zaterdag 25 juni 2016

149. Brexit? Referendum exit!

In blogbericht 140 schreef ik: Brexit? Schotland exit! Inmiddels is duidelijk geworden dat een kleine Britse meerderheid heeft gestemd voor uittreding van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. De opkomst in Schotland en Noord-Ierland (overwegend voorstanders van de EU) was uiterst laag. Als die opkomst hoog was geweest dan was Groot-Brittannië waarschijnlijk in de EU gebleven. Anders gezegd: veel Schotten en Noord-Ieren hebben om strategische redenen niet gestemd om zo alsnog uit het Verenigd Koninkrijk te kunnen stappen. Brexit lijkt op het eerste gezicht een overwinning voor de Engelse nationalisten maar zal mogelijk eindigen in hun nederlaag. Wat leert ons dit over het nut en onnut van het referendum? En wat zijn de gevolgen voor de homo/lesbische en humanistische Britten?

Waarom is het referendum een ongericht projectiel?
In blogbericht 139 schreef ik: Referendum? Schijnvertoning! Door strategisch thuis te blijven, hoopten Nederlandse voorstanders van het associatieverdrag van de EU met Oekraïne de opkomst onder de 30% te houden waardoor het referendum ongeldig zou worden. Dat lukte net niet. Daardoor ontstond de toestand dat een kleine groep van 20% tegenstanders geholpen door een nog kleinere groep van 10% voorstanders die wel gingen stemmen de rest van de bevolking kon gijzelen als ware zij een meerderheid. Nu het strategisch wegblijven van de stembus ook in Groot-Brittannië is toegepast, roept dat de vraag op hoe betrouwbaar een referendum is als het niet de werkelijke verhoudingen weergeeft.

Daar komt bij dat een referendum gekaapt kan worden waardoor de stemming niet meer gaat over het onderwerp waarover het lijkt te gaan. Eerdere referenda in Nederland over de Europese grondwet en het associatieverdrag met Oekraïne werden verkapte stemmingen voor of tegen de EU. En verkapte stemmingen voor of tegen de zittende Nederlandse regering. Dit Britse referendum werd gekaapt door tegenstanders van migratie. Dieptepunt was de affiche met een stroom vluchtelingen uit het Midden-Oosten terwijl het verlaten van de EU daar niets aan zal veranderen want Groot-Brittannië hoort nu al niet tot het Schengen-gebied en die stromen vluchtelingen zullen niet minder worden als de Britten uit de EU verdwijnen. Het was dus misbruik of zelfs aanwakkeren van vreemdelingenhaat.

Britse tegenstanders van de EU verklaarden deze stemming tot een onafhankelijkheidsdag van Groot-Brittannië. De ironie van de geschiedenis is dat deze uitslag na het vertrek van Schotland en (delen van) Noord-Ierland wel eens het einde van een Groot- en het begin van een Klein-Brittannië kan gaan worden. Zij verwezen herhaaldelijk naar Noorwegen en Zwitserland die dankzij hun associaties met de EU wel de voordelen en niet de nadelen van een EU-lidmaatschap zouden hebben. Maar zij vergaten er bij te vertellen dat Noorwegen en Zwitserland nu EU-beslissingen moeten volgen waarover zij helemaal niet hebben kunnen meebeslissen. Het vertrek uit de EU betekent dus niet meer maar minder Britse macht. Dat was dus weer een voorbeeld van volksverlakkerij.

Gevolgen voor homo/lesbische en humanistische Britten
Britse tegenstanders van de EU riepen ook regelmatig dat zij af willen van uitspraken van Europese rechters. Wat de homo/lesbische en andere mensenrechten betreft is dat ook onkunde of volksverlakkerij want de mensenrechtenverdragen zijn geen aangelegenheid van de EU maar van de Raad van Europa. Het vertrek van de Britse Europarlementariërs is wel een aderlating voor de homo/lesbische en humanistische bewegingen in de EU omdat die vaak op de steun van uitstekende Britse Europarlementariërs konden rekenen.

Homo/lesbische en humanistische Britten hebben buiten de EU wel meer te lijden van de Britse gewoonte om democratie op te vatten als de dictatuur van de meerderheid: 'the winner takes all'. Door het Angelsaksische districtenstelsel kan dat er toe leiden dat verspreid wonende minderheden worden achtergesteld. De EU waakt juist over de rechten van minderheden. Wonend in Friesland kan ik daar over meepraten. Zelfs in het veel verdraagzamer Nederland (vergeleken met Engeland) worden de rechten van minderheden wel eens verwaarloosd. Nog een reden om waakzaam te zijn tegen de neiging om een zwart/wit-referendum als het toppunt van democratie te zien: het versterkt de polarisatie en de neiging om democratie als dictatuur van een meerderheid op te vatten. Het grote voordeel van een parlementaire democratie is dat men al polderend tot een compromis komt dat meer recht doet aan zoveel mogelijk mensen om zelf zin en vorm te geven aan het eigen leven zolang men de mensenrechten van anderen respecteert. Samenvattend: Brexit is voor homo/lesbisch en humanistische Britten geen feestdag!




zaterdag 18 juni 2016

148. Homo/lesbische vooruitgang (3)

Op 12 juni 2016 vond de grootste aanslag ooit plaats op een homo/lesbische bijeenkomst. Bij het bloedbad in Orlando in Florida (VS) werden van de ongeveer 300 homo/lesbische bezoekers zeker 49 gedood en 53 gewond, waarvan enkele zeer ernstig. De schutter, Omar Mateen, was een 29-jarige Amerikaan van Afghaanse afkomst die kennelijk worstelde om zijn homoseksualiteit te doen overeenstemmen met zijn islamitische achtergrond. Zijn vrouw wist naar eigen zeggen van zijn plannen en was er bij aanwezig toen hij het wapen kocht maar ging niet naar de politie. Wereldwijd werd deze aanslag afgekeurd en in vele tientallen steden vonden herdenkingen plaats. De International Humanist and Ethical Union veroordeelde de aanslag en riep op om wereldwijd de homohaat aan te pakken. Zoals ik eerder schreef in mijn blog is homoseksualiteit in zo'n zeventig landen strafbaar waarvan in negen islamitische landen met de doodstraf. Waarom plaats ik dit rampzalige bericht toch in mijn serie over homo/lesbische vooruitgang? Omdat de geschiedenis leert dat de homo/lesbische beweging hier onder bepaalde voorwaarden sterker uit kan komen.

Strafbaarstelling leidde tot oudste nog bestaande homo/lesbische beweging
In 1811 werd met dank aan de Franse en de Bataafse Revolutie de doodstraf op homoseks afgeschaft in de Nederlandse gewesten. In 1911 zorgde een meerderheid van christelijke partijen er voor dat homoseks weer strafbaar werd in Nederland tussen meerderjarigen (21 en ouder) en minderjarigen: artikel 248-bis WvS. Dat was voor jonkheer Jacob Schorer (1866-1957) aanleiding om het Nederlandsch Wetenschappelijk Humanitair Komitee op te richten. Het was het begin van de wereldwijd oudste nog bestaande homo/lesbische beweging.

Zoals ik beschreef in de blogberichten nummer 32 over Mijn eerste vriendje en nummer 37 over de Rampenzomer 1967 was artikel 248-bis bijna de nekslag geworden van mijn leven. Na mijn 21ste verjaardag zou ik voor het anderhalf jaar durende leeftijdsverschil met hem strafbaar zijn geweest met alle ernstige gevolgen van dien. Nu kwam er een afgedwongen einde aan onze relatie. Dit persoonlijk drama was voor mij een doorslaggevende reden om actief te worden in de homo/lesbische beweging. In 1971 werd dankzij die beweging het discriminerende artikel 248-bis afgeschaft, mede omdat de christelijke partijen toen geen meerderheid meer hadden in de volksvertegenwoordiging.

Homovervolging WO II stimuleerde homo/lesbische zelforganisatie
De homovervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog betekende het einde van het NWHK maar het begin van de voortzetting ervan in het COC. De man die deze twee organisaties verbond, was de verzetsstrijder Jaap van Leeuwen (1892-1978). Waar het NWHK zich beperkte tot het benaderen van sleutelfiguren en bondgenoten, voegde het COC daar de homo/lesbische zelforganisatie aan toe. Dit leidde niet alleen tot de afschaffing van artikel 248-bis maar ook tot steeds grotere gelijke behandeling, onder andere in de Grondwet van 1983, waaraan ik ook heb mogen bijdragen. Zie mijn blogbericht 105 over Homo/lesbische politiek.

Strijd tegen aids maakte een einde aan homoseksualiteit als ziekte
In diezelfde tijd dreigde een levensbedreigende ziekte een einde te maken aan de bereikte emancipatie. In blogbericht 115 beschrijf ik hoe de strijd tegen aids er toe leidde dat de
Wereldgezondheidsorganisatie WHO homoseksualiteit schrapte van de ziektelijst. Omdat de aidspreventie alleen goed kon werken als zoveel mogelijk mannen die seks hebben met mannen meewerken. En omdat homoseksualiteit geen ziekte is. Niet homoseksualiteit is het probleem maar de maatschappelijke veroordeling ervan.

Nabestaanden van slachtoffers aids versnelden openstelling huwelijk
In de jaren tachtig heb ik vele vrienden verloren die aan aids overleden. Dat leidde soms tot extra ellende omdat homovijandige families van de overledenen alsnog wraak wilden nemen op hun levenspartners door hen uit ziekenhuizen en van begrafenissen te weren. Ook was het erfrecht van mannenparen niet geregeld. Bij velen in de homo/lesbische beweging groeide het besef dat huwelijksgelijkberechtiging noodzakelijk was om de rechten van beide partners te beschermen.

De wereldwijde beweging tot openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht is zeer succesvol. Die beweging begon in Nederland (2001) en ging door in België (2003), Spanje (2005), Zuid-Afrika (2006), Noorwegen (2009), Zweden (2009), Portugal (2010), IJsland (2010), Argentinië (2010), Denemarken (2012), Brazilië (2013), Frankrijk (2013), Uruguay (2013), Nieuw-Zeeland (2013), Engeland (2014), Wales (2014), Schotland (2014), Luxemburg (2015), Verenigde Staten (2015), Ierland (2015), Colombia (2016) en Finland (2017). Wat kunnen wij hier van leren?

Tegenwind kan je vooruit doen gaan
Zeilers weten dat je met tegenwind snel vooruit kunt komen dankzij een handig gebruik ervan. Hierboven gaf ik een paar voorbeelden hoe de homo/lesbische beweging tegenwind wist om te zetten in vooruitgang. In een volgend blogbericht zal ik uiteenzetten aan welke voorwaarden voldaan moet worden om dat tot stand te brengen. In ieder geval is het wel duidelijk dat het drama in Orlando er niet toe hoeft te leiden dat de homo/lesbische minderheid weer de kast in duikt!


Naschrift. Op 15 juni 2016 werd bekend dat Nederland en Uruguay een wereldwijde LHBTI-conferentie organiseren van 13 tot 15 juli 2016 in Montevideo.  Op 16 juni 2016 besloot de Europese Unie meer aandacht te besteden aan het bestrijden van discriminatie van lhbt. Op 17 juni 2016 verspreidt de Huffington Post een leuk filmpje over elkaar zoenende mannen voor mensen die daar moeite mee hebben. Op 19 juni 2016 bezochten 50.000 mensen een herdenking in Orlando van de slachtoffers. Op 22 juni 2016 schrijft PvdA Tweede Kamerlid Ahmed Marcouch in het dagblad Trouw dat islamieten homo's juist moeten beschermen in plaats van hen aan te vallen. Op 23 juni zetten de Democraten in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden een zitdemonstratie voort tegen de weigering van de Republikeinen om te stemmen over een wapenbeperking. 

vrijdag 10 juni 2016

147. Homo/lesbische vooruitgang (2)

ILGA Europe publiceerde onlangs Rainbow Europe: een overzicht van LGBTI-discriminatie in Europa. Nederland zakte daarin van de zevende naar de elfde plaats, achter Kroatië. En Malta eindigde op de eerste plaats. Toen dacht ik meteen: dat kan niet kloppen! Wat is er mogelijk fout gegaan in dat onderzoek?

Onderzoeksmethode deugt niet
Ik behoor tot de eersten die onderzoek hebben gedaan naar de juridische en sociale positie van homo/lesbische minderheden in alle landen van de wereld. Zie: World Survey on the Social and Legal Position of Gays and Lesbians; in: The Third Pink Book; Buffalo NY, 1993; 247-342. Ik heb er als socioloog toen bewust voor gekozen om niet alleen te kijken naar de juridische aspecten. Want een wetgeving mag nog zo mooi zijn (neem bijvoorbeeld Zuid-Afrika), de sociale positie kan zwaar tegenvallen. De eerste fout van dit ILGA Europe onderzoek is dat men zich tot de wetgeving heeft beperkt.

De tweede fout is dat homoseksualiteit op één grote hoop is gegooid met transgender en interseksualiteit. Ik begrijp heel goed dat om strategische redenen op deze gebieden wordt samengewerkt. Maar dat betekent nog niet dat het feitelijk hetzelfde is. Zo komt het in islamitische landen voor dat de doodstraf staat op homoseksualiteit maar dat transgender en interseksualiteit worden gedoogd. In de onderzoeksmethode die ILGA Europe heeft gebruikt, zou dat er toe leiden dat landen met de doodstraf op homoseksualiteit in die gevallen beter kunnen uitkomen dan landen die geen doodstraf hierop kennen. Deze werkwijze is dus geen betrouwbare methode om de houding jegens homoseksualiteit te meten.

De derde fout is dat ILGA Europe met een puntensysteem werkt dat een grote exactheid suggereert (met twee cijfers achter de komma!) terwijl deze cijfers boterzacht zijn. De maatschappelijke werkelijkheid is veel ingewikkelder dan de juridische. En zelfs die is minder eenduidig dan die lijkt. Zo wordt bijvoorbeeld in de Nederlandse grondwet het woord homoseksualiteit niet genoemd maar blijkt uit de wetgeving overduidelijk dat die er wel onder valt. En bovendien hoort Nederland tot de weinige landen waarin rechters niet aan de grondwet mogen toetsen maar wel aan de uitwerking daarvan in de wet gelijke behandeling, waarin homoseksualiteit wel genoemd wordt.

Malta, Kroatië en Nederland
De gekozen onderzoeksmethode leidt tot onwerkelijke gevolgtrekkingen. Zo eindigt Malta op de eerste plaats met 87,75% (!) terwijl uit Europees onderzoek uit 2006 nog bleek dat Malta tot de slechtst scorende landen behoorde. Zo was slechts 18% voor openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht, slechts 7% voor adoptie door paren van gelijk geslacht en slechts 32% zei homo/lesbische vrienden of kennissen te hebben. Men maakt mij niet wijs dat die homonegativiteit in tien jaar tijd is omgeslagen in een positieve houding ten aanzien van homoseksualiteit die de hoofdprijs verdient. Hetzelfde geldt voor Kroatië dat als tiende eindigt met respectievelijk de schamele cijfers van 17%, 9% en 9%. Nederland dat als elfde eindigde scoorde het beste met respectievelijk 82%, 69% en 68%. Nederland scoorde in dat Europese onderzoek op alle punten het beste. Ik noem als voorbeelden: "Homoseksuele mannen en lesbische vrouwen moeten vrij zijn om hun leven te leiden zoals zij dat willen", "Een seksuele relatie tussen twee personen van hetzelfde geslacht is helemaal niet verkeerd",  "Het homohuwelijk zou toegestaan moeten worden" en "De adoptie van kinderen door homoseksuele stellen moet geaccepteerd worden". ILGA Europe straft de beste jongetjes en meisjes van de klas met een elfde plaats!

Openstelling huwelijk als toetssteen
Maar zelfs al zou je je beperken tot de juridische werkelijkheid dan klopt het onderzoek nog niet. Neem als voorbeeld de openstelling van het huwelijk van paren van gelijk geslacht. Dat is toch een goede toetssteen om discriminatie te meten. Ik noem hieronder de jaartallen en Europese landen waar het huwelijk is opengesteld met daarachter de ranking van ILGA Europe. Dat leidt tot opvallende verschillen: (!). 2001 Nederland (11!), 2003 België (2), 2005 Spanje (5), 2009 Noorwegen (8), 2009 Zweden (12!), 2010 Portugal (6), 2010 IJsland (14!), 2012 Denemarken (4), 2013 Frankrijk (9), 2015 Luxemburg (19!) en 2015 Ierland (17!). En nog het meest opmerkelijke: het als eerste eindigende land Malta heeft het huwelijk nog helemaal niet opengesteld! Er is wel een geregistreerd partnerschap maar een bewijs van best gedrag is dat toch niet waard. Luxemburg eindigde als negentiende. Dat is lager dan vier landen die het huwelijk nog niet opengesteld hebben: Kroatië (10!), Oostenrijk (13), het zeer homovijandige Griekenland (15!) en Hongarije (18) eindigen boven het homovriendelijke Luxemburg. ILGA Europe zou zich voor dit onderzoek moeten schamen!


Naschrift: zie voor het vervolg Homo/lesbische vooruitgang (3).

zaterdag 4 juni 2016

146. Homo/lesbische vooruitgang (1)

Gaat de strijd voor homo/lesbische gelijkberechtiging nu vooruit of achteruit? Nogal wat mensen denken dat het achteruit gaat. Klopt dat wel als je naar de feiten kijkt? En werkt ILGA Europe in Brussel mee aan een onterecht slechte beeldvorming?

Sociaal en Cultureel Planbureau
Het Nederlands Sociaal en Cultureel Planbureau doet sinds midden jaren zestig onderzoek naar de positie van de homo/lesbische minderheid in Nederland. Daardoor weten we dat het aantal Nederlanders dat vindt "dat men homoseksuelen niet vrij moet laten om hun leven te leiden zoals zij dat willen" van 1969 tot 2008 is gedaald van 25% tot onder de 10%.

De steun voor homo/lesbische zelfbeschikking is in heel Europa met 92% het hoogst in Nederland, Zweden en Denemarken. En verreweg het laagst in Rusland (29%), Roemenië (31%), Oekraïne (33%), Turkije (35%), Letland (37%), Kroatië (39%), Estland (41%), Slowakije (43%), Hongarije (44%) en Polen (51%). In 2012 publiceerde het SCP een onderzoek waaruit bleek dat 17% van de homo/lesbische Nederlanders zich onveiliger is gaan voelen. Is dat gevoel van achteruitgang in het homovriendelijkste land van Europa wel gebaseerd op feiten?

LHBT-monitor 2016
Naar aanleiding van IDAHOT, International Day Against Homophobia, Transphobia and Biphobia, 2016 publiceerde het SCP de LHBT-monitor 2016. Ook daaruit blijkt dat er in Nederland sprake is van vooruitgang. Dacht in 2006 nog 15% negatief over homo- en biseksualiteit, in 2014 was dat gedaald tot 7%. En het positieve denken over homo- en biseksualiteit steeg van 53% in 2006 tot 70% in 2014.

Het meest negatief wordt gedacht over twee mannen of twee vrouwen die elkaar in het openbaar zoenen. In 2006 vond 50% het aanstootgevend als twee mannen elkaar zoenen in het openbaar. Dat is in acht jaar gedaald tot 33%: van de helft tot een derde. Bij twee vrouwen die elkaar zoenen daalde dat van 34% in 2006 tot 23% in 2014. In het openbaar zoenen van hetero's vond 12% aanstootgevend. Er valt nog wat vooruitgang te boeken maar er is dus geen sprake van achteruitgang.

Buitenlandse herkomst?
Komt dat gevoel van achteruitgang misschien door de beeldvorming over Nederlanders met een buitenlandse herkomst? Bij velen bestaat het idee dat mensen met een buitenlandse herkomst een bedreiging vormen voor homo/lesbische gelijkberechtiging. In het verleden was er geen representatief sociaalwetenschappelijk onderzoek over homoseksualiteit onder culturele minderheden. Dankzij de LHBT-monitor 2016 zijn die gegevens er nu wel. De uitspraak dat homoseksuele mannen en lesbische vrouwen hun leven moeten kunnen leiden zoals zij dat willen, wordt de gesteund door 57% Somaliërs, 65% Turken, 68% Marokkanen, 75% Polen, 84% Antillianen/Arubanen, 85% Surinamers en 92% Nederlanders van herkomst. Dat is in alle groepen een meerderheid voor homo/lesbische zelfbeschikking!

De uitspraak dat het goed is dat homoseksuelen met elkaar mogen trouwen, wordt (wat herkomst betreft) gesteund door 27% Somaliërs, 30% Marokkanen, 35% Turken, 44% Polen, 62% Antillianen/Arubanen, 67% Surinamers en 83% Nederlanders. De uitspraak "ik zou het een probleem vinden als mijn kind een vaste partner heeft van hetzelfde geslacht" wordt (wat herkomst betreft) gesteund door 78% Marokkanen, 76% Turken, 66% Somaliërs, 44% Polen, 29% Antillianen/Arubanen, 29% Surinamers en 11% Nederlanders. Dat maakt wel duidelijk dat er nog een hoop te doen is, zeker in het onderwijs, maar het plaatje is toch genuanceerder dan de gangbare beeldvorming dat alle mensen van buitenlandse herkomst een bedreiging zouden vormen voor homo/lesbische gelijkberechtiging.   

Meer geweld of meer aangiftebereidheid?
Er is in de media meer aandacht voor antihomoseksueel geweld maar dat wijst eerder op een grotere aangiftebereidheid dan op een werkelijke toename van geweld. De SCP LHBT-monitor 2016 meldt dat er sprake is van een afnemend respectloos gedrag door onbekenden jegens homoseksuelen: van 34% in 2012 tot 27% in 2014. Vrijwel de meesten voelen zich veiliger en worden naar eigen zeggen minder respectloos behandeld. Dat neemt niet weg dat antihomoseksueel gedrag nog steeds voorkomt, zoals bijvoorbeeld onlangs tegen twee vrouwen in Groningen waar de politie en de burgemeester flinke steken lieten vallen. Maar dat rechtvaardigt nog niet het standpunt van ILGA Europe in Brussel dat Nederland zijn koppositie in Europa zou hebben verloren. Daarover meer in mijn volgende blogbericht: Homo/lesbische vooruitgang (2).


zaterdag 28 mei 2016

145. Blog meer dan 100.000 keer bekeken!

Mijn blog is nu in meer dan 120 landen ruim 100.000 keer bekeken. De toptienlanden met de meeste lezers zijn op dit ogenblik: 1. Nederland, 2. de Verenigde Staten, 3. Rusland, 4. België, 5. Oekraïne 6. Duitsland, 7. Frankrijk, 8. Zweden, 9. Brazilië en 10. het Verenigd Koninkrijk. Het aantal lezers van mijn blog in Vlaanderen staat op de vierde plaats mede dankzij Het Roze Huis in Antwerpen dat wekelijks mijn blog plaatst.

De belangrijkste vijf websites die naar mijn blog verwijzen, zijn: 1. www.google.nl  2. www.google.com, 3. www.itnijs.frl, 4. www.google.be en 5. www.hetrozehuis.be . Het meest voorkomend zoekwoord is Nederlands wereldtaal. Tenzij anders vermeld, vinden de meeste lezers mijn blog dankzij Google.

De meest gelezen onderwerpen
Hier de toptien aan thema's die de lezers tot nu gekozen hebben om te lezen: 1. intimiteit en erotiek tussen mannen, 2. humanisme, 3. mijn eigen homoverleden, 4. Friesland, 5. mediakritiek (de sterkste stijger!), 6. wereldwijde homovervolging, 7. Nederlands wereldwijd,  8. homoseksualiteit in Nederland, 9. Amerika en 10. racismediscussie.

Deze volgorde vloeit voort uit de populariteit van de meest gelezen blogberichten. Voor ieder thema noem ik vervolgens de meest gelezen berichten binnen dat thema, ook in volgorde van populariteit.

1. Intimiteit en erotiek tussen mannen
Deze serie scoort het hoogst. Opmerkelijk genoeg, vooral in homovijandige landen. De best bekeken blogberichten in deze serie zijn: 98 over Liever homo-erotiek dan homoporno, nummer 90 over Homo-erotiek in mannengroepen, nummer 92 over Homo-erotische sporters, nummer 99 over Homo-erotisch mannennaakt, nummer 96 over de vraag: Wat is (homo)porno? (2), nummer 89 over Gay Twins, nummer 93 over Mannennaakt dat geen porno is, nummer 95 over de vraag: Wat is (homo)porno? (1), nummer 80 over de World Press Photo 2014, en nummer 84 over Mannenparen. De berichten over homo-erotiek worden meer gelezen dan die over homoporno.

2. Humanisme
Het meest gelezen humanistisch bericht is nu nummer 65 over Verhullende statistieken. Vooral in Rusland was hier veel belangstelling voor: mogelijk vanwege de groeiende macht van de Russisch-orthodoxe kerk. Als tweede binnen dit thema eindigt nu nummer 24 over Pieter Admiraal (1929-2013) die wereldwijd een belangrijke rol speelde in de strijd voor legalisering van vrijwillige euthanasie. Dit bericht wordt in deze groep gevolgd door blogbericht 41 uit mijn humanistisch verleden over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia, nummer 55 over Godsdienstwaanzin, nummer 119 over IHEU & de Verenigde Staten, nummer 103 over Solidariteit, nummer 123 over IHEU & Engeland, nummer 7 over KGB & CIA, nummer 25 onder de titel Godgeklaagd!, en nummer 46 over Jaap van Praag, grondlegger van de humanistische beweging. De berichten over de IHEU zijn omhoog geschoten: vanwege de onthullingen daarin misschien?

3. Mijn eigen homoverleden
Bovenaan staat blogbericht 32 over Mijn eerste vriendje. De andere berichten over mijn persoonlijk homoverleden die goed bekeken werden, waren nummer 45 over Gerard Reve & Antoine Bodar, nummer 37 over Rampenzomer 1967, nummer 28 over mijn eigen Homojeugd, nummer 40 over Benno Premsela, een nieuwe vader, nummer 74 over Valse nichten, nummer 47 over een Leerzaam avontuur, nummer 39 over hoe ik werd Gered door een studentendecaan, nummer 108 over Homodok, Homologie, Urania, Vrolijk & Schorer en nummer 104 over Mijn rol in het COC. Deze blogberichten zijn terug te vinden in mijn memoires die komend najaar als boek verschijnen.

4. Friesland
Het best bekeken blogbericht over Friesland is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys, nummer 81 over de Fryske taalfrede, nummer 114 over Identiteit als keuze en nummer 109 over Fryske taalfrede op 'e nij bedrige veel bekeken. De Fryske webside It Nijs.frl besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts, In deze serie blogberichten vonden geen verschuivingen plaats. Nieuw is het bericht 143 over Friesland in mijn memoires, in het Fries te lezen via: Fryslân yn myn tinzen.

5. Mediakritiek
Deze serie is het sterkst gestegen. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, nummer 52 over Het monster Trotteldrom en de nieuwkomer 139 over Referendum? Schijnvertoning! (de snelste stijger in deze groep).

6. Wereldwijde homovervolging
Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat wordt in deze groep gevolgd door bericht 19 over de noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging, door het (sterkst op de ranglijst gestegen!) bericht 72 over misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit, door bericht 64 over homohaters, door bericht 4 over levensgevaarlijke preutsheid, door bericht 79 over Alan Turing (1912-1954), door bericht 5 over mijn ervaringen in Rusland, door bericht 66 over de film Pride, door bericht 6 over homoseksualiteit in Rusland, Cuba en China en door nummer 86 over: Homovijandig Rusland lijdt nederlaag.

Wie behoefte heeft aan positieve berichten op dit gebied verwijs ik naar de alsmaar groeiende huwelijksgelijkberechtiging. En ook naar mijn betoog dat door de meesten ten onrechte wordt aangenomen dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor bijbelse overwegingen om homohaat te bestrijden.

7. Nederlands wereldwijd
De groep blogberichten over de positie van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd wordt vooral gelezen dankzij de opleidingen Neerlandistiek die van mijn blog gebruik maken. In deze groep werd het meest gekeken naar blogbericht 71 over Nederlands wereldtaal? gevolgd door nummer 17 over Disadvantaged by English, door nummer 22 over Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, nummer 12 over Handicapé par la francophonie, nummer 20 over over de Engelse vijandschap tegen het Nederlands: No Dutch please!, nummer 102 over Grenzenloos Nederlands, nummer 13 over Afrikaner identiteit, nummer 11 over Frankrijk & Nederland en nummer 10 over Vlaanderen & Nederland. In deze serie blogberichten vonden geen verschuivingen plaats.

8. Homoseksualiteit in Nederland
Als hoogste eindigde in deze serie het blogbericht 51 over Homostudies. Binnen deze categorie gevolgd door de berichten 78 over Homoseks en jongeren (de sterkste stijger in deze groep), 114 over Identiteit als keuze, 72 over Misleidend onderzoek ontstaan homoseksualiteit,  60 over Homovoorlichting, 36 over Lesbisch ouderschap, 59 over Homojongeren, en 138 over Mijn homoseksuele media optredens. Uit deze blogberichten blijkt dat nog heel veel voorlichting over homoseksualiteit gegeven moet worden. Een veel bekroonde film die daar zeer geschikt voor is: Jongens.

9. Amerika
Het aantal Amerikaanse lezers van mijn blog is het grootst na die uit Nederland. In deze groep berichten werd het blogbericht 16 over Hans Brinker and a finger in a leaking dike het meest gelezen. Daarna gevolgd door blogbericht 15 over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam. Ook veel bekeken werd blogbericht 18 over Dangerous stamps! Met dank aan Postzegelblog want postzegels kunnen heel veel onthullen over een land, in dit geval de Verenigde Staten. Tenslotte moeten genoemd worden nummer 119 over IHEU & de Verenigde Staten, nummer 101 over American Democracy 101 en nummer 67 over American paradoxes.

10. Racismediscussie
Deze groep berichten staat nu op de tiende plaats dankzij mijn reacties op het debat over Zwarte Piet: blogbericht 61 over Racisme? en nummer 69 over Divagedrag tegen Zwarte Piet werkt averechts. Dit laatste bericht is nu ook beschikbaar in Friese vertaling: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts. De soms vermeende discriminatie op grond van afkomst speelde ook een rol in blogbericht 70 over de Turkse troebelen (1) (de sterkste stijger in deze groep). Lezers van dit laatste bericht kwamen vooral binnen via het landelijk platform voor openbaar onderwijs CBOO. Het nieuwste bericht in deze serie is nummer 110: Strategische blunders door 'antiracisten'.

zaterdag 21 mei 2016

144. Is homo-nieuws geen nieuws?

Dinsdag 17 mei 2016 was IDAHOT, de International Day Against Homophobia, Transphobia and Biphobia. Op deze dag werd in meer dan 130 landen herdacht dat op 17 mei 1990 de Wereldgezondheidsorganisatie WHO besloot dat homoseksualiteit geen ziekte is. In 2015 werden op die dag 1600 bijeenkomsten gehouden door bijna 3000 organisaties. De juiste aantallen over 2016 heb ik nog niet gezien maar de kans is groot dat u er vorig jaar even weinig over gehoord heeft als dit jaar. Is homo-nieuws voor de meeste media geen nieuws?

Geen nieuws
Het is geen nieuws dat homoseksualiteit nog steeds strafbaar is in ruim tachtig landen. In bijna de helft daarvan is dat het gevolg van de negentiende-eeuwse Engelse koloniale wetgeving, vooral in Afrika. In al die landen gezamenlijk woont ongeveer 40% van de wereldbevolking, ofwel bijna drie miljard mensen. In tien islamitische landen bestaat nog de doodstraf op homoseks. Met name homovijandig Rusland timmert in de Verenigde Naties aan de weg met het willen bevorderen van anti-homodiscriminatie, gelukkig tot nu toe zonder succes. Zo kwam vanwege IDAHOT-2016 vanuit de Verenigde Naties een nieuwe verklaring tegen de pogingen om homoseksualiteit weer als een ziekte te benaderen. Dit bericht was wel nieuws. Helaas haalde dit niet de Nederlandse media.

Wereldwijd nieuws
Dat was gelukkig wel het geval met het voornemen van de president van Mexico om het huwelijk in het hele land open te stellen voor paren van gelijk geslacht. Maar dat dit gebeurde vanwege IDAHOT-2016 werd er niet altijd bij vermeld. In de Nederlandse media vond ik geen aandacht voor de openingstoespraak in Kopenhagen van kroonprinses Mary van Denemarken van het Europese IDAHO Forum 2016 waarin zij zich heel duidelijk uitsprak voor gelijke rechten. Iets dat ik nog weinig leden van koninklijke huizen heb zien doen. Dat Europese Forum is is overigens een Nederlands initiatief uit 2013 waarbij koningin Maxima aanwezig was: toch ook een teken van solidariteit.

Volgens het persbericht over IDAHOT-2016 werden in veel landen regenboogvlaggen gehesen aan overheidsgebouwen om te laten zien dat homorechten ook mensenrechten zijn. Opvallend is ieder jaar weer dat er nog steeds gemeentebesturen zijn die daar moeilijk over doen. Dat maakt alleen maar duidelijk hoe belangrijk het is dat hieraan aandacht wordt besteed. Ik noem een paar voorbeelden van landen die er voor mij uitsprongen. In de eerste plaats Cuba waar vooral dankzij Mariela Castro veel vooruitgang is geboekt en IDAHOT-2016 veel aandacht krijgt. Zuid-Afrika is het enige land in Afrika waar sprake is van grondwettelijke en huwelijksgelijkberechtiging. Tijdens IDAHOT-2016 werd er op gewezen dat er helaas in Zuid-Afrika nog altijd sprake is van veel geweld tegen de homo/lesbische minderheid. In Australië werd op grote schaal paars gedragen tijdens  IDAHOT-2016 en lijkt het er op dat het huwelijk voor paren van gelijk geslacht eindelijk wordt opengesteld.

In Nederland geen nieuws?
IDAHOT-2016-Nederland ging, voor zover ik heb kunnen nagaan, onopgemerkt in de media voorbij. Het COC-persbericht hierover vermeldt onder andere veel sportevenementen waar de regenboogvlag werd gehesen, de wandelingen voor jong en oud door de ouderenalliantie 50+, en roze gezinnen die verwelkomd werden op een aantal scholen. Nieuw was de Walk of Love door de Utrechtse binnenstad die begon bij de op 15 juni 1999 door mij onthulde gedenksteen op het Domplein ter herinnering aan de daar begonnen sodomietenvervolging van 1730/31 zoals ik beschreven heb in mijn proefschrift 'Homoseksualiteit in Nederland' (1982). Ik ben blij met deze toenemende aandacht voor homo/lesbische geschiedenis.

Het enige nieuws dat de meeste Nederlandse media haalde in de dagen voorafgaand aan IDOHOT-2016 was het verschijnen van de LHBT Monitor 2016 van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). In het persbericht van het SCP werd nadrukkelijk vermeld dat dit rapport verscheen naar aanleiding van IDAHOT-2016 maar dat was in de media die ik gezien heb geheel weggevallen. Hoe komt het toch dat veel media van het ene naar het andere incident hobbelen zonder aandacht te besteden aan de voorgeschiedenis en de onderlinge wereldwijde samenhang? In een volgend blogbericht besteed ik meer aandacht aan dit SCP-rapport over de homo/lesbische sociale positie: homo/lesbische vooruitgang (1).

Gezien de lakse houding van grote delen van de Nederlandse media hoort dit blogbericht thuis in mijn serie over mediakritiek. In deze serie passen ook de recente blogberichten over Turkse troebelen (2), Brexit? Schotland Exit! en Referendum? Schijnvertoning!. Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de nummers 34 over Vijf misverstanden over democratie, 74 over Valse nichten, 63 over Mediamissers, 4 over Levensgevaarlijke preutsheid, 44 over Mediamanipulatie, nummer 56 over de Mediawet van schijnbare achteruitgang, 62 over Geschiedvervalsing, 111 over Columnist in de Gaykrant en 52 over Het monster Trotteldrom


Naschrift: weer een voorbeeld van goed homo/lesbisch nieuws dat de Nederlandse media niet gehaald heeft: op 27 juni 2016 heeft de Europese Unie overeenstemming bereikt over het bestrijden van discriminatie van de homo/lesbische minderheid in Europa.

zaterdag 14 mei 2016

143. Friesland in mijn memoires

Op 1 mei 2016 leverde ik de tekst in voor mijn boek met levensherinneringen dat dit najaar verschijnt. In blogbericht 136 gaf ik een overzicht van mijn homoseksuele en humanistische herinneringen die ik al in mijn blog publiceerde. In dit bericht een voorpublicatie van een deel van mijn tekst over Friesland.

Het best bekeken blogbericht over Friesland is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys, nummer 81 over de Fryske taalfrede, nummer 114 over Identiteit als keuze en nummer 109 over Fryske taalfrede op 'e nij bedrige veel bekeken. De Fryske webside It Nijs.frl besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts,

Friesland in mijn memoires
Waarom was en is Friesland zo’n warm bad voor mij? Om die vraag te beantwoorden, ben ik in de Friese geschiedenis gedoken. De vroegste geschiedschrijving over Frisia is afkomstig van de Romeinen. Die vonden de zompige gebieden langs de kust van de Noordzee onbewoonbaar, van wat nu Vlaanderen is tot aan hedendaags Denemarken. Maar de toenmalige Friezen wisten die gebieden toch bewoonbaar te maken. Eerst door terpen te maken, vanaf vijf eeuwen voor onze jaartelling. Die terpen in woelige zeewateren bij vloed kan men nu nog bewonderen: de Halligen, in wat nu Noord-Friesland in Duitsland is, worden nog dagelijks zo door de zee omringd. Deze wil om de natuur niet haar gang te laten gaan maar maakbaar landschap in te richten, werd vanaf omstreeks het jaar 1000 verder in de praktijk gebracht door de eerste polderdijken aan te leggen. Die kunnen nu nog bewonderd worden: de 126 km lange West-Friese Omringdijk en de 42 km lange Friese Slachtedyk. Voorts werd het water van vijand tot bondgenoot gemaakt door visserij en handel per zeevaart. In het huidige Friese landschap is de rol van het water als vervoersmiddel per boot nog terug te vinden in de talloze vaartjes die de boerderijen met de dorpen en stadjes verbonden.

Weinig Nederlanders weten dat de Friezen de uitvinders van niet alleen de polders maar ook van het poldermodel zijn. De Nederlandse uitdrukking ‘op z’n elfendertigst’ verwijst daarnaar: eerst moesten de Friese elf steden en dertig grietenijen (regio’s) geraadpleegd worden voor er besluiten genomen konden worden. Er was een welbegrepen eigenbelang om gezamenlijk de dijken hoog en de binnenwateren laag te houden om overstromingen te voorkomen. Van al het Europees poldergebied ligt de helft in Nederland en met name de Randstad leeft grotendeels onder de zeespiegel. Juist daar zou men daar iets meer waardering verwachten voor het door de Friezen uitgevonden polderen in plaats van elkaar steeds in de (a)sociale media de tent uit te vechten.

Dit aardrijkskundig verleden heeft grote invloed gehad op de Friese cultuur. De landbouw was niet in handen van feodale heersers maar van vrije boeren die geen heersers boven zich duldden. De handel was in handen van vrije burgers in stadjes die een open levenshouding ontwikkelden. Dankzij de zeevaart via Zuider-, Noord- en Oostzee kwamen zij in aanraking met ander talen en culturen. Veeltaligheid met de daarbij behorende culturele openheid is nog steeds een kenmerk van het hedendaagse tweetalige Friesland. Het waterrijke gebied was daarenboven slecht toegankelijk voor vreemde indringers. Anders dan West-Friesland dat door de Hollanders veroverd werd, kon Friesland dankzij de gewonnen slag bij Warns in 1345 (die nog altijd bij mij in de buurt herdacht wordt) de Friese taal en vrijheid veilig stellen. Anders dan de meeste geschiedschrijving ons wil doen geloven, was de dood van Bonifatius geen roofmoord maar de verdediging van de vrije Friezen tegen een gewelddadige poging om de christelijke godsdienst op te leggen (Luit van der Tuuk, De Friezen, 2013).

Pas onlangs heeft de Britse historicus Michael Pye met zijn boek over The Edge of the World: How the North Sea Made Us Who We Are (2014) aangetoond dat de Friezen een opmerkelijke rol hebben gespeeld na het instorten van het Romeinse Rijk. De Romeinen dreven liever handel met de Friezen als bondgenoten dan hun hele moeilijk toegankelijke woongebied te bezetten. Slechts het dunbevolkte gebied ten zuiden van de Rijn werd door de Romeinen ingenomen. Utrecht en Dorestad (nabij het huidige Wijk bij Duurstede) werden op die grens belangrijke Friese handelsplaatsen. Nadat het Romeinse Rijk ingestort was, zetten de onafhankelijk gebleven Friezen de handel langs Noord- en Oostzee voort. Zij waren het die de verdwenen Romeinse geldhandel met eigen munten overnamen. Daarmee werden zij de voorlopers van de latere Hanze. Zo werden de Friezen met hun vroegmiddeleeuwse handel de grondleggers van de latere welvaart in Noordwest-Europa.

Toen ik in de jaren zeventig college gaf aan eerstejaarsstudenten aan de Sociale Faculteit in Utrecht was ik mij van deze Friese geschiedenis niet bewust. Maar ik wist voldoende van de Nederlandse geschiedenis om te weten dat het beeld niet klopte dat veel sociologen hadden van de vroege gemeenschappen voorafgaand aan de moderne maatschappij. Het waren vooral Duitse sociologen die ervan uitgingen dat de vroegere gemeenschap (‘Gemeinschaft’)  besloten en feodaal van karakter was tegenover de moderne maatschappij (‘Gesellschaft’). In Nederland was dat anders. Daar leefden boeren die niet feodaal overheerst werden en burgers in vrije stadjes die volop handel dreven met andere culturen. Dat waren, zo betoogde ik in mijn colleges, voorbeelden van open gemeenschappen. Jannewietske de Vries knoopte dat als een van mijn studenten in de oren en gebruikte de Friese term ‘iepen mienskip’ als gedeputeerde van Friesland (2007-2015) om met succes de aanvrage te onderbouwen om van Leeuwarden in 2018 Culturele Hoofdstad van Europa te maken. Zij vertelde mij dat op 28 oktober 2015 toen zij mij als inmiddels bekende ‘nije Fries’ in de kerk van Molkwar interviewde over mijn familieverleden. Toen werd ook duidelijk dat de meneer De Vries waarover ik sprak in de hieronder afgedrukte Tresoar-lezing, haar vader Bareld de Vries is, die ik kende vanuit het openbaar onderwijs. Zo is een van de kenmerken van de kleinschaligheid in Friesland dat de onderlinge verwevenheid tot grote onderlinge betrokkenheid leidt.

Waarom plaats ik de Tresoar-lezing van vrijdag 13 mei 2011 in Leeuwarden in dit boek? Deze lezing werd door mij uitgesproken ter gelegenheid van de overdracht van het niet-humanistische deel van mijn archieven aan het Frysk Histoarysk en Letterkundich Sintrum Tresoar. Mijn humanistische archieven waren al eerder via het Humanistisch Archief overgedragen aan Het Utrechts Archief. In deze Tresoar-lezing komen mijn opvattingen over humanistische, homoseksuele en Friese identiteiten samengevat tot uitdrukking. De lezing is daarmee een synthese van al het voorafgaande.



Naschrift: zie voor een Friese vertaling van het bovenstaande: Fryslân yn myn tinzen.