntimideerd door de regering in Ankara. Ze zijn voorzichtiger met wat zij op sociale media schrijven, vrezen aanklachten en mijden soms de moskee." Men vergeet "dat Turkije nog altijd veel afhankelijker is van Europa dan andersom." Immers: "Vijftig procent van de Turkse handel is met de EU. Zonder ons valt hun economie in elkaar. Wij moeten ons niet zo laten imponeren. Weg met die slappe knieën." 

Nederlandse columniste Ebru Umar gearresteerd in Turkije
Voor mijn buitenlandse lezers zet ik de feiten even op een rijtje. Op 23 april 2016 wordt de Nederlandse columniste van Turkse afkomst Ebru Umar op haar vakantieadres in Turkije gearresteerd omdat zij de Turkse president beledigd zou hebben. Het Turkse consulaat in Rotterdam opent een kliklijn maar ontkent dat vervolgens als een golf van kritiek losbarst op deze oproep tot spionage voor de Turkse overheid. Ebru Umar wordt vrijgelaten maar mag Turkije niet verlaten. Op 25 april 2016 vindt een verdachte inbraak plaats in haar woning in Amsterdam. Op 26 april 2016 schrijft zij in haar column in het dagblad Metro dat zij in Nederland wonende Turken verdenkt van de acties tegen haar. Op 28 april 2016 kondigt zij aan een einde te willen maken aan haar Turkse nationaliteit. Op 3 mei 2016 bespreekt zij met premier Rutte de wenselijkheid om in Nederland beveiligd te worden omdat zij bedreigd wordt door in Nederland wonende Turken.

Amsterdamse oud-burgemeester Job Cohen
Laat ik voorop stellen dat ik het op veel punten oneens ben met Ebru Umar. Ik noem als voorbeeld haar feitelijk onjuiste kritiek op de Amsterdamse oud-burgemeester Job Cohen. Hij schrijft op 27 april 2016 in een ingezonden brief in de NRC: "Na de moord op Theo van Gogh was ik aanwezig op een bijeenkomst waar ook Ebru Umar bleek te zijn. Op een gegeven moment begon ze enorm op Amsterdam, waar ik toen burgemeester was, af te geven. Ik reageerde met de woorden: 'Maar u hóeft hier niet te wonen.' Sindsdien ben ik haar lievelingsvijand. Niets heerlijkers dan mij, ongeveer eens per week, afzeiken. Daar is niks op tegen, het staat haar vrij. Wat haar niet vrij staat, is in NRC (25/4) zonder enig argument het volgende te zeggen: 'Dat zijn mensen (Turkse Nederlanders die blij waren met haar arrestatie in Turkije) die Nederland kapot maken. Job Cohen zou trots op hen zijn.' Daar is natuurlijk geen sprake van, integendeel, ik hoop dat ze snel weer in Nederland is. Vandaar mijn vraag aan haar: geef mij een snipper bewijs waarom ik daar trots op zou zijn." Ik heb dat bewijs nog niet gezien. Maar dat neemt niet weg dat in een democratische rechtstaat met vrijheid van meningsuiting dat gelukkig geen reden is om haar strafrechtelijk te vervolgen zoals dat wel op grote schaal in Turkije gebeurt met journalisten die kritiek hebben op de Turkse overheid.

Vrijheid van meningsuiting
In de (a)sociale media heerst het misverstand dat de vrijheid van meningsuiting inhoudt dat je alles maar mag schrijven. Die vrijheid is echter niet absoluut maar ingebed in ieders verantwoordelijkheid voor de wet. Ik noem bijvoorbeeld het aanzetten tot haat of het beledigen van personen die, als zij dat wensen, naar de rechter kunnen stappen. Het is dan ook goed dat de Tweede Kamer een eind wil maken aan de strafbaarstelling van het beledigen van staatshoofden want in een democratie is iedereen gelijk voor de wet. Turkije is een schijndemocratie want de overheid gedraagt zich als een dictatuur van een meerderheid in het omgaan met individuen en minderheden.

De vrijheid van meningsuiting vooronderstelt het hebben en uiten van een mening. Iemand uitschelden, geeft geen blijk van een mening maar van het misbruiken van de eigen vrijheid om die van een ander te schaden. In mijn blog heb ik bij herhaling onderbouwde kritiek geleverd op het feit dat een groot aantal zich islamitisch noemende staten de mensenrechten aantasten van andersdenkenden, in het bijzonder van ongodsdienstigen, vrouwen en homoseksuelen. In veel van die landen wordt dergelijke onderbouwde kritiek opgevat als belediging maar dat is in strijd met de mensenrechten.  Zolang dat in een land gebeurt, kan er geen sprake zijn van enige toenadering tot de Europese Unie die deze mensenrechten respecteert. Wie bang is dat de EU gegijzeld wordt door Turkije moet bedenken dat de EU meer dan 500 miljoen inwoners telt en Turkije nog geen 75 miljoen.

Vormen Turken in Nederland een bedreiging?
Nederland telt 17 miljoen inwoners en het aantal Turken in Nederland dat de huidige Turkse regering steunt, ligt hooguit rond de 200.000 zoals ik heb aangetoond in mijn vorige blogbericht over Turkse troebelen. Dat is minder dan de helft van alle Nederlanders met een Turkse afkomst. Het dagblad Trouw schrijft op 28 april 2016 dat de Turkse overheid wel degelijk probeert om die groep in te zetten voor haar politieke en godsdienstige doeleinden. Het is dus onjuist en strategisch onverstandig om alle Turken in Nederland op één hoop te gooien want zeker de helft daarvan zijn bondgenoten in onze strijd voor een democratische rechtstaat waarin het zelfbeschikkingsrecht van individuen en zelfgekozen minderheden gewaarborgd wordt.

Het splinterpartijtje van bovengenoemde twee dissidente Kamerleden noemt zich Denk. Ik zou willen zeggen: denk inderdaad na, ofwel bezint eer ge begint. Om te beginnen is er weinig draagvlak voor deze splinterpartij. Verder staat Denk volgens de NRC van 29 april 2016 achter de arrestatie van Ebru Umar, ontkennen zij de Turkse genocide op Armeniërs, en intimideren zij Turkse Kamerleden die het niet met hen eens zijn. Oud-burgemeester van Amsterdam Job Cohen en de huidige burgemeester van Rotterdam Ahmed Aboutaleb hebben het al eerder gezegd: wie zoveel moeite heeft met onze democratische rechtstaat is niet verplicht hier te blijven maar kan zonder tegengehouden te worden verhuizen naar een land waar men zich kennelijk meer thuis voelt.

Mediakritiek
In de meeste Nederlandse media staat dat de meeste in Nederland wonende Turken op de huidige Turkse regeringspartij hebben gestemd, zelfs meer dan in Turkije zelf. Uit mijn eerdere blogbericht over Turkse troebelen blijkt dat dit niet kan kloppen. Het is weer de klassieke denkfout van slordige media: het gaat om die Turken in Nederland die gestemd hebben. Diegenen die niet stemmen worden weer eens over het hoofd gezien en dat is in dit geval heel slecht voor de Nederlandse beeldvorming over die Nederlanders van Turkse afkomst die juist heel goed geïntegreerd zijn!

Gezien de onkritische houding van grote delen van de Nederlandse en buitenlandse media hoort dit blogbericht thuis in mijn serie over mediakritiek. De blogberichten, Brexit? Schotland Exit! en Referendum? Schijnvertoning!, passen daar ook in. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de nummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, 111 over Columnist in de Gaykrant en 52 over Het monster Trotteldrom



Naschrift: op 11 mei 2016 is columniste Ebru Umar teruggekeerd in Nederland na twee weken landarrest in Turkije. Zij wil niet meer naar Turkije, en verblijft op een geheim adres. Minister Asscher stelt op 13 mei 2016: "bedreigingen richting Umar beperken vrijheid van hele samenleving". Op 18 mei debatteert de Tweede Kamer over de kwestie Ebru Umar. Lees ook Vrij Nederland over "Het gelijk van Lodewijk Asscher over de jonge Turkse Nederlanders". Trouw over allochtoon racisme.

zaterdag 30 april 2016

141. Humanistisch Verbond & verhullende statistieken

Dit weekeinde lever ik mijn tekst in voor mijn boek met homoseksuele en humanistische levensherinneringen. Dit zijn dus spannende dagen voor mij! In blogbericht 137 plaatste ik als voorpublicatie al de inleiding van mijn boek. Hieronder een bewerking van een eerdere voorpublicatie die heel veel gelezen is in Rusland en Oekraïne. Vermoedelijk omdat het laat zien hoe sommige kerken proberen hun aanhang veel groter voor te stellen dan die in werkelijkheid is. In de komende anderhalve maand kan er nog wat aan de teksten worden veranderd. Op 15 juni gaat de uiteindelijke tekst naar de uitgever en als alles goed gaat dan verschijnt het boek dit najaar.

Verhullende statistieken
In het dagblad Trouw van 11 oktober 2014 schreef Boris van der Ham, voorzitter van het Humanistisch Verbond, een behartigenswaardig artikel onder de titel "Religieuze kaart CBS deugt niet". Hieronder enkele aanhalingen.

"Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) publiceerde recent de 'religieuze kaart van Nederland'. Dit onderzoek hapert op veel punten". Hij noemt het feit dat alle, onderling zeer verschillende, islamieten op één hoop worden gegooid terwijl dat bij de christenen niet gebeurt. 

"Nog onzorgvuldiger wordt omgesprongen met niet-religieuze Nederlanders. Net als eerder bij het Sociaal en Cultureel Planbureau, worden zij als een amorfe groep behandeld: 47 procent van de Nederlanders! (...) Ook in andere landen wordt de groep niet-gelovigen groter en diverser: na het christendom en de islam zijn de 'ongebonden' wereldburgers de op twee na grootste levensbeschouwelijke groep in de wereld, nipt voor het hindoeïsme. (...) Humanisten en atheïsten hebben herhaaldelijk gevraagd naar een modernisering van de levensbeschouwelijke categorieën. Tevergeefs. Voor een goed begrip van onze samenleving moeten we de werkelijkheid als uitgangspunt nemen. Als de helft van de Nederlandse levensvisies stelselmatig wordt overgeslagen, levert dat scheve onderzoeks-resultaten op. Het wordt tijd de 50 procent 'niet-gelovigen' een gezicht te geven."

Als toenmalig voorzitter van het Humanistisch Verbond (1977-1987) heb ik er inderdaad herhaaldelijk op aangedrongen dat er een einde komt aan de verhullende statistieken van onder andere CBS en SCP. Hieronder geef ik enkele voorbeelden die terug te vinden zijn in het boek van Bert Gasenbeek en Floris van den BergRob Tielman, een begeesterd humanist (Breda 2010). De nummers van de bladzijden verwijzen naar dit boek.

Humanisme genegeerd
In 1983 schreef ik samen met Joos Sinke in het humanistisch wetenschappelijk tijdschrift Rekenschap: "Eén van de ernstigste verwijten die men Nederlandse sociale onderzoekers mag maken is, dat zij bijna stelselmatig het bestaan van het humanisme als geestelijke stroming genegeerd hebben. Een zeer kwalijk voorbeeld daarvan is Goddijn die het gepresteerd heeft om in een herhalingsonderzoek in 1979 het humanisme te 'vergeten', terwijl het eerste onderzoek al aangetoond had dat in 1969 9% van de mannen, en 5% van de vrouwen humanist waren. Men stelle zich eens voor dat een onderzoeker een geestelijke stroming met vergelijkbare omvang zoals de gereformeerden weggelaten zou hebben: een storm van kritiek zou losbarsten! Maar nu kwamen alleen protesten van humanistische zijde. 

Zoals Van Praag het heeft uitgedrukt: 'Wat daar tegen het humanisme aan onkunde, geborneerdheid en hooghartigheid wordt uitgespeeld grenst aan het ongelooflijke. Niet dat humanisten in de geestelijke begeleiding een claim leggen op wie dan ook; mondige mensen laten zich niet claimen en humanisten willen dat niet. Maar humanisten aanvaarden het ook niet dat christenen een monopolie van geestelijk leven opeisen, dat in de geestelijke werkelijkheid geen grondslag heeft.' " (Blz. 72).

Humanisme niet meer weg te denken   
In 1986 schreef ik in Rekenschap: "Kon in 1966 nog 7% tot de humanistische stroming gerekend worden, in 1978 was dat gestegen tot 14%, in 1983 tot 18% en in 1985 tot 23%. Als men bedenkt dat in 1982 de katholieke stroming 29%, de hervormde 16% en de gereformeerde 8% van de volwassen bevolking omvatte, dan zal het duidelijk zijn dat de humanistische stroming uit de Nederlandse samenleving niet meer weg te denken valt (hoewel veel sociale onderzoekers dat nog steeds trachten)." (Blz. 126).

Ontkerkelijking
In 1987 stelde ik in mijn oratie "Humanistische sociologie: een paradox als paradigma" (Utrecht 1987): "Onlangs gepubliceerd onderzoek naar ontkerkelijking en verzuiling maakt duidelijk hoezeer de officiële statistieken op dit gebied achterlopen bij de feitelijke maatschappelijke ontwikkelingen. 

Rekende in 1960 nog ongeveer 80% van de bevolking zich tot een kerkgenootschap, nu, in 1987, blijkt bijna de helft van de Nederlandse volwassenen buitenkerkelijk. De laatst-gehouden volkstelling (uit 1971) registreert 25% buitenkerkelijken: bijna de helft van wat er nu aan buitenkerkelijken blijkt te bestaan. In een aantal grote gemeenten blijken er twee tot drie keer meer buitenkerkelijken te wonen dan de gemeentelijke bevolkings-administraties hebben geregistreerd. Die registraties blijken veel meer de kerkelijke gezindte van de ouders bij de geboorte van hun kinderen weer te geven dan de huidige situatie onder de inmiddels volwassen geworden kinderen, waardoor deze registraties een generatie achterlopen. Mede omdat deze cijfers doorwerken in de verdeling van onderwijsvoorzieningen, blijken grote delen van ons land (vooral in het westen en zuiden) meer dan 20% ondervertegenwoordiging van het openbaar en algemeen bijzonder onderwijs te kennen." (Blz. 137).

Humanisme als hoofdstroming in Nederland
In 2008 schreef ik samen met Bert Gasenbeek in het tijdschrift Civis Mundi in het artikel "Humanisme: de hoofdstroming van Nederland": "Het klassieke misverstand in godsdienstsociologisch onderzoek is dat het kerklidmaatschap (meestal opgelegd door geboorte!) als richtinggevend model voor andere geestelijke stromingen wordt gehanteerd. Het is dus niet voldoende om een simpele vraag te stellen naar iemands godsdienst of kerklidmaatschap omdat dit niets zegt over de daadwerkelijke affiniteit met een geestelijke stroming. Er moet een duidelijk onderscheid gemaakt worden tussen enerzijds georganiseerde godsdienst en levensbeschouwing (beweging) en anderzijds achterliggende geestelijke opvattingen (stroming). 

Doet men een dergelijk onderzoek waarbij niet alleen met etiketten wordt gewerkt maar ook met achterliggende opvattingen en daadwerkelijk gedrag, dan blijkt dat 40% van de volwassen Nederlanders zich verwant voelt met het humanisme, dat 10 tot 15% gebruik maakt van humanistische voorzieningen en dat 13% het humanisme van doorslaggevend belang vindt voor de toekomstige ontwikkeling van de samenleving tegen 12% voor het protestantisme, 9% voor het katholicisme en 8% voor de islam." (Blz. 204). Daar komt nog bij dat het aantal islamieten in Nederland stelselmatig te hoog werd en wordt ingeschat: zie mijn blogbericht over Turkse troebelen. Er wonen in Nederland geen miljoen islamieten maar enkele honderdduizenden minder.

Verhullende statistieken
Dit gesjoemel met statistieken door godsdienstsociologen heeft er onder andere toe geleid dat twee derde van het Nederlandse basis- en voortgezet onderwijs godsdienstig is en maar een derde openbaar of vergelijkbaar pluriform onderwijs is, terwijl dat eerder andersom zou moeten zijn. Toch is maar de vraag of het verhullen van feiten gunstig is geweest voor de kerken. In de eerste plaats werden de grote kerken hierdoor lang in slaap gesust en toen de feitelijke ontkerkelijking niet meer te ontkennen viel, was het al te laat om de ontwikkeling te stuiten als dat al mogelijk was geweest.

In de tweede plaats heeft de oververtegenwoordiging van godsdienstig onderwijs een averechts gevolg gehad. Op 7 december 2012 schreef ik in blogbericht 23 over mijn onderwijsverleden: "Sociologen vragen zich wel eens af hoe het komt dat tweederde van de Nederlanders op katholieke of protestante scholen heeft gezeten terwijl in feite maar eenderde van de Nederlanders kerkelijk blijkt te zijn. Ik vermoed op grond van mijn eigen ervaring dat het godsdienstig onderwijs een weerstandswerver tegen godsdienst moet zijn geweest."

Ik ben het dus geheel met Boris van der Ham eens dat een einde moet komen aan de eenzijdige aandacht voor de godsdiensten en aan het verhullen van de niet-godsdienstige levensbeschouwingen!





Naschrift: in mijn blog plaats ik onder andere conceptteksten voor mijn memoires die najaar 2016 als boek zullen verschijnen. Mijn eigen blogteksten zal ik niet steeds als citaat aanhalen. Dat doe ik wel met het aanhalen van eigen teksten die elders zijn verschenen, met bronvermelding. 


zaterdag 23 april 2016

140. Brexit? Schotland Exit!

Het Verenigd Koninkrijk hoort tot de top tien landen waar mijn blog gelezen wordt. Ik heb mij in het verleden in mijn blog kritisch uitgelaten over Engeland. Bijvoorbeeld over de homovijandige invloed die Engeland in het verleden heeft gehad op grote delen van de wereld. Betekent dit dat ik er voorstander van ben dat de Britten de Europese Unie gaan verlaten: de Brexit?

Homovijandig verleden
Ik heb eerder in blogbericht 19 aandacht besteed aan het Britse homovijandige verleden. Hieronder geef ik dat in hoofdlijnen weer. Het kwam allemaal in de openbaarheid tijdens het proces in 1895 tegen Oscar Wilde. Door dat proces kreeg een Engelse uitdrukking voor homoseksualiteit bekendheid: "the love that dare not speak its name". In Groot Brittannië stond tot 1861 de doodstraf op seks tussen mannen en daarna bleef homoseks (ook tussen volwassenen) strafbaar tot 1967. In Nederland eindigden al deze straffen in 1811 met dank aan de Franse en Bataafse Revoluties.

In de toenmalige Britse wetgevingsdiscussie speelde het begrip sodomy een belangrijke rol. Het is een onterechte verwijzing naar het bijbelverhaal over Sodom en Gomorra want dat gaat niet over homoseksualiteit maar over schending van het gastrecht door verkrachting.  Zie mijn hoofdstuk: "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). 

Homovijandige invloed wereldwijd
Ruim twintig jaar geleden heb ik onderzoek gedaan naar de sociale en juridische positie rond homoseksualiteit in alle landen ter wereld. Zie de World Survey on the Social and Legal Position of Gays and Lesbians; in: The Third Pink Book; Buffalo NY, 1993; 247-342. Een belangrijke bevinding was dat anti-homoseksuele wetgeving vooral te vinden was in dertig landen met een islamitische meerderheid (in negen landen gepaard gaand met de doodstraf!) en in veertig landen die de homovijandige wetgeving uit Groot Brittannië in koloniale tijden opgelegd hadden gekregen.

Ik heb mijn onderzoeksgegevens nog eens gelegd naast een hedendaags overzicht van homo/lesbische rechten per land en dan blijkt dat de volgende landen de van oorsprong Britse strafbaarstelling van homoseksualiteit nog altijd kennen: Antigua, Bangladesh, Barbados, Botswana, Brunei, Birma, Cook Eilanden, Gambia, Ghana, Grenada, Guyana, India, Jamaica, Kameroen, Kenia, Kiribati, Malawi, Maleisië, Maldiven, Mauritius, Namibië, Nauru, Nigeria, Oeganda, Pakistan, Papoea-Nieuw-Guinea, Saint Lucia, Seychellen, Sierra Leone, Singapore, Solomon Eilanden, Sri Lanka, Soedan, Tonga, Trinidad, Tuvalu, Zambia en Zimbabwe.

Ik herinner mij uit eigen ervaring in de jaren tachtig de homosauna's in Amsterdam en Bangkok waar mannen vrijelijk met elkaar konden omgaan terwijl tegelijkertijd in mannensauna's in de nabij gelegen steden Londen en Singapore de seksuele spanning te snijden was. Omdat de spionnen van de politie overal rondliepen.  Die hadden kennelijk niets beters te doen of kwamen wellicht op die manier aan hun trekken. Gelukkig zijn er steeds meer landen waar homo/lesbische netwerken bij de politie bestaan.  Die voorkomen een hoop ellende binnen en buiten de politie.

Er zijn enkele voormalige Engelse kolonies die de strafbaarstelling van homoseksualiteit aanvankelijk opgelegd kregen maar later afschaften.  De sociale weerstand echter nog altijd groot in (delen van) Australië, Canada, India, Nieuw Zeeland, Verenigde Staten en Zuid-Afrika. Alleen het laatste land heeft van alle bovengenoemde landen net zoals Nederland een landelijk geldende grondwettelijke gelijkberechtiging en openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Inmiddels heeft Engeland maart 2014 ook het huwelijk opengesteld maar woedt de homohaat voort in de voormalige Engelse kolonies...

Opvallend is dat vooral de Afrikaanse landen in dit lijstje roepen dat homoseksualiteit een koloniaal westers verschijnsel zou zijn. Terwijl het juist de aan hen opgelegde Britse homovijandige wetgeving is geweest die een einde wilde maken aan de vele tradities van Afrikaanse (en Aziatische) gelijkgeslachtelijke riten en relaties. En dan heb ik het nog niet gehad over de Amerikaanse fundamentalistische christenen die de homohaat in Afrika aanjagen, zoals in OegandaNigeria en D.R.Congo. Over kolonialisme gesproken!

Brexit?
Betekent dit alles dat ik de Britten nu liever zie vertrekken uit de Europese Unie? Integendeel! Want het zijn juist de Raad van Europa en de Europese Unie geweest die er toe hebben bijgedragen dat de wetgeving in Engeland, Schotland en Wales aanzienlijk homovriendelijker is geworden. En het is juist de meest eurokritische partij UKIP die het meest homovijandig is.

Er is nog een andere reden waarom ik Brexit nu in mijn blog aan de orde stel. Zoals mijn vaste lezers weten, woon ik in Friesland en houd ik mij in mijn blog bezig met de plaats van minderheidstalen in Europa. Het is dankzij de Europese Unie dat meer aandacht wordt besteed aan de rechten van minderheidstalen. Dat is een reden waarom Schotland in grote meerderheid tegen de Brexit is. Mocht het Verenigd Koninkrijk toch voor een Brexit kiezen dan is de kans groot dat Schotland alsnog er voor kiest om uit het Verenigd Koninkrijk te stappen. Het opvallende is dat de meeste Nederlandse en buitenlandse media daar vrijwel geen aandacht aan besteden. Vooral veel Engelse media voeren een hetze tegen de EU zonder er bij te vertellen dat een exit van Schotland door hun gestook dichterbij komt.

Mediakritiek
Gezien de onkritische houding van grote delen van de Nederlandse en buitenlandse media hoort dit blogbericht thuis in mijn serie over mediakritiek. Mijn vorige blogbericht, Referendum? Schijnvertoning!, paste daar ook in. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de nummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, 111 over Columnist in de Gaykrant en 52 over Het monster Trotteldrom.  



Naschrift: op 5 mei 2016 werden in het Verenigd Koninkrijk lokale verkiezingen gehouden. In de meeste Nederlandse media werd alleen aandacht besteed aan de verkiezing van een nieuwe burgemeester in Londen. Nu blijkt dat de Schotse Nationale Partij in het Schotse parlement voor de derde keer de grootste partij is geworden, wordt er meer aandacht besteed aan een mogelijk vertrek van Schotland uit het Verenigd Koninkrijk na een mogelijke Brexit. Nu maar hopen dat dit ook doordringt tot de Engelse media. Een treurig voorbeeld van Britse anti-Europese stemmingmakerij: Boris Johnson vergelijkt beleid Europese Unie met dat van Hitler.

zaterdag 16 april 2016

139. Referendum? Schijnvertoning!

Omdat mijn blog in Oekraïne veel wordt gelezen (inmiddels ruim 4.000 keer bekeken), wil ik iets zeggen over het Nederlandse Oekraïne-referendum van woensdag  6 april 2016. Ik bied als Nederlander mijn verontschuldigingen aan voor deze schandelijke schijnvertoning. Anders dan de meeste media ons willen doen geloven, heeft de overgrote meerderheid van de Nederlandse bevolking zich niet tegen het associatieverdrag tussen de Europese Unie en Oekraïne uitgesproken. Het ging slechts om 20% van de kiesgerechtigden en zelfs dat cijfer is nog aan de hoge kant, zoals ik hieronder zal uitleggen.

Associatieverdrag tussen EU en Oekraïne
Omdat mijn blog in meer dan 120 landen wordt gelezen, moet ik eerst even uitleggen waar het over gaat. Het is in de eerste plaats een handelsverdrag zoals de EU er vele heeft gesloten. Die verdragen worden bij meerderheid besloten en dat betekent dat Nederland als één van de 28 lidstaten van de EU het verdrag niet kan tegenhouden. Alleen al om deze reden was dit raadgevend referendum een misleidende schijnvertoning die nooit had mogen plaatsvinden. In de tweede plaats ging dit referendum niet over een toetreding van Oekraïne tot de EU terwijl veel stemmers daar wel van uit gingen. Ook om deze reden had dit referendum nooit in deze vorm gehouden mogen worden. Er had een inleiding tot de vraag in moeten zitten waarin duidelijk gemaakt werd dat aansluiting bij de EU niet aan de orde was en is. Waarover Nederland wel vetorecht heeft, is het beperkte gedeelte van het verdrag dat o.a. gaat over de bestrijding van corruptie, de bevordering van mensenrechten en de versterking van de rechtstaat. Dat zijn zaken waar een verstandige democraat niets tegen kan hebben. Door het ontbreken van een inleiding tot de vraag kon bij velen het misverstand ontstaan dat het referendum ging over een mogelijke uittreding van Nederland uit de EU. Een uittreding die blijkens representatief onderzoek door de meerderheid van de Nederlanders niet gewenst wordt.

Mediamissers
In het dagblad Trouw van zaterdag 9 april 2019 staat op bladzijde 10 de volgende zin in een bericht van de "redactie politiek" over het referendum van woensdag 6 april 2016: "Een meerderheid van de Nederlanders stemde toen tegen het associatieverdrag van de EU met Oekraïne." Het feit dat misschien wel de beste krant van Nederland dergelijke feitelijke onzin verkondigt geeft te denken. Veel Nederlandse en buitenlandse media maakten zich hieraan schuldig. Ik zet de fouten voor alle zekerheid nog even op een rijtje.

Niet alle Nederlanders zijn kiesgerechtigd
Veel media hebben het over Nederland alsof alle Nederlanders kiesgerechtigd zijn. Dat is niet zo omdat minderjarigen en in Nederland (vaak al heel lang) woonachtige buitenlanders niet kiesgerechtigd zijn. Slordigheden als deze, kenmerken veel media waarin met het grootste gemak over "DE Nederlander" gesproken wordt terwijl ik in mijn Tresoar-lezing uitvoerig heb uitgelegd dat die niet bestaat. Men kan hooguit spreken van een meerderheid van de kiesgerechtigde Nederlanders.

Er heeft geen meerderheid tegengestemd
De overgrote meerderheid (twee derde) van de kiesgerechtigde Nederlanders heeft helemaal niet gestemd. Dat is het grootste aantal ooit in de Nederlandse geschiedenis. Slechts 20% van de kiesgerechtigde Nederlanders heeft tegen het associatieverdrag gestemd. De initiatiefnemers van dit referendum vinden zichzelf geweldig democratisch. Er wordt zelfs gesproken van "de wil van het volk". Dit kenmerkt de ondemocratische aard van dit referendum. Ik heb al eerder gewaarschuwd tegen de opvatting dat democratie de dictatuur van de meerderheid zou zijn.

Ik schreef daarover in blogbericht 34: "Deze misvatting bestaat vaak in schijndemocratieën zoals China, Rusland en Turkije. Maar ook in Nederland leeft dit misverstand, zoals blijkt uit gezegden als "de meeste stemmen tellen" en "de kiezer heeft altijd gelijk". Dat mag waar zijn als het gaat om de kleur van de straatverlichting maar het geldt niet als mensenrechten geschonden worden. Democratie is niet de dictatuur van de meerderheid maar de maatschappelijke vormgeving van het beginsel dat mensen zelf zin en vorm mogen geven aan hun leven zolang zij het recht op zelfbeschikking van anderen niet aantasten. Dit beschermt individuen en minderheden tegen onverdraagzame meerderheden." Hoe kon dit Oekraïne-referendum er toe leiden dat Nederland gegijzeld werd door een minderheid?

Nederland is gegijzeld door een minderheid van 20%
Gezien de vele misverstanden over de vraagstelling denk ik dat het aantal Nederlanders dat tegen het EU-verdrag hebben gestemd zelfs lager is dan de 20% van de kiesgerechtigden. Daar komt nog bij dat die 20% tegenstanders dit alleen maar hebben kunnen bereiken omdat 10% voorstanders wel gestemd hebben waardoor de 30% norm voor rechtsgeldigheid op het nippertje bereikt werd. En dan zijn er nog politici en media die durven te stellen dat dit een duidelijke uitslag is.

Veel voorstanders van het EU-verdrag met Oekraïne hebben niet gestemd in de hoop dat daardoor de drempel van 30% kiezers niet gehaald zou worden. De les die Nederland hier uit kan leren, is dat het gebruik van kiesdrempels tot ondemocratische gevolgen kan leiden door strategisch stemmen: het wegblijven bij verkiezingen. De beste oplossing is dat, ongeacht het aantal mensen dat gestemd heeft, een meerderheid van meer dan de helft van al de stemgerechtigden vereist is om een referendum te winnen. 

Als er één ding duidelijk geworden is dat de overgrote meerderheid van de kiesgerechtigde Nederlanders niet tegen dit verdrag hebben gestemd waar de democratisch gekozen regering al toe besloten had. Dit roept de vraag op hoe democratisch referenda zijn.

Is directe democratie een betere democratie?
In blogbericht 34 schreef ik: "In theorie wel maar in de praktijk meestal niet. De meeste burgers zwichten voor de verleiding om minder belasting te willen betalen en tegelijkertijd meer dienstverlening van de overheid te verwachten. Uit eigen ervaring in Californië weet ik dat dit rampzalig kan aflopen. In deze tijden van privatisering hebben velen de neiging om zich niet als burgers maar als consumenten te gedragen. Maar de staat is niet een willekeurig bedrijf dat je in de steek kunt laten door naar een concurrent te lopen. De overheid dat zijn wij zelf en we kunnen niet onbeperkt uitgeven zonder voor inkomsten te zorgen. Daarom kiezen wij volksvertegenwoordigers die het gemeenschappelijk welbegrepen eigenbelang in de gaten moeten houden. Dat bestuur kun je niet overlaten aan verwende kinderen die steeds hun zin willen krijgen zonder rekening te houden met de onbedoelde gevolgen daarvan. Daarom moeten goede bestuurders geen willoze werktuigen zijn maar burgers op hun gedeelde verantwoordelijkheid wijzen. Anders gezegd: democratie is niet voor verwende bangeriken!" De Nederlandse regering en volksvertegenwoordiging doen er dan ook goed aan om dit raadgevend referendum in het belang van de Nederlandse, de Europese en de Oekraïense democratie weloverwogen naast zich neer te leggen.

Plofkippen en mensenrechten
De initiatiefnemers hebben zelf toegegeven dat het hen helemaal niet om Oekraïne ging maar om een opstap naar uittreding van Nederland uit de EU. In goed Nederlands heet dat volksverlakkerij. Uit een onderzoek van Ipsos is gebleken dat een meerderheid van de Nederlanders tegen een referendum is om uit de EU te treden en bijna twee derde tegen een Nederlands vertrek uit de EU.

De drie partijen die dit kiezersbedrog ondersteunden, hebben hierdoor hun ware aard onthuld. Het treurigst vind ik nog de splinterpartij die het belang van Oekraïense plofkippen belangrijker vindt dan de mensenrechten van de homo/lesbische minderheid in Oekraïne die in gevaar zouden komen als de tegenstanders hun zin zouden krijgen. Ik zwijg dan nog maar over de neppartij, waarvan alleen de leider en niemand anders lid kan worden, die in Nederland doet alsof zij homovriendelijk is maar in Europa samenwerkt met homovijandige partijen. En dan is er nog een voorheen communistische partij die zich kennelijk zo verwant voelt met de ex-communist Poetin dat ze liever hem naar de mond praten dan te luisteren naar de wensen van de meerderheid van het Oekraïense volk. Tezamen vertegenwoordigen zij geen meerderheid in de Nederlandse volksvertegenwoordiging maar zij zijn niet te beroerd om te doen alsof zij namens de Nederlandse bevolking spreken.    

Mediakritiek
Gezien de onkritische houding van grote delen van de Nederlandse en buitenlandse media hoort dit blogbericht thuis in mijn serie over mediakritiek. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de nummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, 111 over Columnist in de Gaykrant en 52 over Het monster Trotteldrom.  


Naschrift
Op 12 mei 2016 ontving ik van Trouw onderstaand bericht.

Geachte heer Tielman,

Zaterdag 16 april j.l. heeft u mij een e-mail gestuurd, waarvoor ik u, helaas met enige vertraging, alsnog hartelijk dank zeg.

In het betreffende bericht verwees u naar uw blog waarin u kritiek uitte op een zinsnede in Trouw inzake het in Nederland gehouden referendum van 6 april. De redactie politiek van Trouw berichtte zaterdag 9 april over dit referendum:  ‘Een meerderheid van de Nederlanders stemde toen tegen het associatieverdrag van de EU met Oekraïne’. Naar aanleiding hiervan schreef u onder meer: ‘Het feit dat misschien wel de beste krant van Nederland dergelijke feitelijke onzin verkondigt, geeft te denken. Veel Nederlandse en buitenlandse media maakten zich hieraan schuldig’.

De chef van de politieke redactie, aan wie uw opmerking is voorgelegd, heeft als volgt gereageerd: ‘Formeel heeft de heer Tielman gelijk. Het is ongelukkig geformuleerd. Er had beter kunnen staan dat de meerderheid van de Nederlanders die de moeite namen te stemmen, het associatieverdrag met Oekraïne afwezen. Slordig dus van ons’.

Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Met oprecht excuus voor de late reactie mijnerzijds.

Hoogachtend,
Met vriendelijke groet,
Adri Vermaat