zaterdag 21 april 2018

240. Antihomogeweld (1)

Op 9 april 2018 kregen vier Arnhemmers lage taakstraffen voor antihomogeweld. Op die kwalijke zaak zal ik in een volgend blogbericht ingaan. Maar eerst wil ik het vooroordeel wegnemen dat antihomogeweld in Nederland zou toenemen. Wat gelukkig toeneemt is de aangiftebereidheid van de slachtoffers. En dat zijn overigens niet alleen homo's maar ook mannen die daarvoor worden aangezien. Hieronder een persoonlijke ervaring op dit gebied.

Voorzitter Humanistisch Verbond
Ik was voorzitter van het Nederlandse Humanistisch Verbond van 1977 tot 1987. Het HV was toen een zendgemachtigde met eigen radio- en televisie-uitzendingen. Midden de tachtiger jaren moest ik een vergadering voorzitten van de radio- en televisiecommissie van het HV. Ik reed aan het eind van de middag van mijn werk aan de universiteit in Utrecht op weg naar Hilversum. Plotseling besefte ik dat ik de vergaderstukken nog niet had gelezen. Om dat snel nog even te doen, stopte ik op de toenmalige parkeerplaats Bosberg langs de A27.

Homo-ontmoetingsplaats Bosberg
Ik wist dat de Bosberg een homo-ontmoetingsplaats was waar vooral 's avonds veel, vaak met een vrouw getrouwde, homomannen met een dubbelleven contact zochten. Het was een stralende middag in mei en ik verwachtte daarom weinig homobezoek. Bovendien had ik wel iets anders aan mijn hoofd: ik moest in sneltreinvaart de vergaderstukken lezen.

Een scheldende politieagent
Vanwege het mooie weer had ik mijn raampje open staan. Plotseling begon een mannelijke politieagent tegen mij te schreeuwen vanuit een politiewagen. Hij zat achter het stuur. Naast hem, dus het dichtst bij mij, zat een vrouwelijke agent, ook met het raampje open. Zij zei tijdens zijn geschreeuw helemaal niets maar zij was een belangrijke getuige. De man schreeuwde dat ik hier niets te zoeken had en dat hij mijn kenteken aan mijn vrouw zou doorgeven. Ik bleef heel rustig en antwoordde dat ik zijn kenteken zou doorgeven aan de burgemeester van Hilversum. Omdat ik daar geboren was en tot mijn achttiende daar gewoond had, wist ik dat de Bosberg op Hilversums grondgebied ligt. Hij reed snel weg.

Homologie
Nadat ik zijn kenteken had opgeschreven, vroeg ik mij af hoe hij kon weten dat ik homo ben terwijl hij mij kennelijk niet kende. Ik was in die tijd voorzitter van de stichting die het wetenschappelijk tijdschrift Homologie uitgaf. Daarin stond veel informatie over het vak homostudies dat in die tijd populair was onder studenten. Als voorzitter van 1982 tot 1992 van de Interfacultaire Werkgroep Homostudies Utrecht was ik daar zeer nauw bij betrokken. Toen zag ik dat ik het laatste nummer met de grote kop Homologie op de zogenaamde hoedenplank achterin mijn auto had liggen. Dat raadsel was dus opgelost.

Brief aan de burgemeester
Omdat mij dit overkwam terwijl ik als voorzitter van het HV bezig was mijn stukken te lezen, schreef ik op briefpapier van het HV een brief aan de burgemeester. Daarin vroeg ik hem of dit gedrag gebruikelijk was bij de politie in Hilversum. En ik vroeg om een gesprek.

Telefoontje van inspecteur Stormbroek
Kort daarop werd ik gebeld door politie-inspecteur Stormbroek (nomen est omen). Hij bood zijn verontschuldigingen aan voor het gedrag van de agent. De verhoogde politiecontrole daar was het gevolg van het feit dat de Bosberg werd geplaagd door een bende maar dat niemand aangifte wilde doen. Ik verklaarde mij graag bereid om die bende te helpen op te rollen en we maakten aanstaande vrijdag een afspraak op het politiebureau in Hilversum.

Gesprek met Stormbroek
Het leek wel alsof het politiekorps de mooiste man had uitgezocht om met mij te spreken. Ik legde mijn strategie in het kort uit. Twee of drie onopvallende wagens met telkens twee politiemannen in burger zouden bij beginnende duisternis zich gespreid opstellen op de Bosberg. Zodra er sprake was van geweld konden zij de daders op heterdaad oppakken.

Het plan was geslaagd maar dreigde te mislukken
Maandagochtend hing inspecteur Stormbroek weer aan de lijn op mijn werk. Ze hadden dat weekeinde meteen mijn plan toegepast en inmiddels een tiental jongemannen uit het zeer nabijgelegen Loosdrecht opgepakt. Die hadden toegegeven dat zij mannen hadden beroofd, met dagen en tijdstippen erbij. Alleen: er was geen enkele aangifte gedaan en zonder dat kon de politie niets uitrichten. Ik zegde toe om homobars in de omgeving te benaderen om een tekst te verspreiden dat zij anoniem konden doorgeven aan een doorkiesnummer bij de politie op welke dagen en tijden zij waren overvallen en beroofd. Als die data klopten met de bekentenissen dan kon er juridisch worden vervolgd. De bareigenaren werkten mee.

Voldoende aangiftes binnen gekomen
Er kwamen voldoende anonieme aangiftes door om een tiental te vervolgen. Het bleek om een informeel netwerk te gaan van leerlingen uit een vmbo-school. De slachtoffers waren overwegend mannen die met een vrouw getrouwd waren en hun homoseksualiteit geheim wilden houden. Zo zat er een rector tussen van een christelijke school voor voortgezet onderwijs. De daders werden veroordeeld en het beroven op de Bosberg was afgelopen.

Veel adviezen gegeven
Na dit succes ben ik veel gevraagd door gemeenten en door plaatselijke politiekorpsen om te adviseren over het oppakken van bendes van potenrammers. Maar na verloop van tijd merk je dat die kennis verloren gaat en dat het wiel vaak weer opnieuw moet worden uitgevonden. Sommige gemeenten kennen roze netwerken binnen de politie maar andere geven geen prioriteit aan het bestrijden van anthomogeweld. Uit onderzoek is gebleken dat 70% van LHBTI'ers te maken heeft gehad met een vorm van geweld, verbaal of fysiek. Het meest gewelddadig zijn jongens tussen 14 en 18 jaar, meestal in groepjes. Een overgrote meerderheid van 70% daarvan is al eerder met de politie in aanraking geweest. Het aantal aangiftes is tussen 2009 en 2016 gestegen van 428 tot 1295. Dat betekent niet dat er meer geweld is maar wel dat de aangiftebereidheid gestegen is. De algemene indruk is dat de politie en de justitie geen grote prioriteit geven aan het vervolgen van antihomogeweld.



Homoseksualiteit in Nederland
Als hoogste eindigde in deze serie het blogbericht 51 over Homostudies. Binnen deze categorie gevolgd door de berichten 114 over Identiteit als keuze, 78 over Homoseks en jongeren,  72 over Misleidend onderzoek ontstaan homoseksualiteit, nummer 144 over de vraag: Is homo-nieuws geen nieuws? (1) (de grootste stijger in deze groep), nummer 60 over Homovoorlichting, 128 over Homovluchtelingen, 162 over Homovoorlichting op school moet beter, nummer 36 over Lesbisch ouderschap en nummer 221 over #MeToo (2) Job Gosschalk (ook een grote stijger). Uit deze blogberichten blijkt dat nog heel veel voorlichting over homoseksualiteit gegeven moet worden. Een bekroonde film die daar zeer geschikt voor is: 'Jongens'. Dat geldt ook voor het korte tekenfilmpje 'In a Heartbeat'.



zaterdag 14 april 2018

239. Reformatorisch homohaten?

Eind maart 2018 verspreidde het Reformatorisch Dagblad een homovijandige folder waarin een afbeelding van twee zoenende mannen is doorgekruist. Deze behoudend protestantse krant steunde daarmee een groep die meent dat het heterogezin in gevaar zou zijn. Deze opvatting roept veel vragen op. Worden heterogezinnen bedreigd door regenbooggezinnen bestaande uit homo/lesbische ouders? Vormen dogmatische reformatorische gezinnen niet veel eerder een gevaar voor de geestelijke gezondheid van de daarin opgroeiende jongere vrouwen, homo's, lesbo's, bi's, transgenders en andersvoelenden en -denkenden? Kan deze uiterst homovijandige actie zich als een boemerang ook keren tegen homohaters? Wat zegt deze homohaat over hun eigen geestelijke gesteldheid? Brengt het Reformatorisch Dagblad hierdoor juist zijn eigen achterban in gevaar? Deze vragen zal ik hieronder beantwoorden.

Worden heterogezinnen bedreigd door regenbooggezinnen?
Zo de waard is, vertrouwt hij zijn gasten. De homo/lesbische beweging tracht helemaal niet de heterogezinnen te bedreigen. Maar omgekeerd trachten christelijke en islamitische partijen de homo/lesbische gelijkberechtiging wel degelijk aan te tasten. In 2017 werd het Regenboog Stembusakkoord ondertekend door alle seculiere partijen (minus de PVV) maar niet door alle christelijke en islamitische partijen. Het zijn ook die zelfde partijen die de gelijkberechtiging van de homo/lesbische meeroudergezinnen proberen tegen te houden.

Waar komt deze onterechte verdachtmaking vandaan? Ik kan maar één reden bedenken. Kennelijk zijn er nogal wat reformatorische gezinnen waarin iemand tegen zijn eigen seksuele voorkeur in onder grote sociale druk met een partner van het andere geslacht is getrouwd. Waarom zou een echte hetero zich door openlijke homo's bedreigd voelen?

Bedreigen dogmatische gezinnen geestelijke gezondheid?
Die godsdienstige groepsdruk is zo groot dat opgroeiende jonge vrouwen, homo's, lesbo's bi's, transgenders en andersvoelenden en -denkenden niet zichzelf kunnen zijn. Dat is een bedreiging van hun geestelijke gezondheid. Uit onderzoek is gebleken dat kinderen in veelvormige homo/lesbische relaties zich vrijer kunnen ontwikkelen en ook gelukkig zijn.

Kan getuigenisethiek averechts werken?
Veel godsdienstigen lijden aan getuigenisethiek. Dat betekent dat hun 'goede bedoelingen' zwaarder wegen dan de averechtse gevolgen. Het verbieden van homoseksualiteit, abortus, euthanasie, drugs en het invoeren van de doodstraf zijn daar duidelijke voorbeelden van.

Niet voor niets is Nederland een land waar de erkenning van het zelfbeschikkingsrecht er voor heeft gezorgd dat wij tot de gelukkigste landen ter wereld behoren. In landen waar godsdienst wordt opgedrongen, zijn mensen veel minder gelukkig en bestaat veel ellende of zelfs de doodstraf voor vrouwen, homo's, lesbo's, bi's, transgenders en ook humanisten.

Is homohaat een blijk van geestelijke ongezondheid?
Het is inmiddels een bekend verschijnsel dat mensen die emotionele weerzin tegen homo's hebben, vaak in homo's bestrijden wat zij in zichzelf proberen te onderdrukken. Degenen die deze ongezonde situatie een godsdienstige legitimatie verschaffen, veroorzaken niet minder maar meer ellende. Niet alleen voor zichzelf maar ook voor anderen die vervolgd worden. Er is nog steeds in Nederland sprake van antihomoseksueel geweld. Het zou het Reformatorisch Dagblad sieren als het meer aandacht besteedt aan het voorkomen van dit antihomoseksueel geweld dan aan het heimelijk en zelfs schijnheilig bevorderen ervan.

Is het Reformatorisch Dagblad een gevaar voor eigen achterban?
Maar er dreigt bovendien een groter gevaar voor de achterban van het Reformatorisch Dagblad. De overheid inschakelen om eigen godsdienstige bezwaren tegen homo/lesbische gezinnen op te dringen, kan er toe leiden dat vrouwen, homo's, lesbo's, bi's, transgenders en humanisten een coalitie gaan vormen. Zo'n coalitie kan vervolgens bepleiten om ook via de overheid de vrijheid in te perken van reformatorische gezinnen om door te gaan met hun voor de geestelijke gezondheid bedreigende opvoedingspraktijken in hun gezinnen.




Naschrift. In het dagblad Trouw van 14 april 2018 verklaart de hoofdredacteur van het Reformatorisch Dagblad dat het kruis op het pamflet verkeerd was. Over de secretaris van de hoofdredactie schrijft Trouw: "Achteraf vindt hij dat het RD deze folder beter niet had kunnen verspreiden." Er vindt overleg plaats over een eventuele pro-homo-advertentie.


Naschrift. Eerder schreef ik blogberichten over elkaar zoenende mannen (in volgorde van meest tot minst bekeken): nummer 85 over zoenende voetballers, nummer 87 over mannen die mannen zoenen en blogbericht nummer 124 over mannen die mannen tongzoenen.

Meest gelezen blogberichten over homoseksualiteit
Het meest gelezen blogbericht over homoseksualiteit is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Daarop volgen nummer 32 over mijn eerste vriendje, nummer 29 over de Russische homovervolging, nummer 45 over Gerard Reve en Antoine Bodar, nummer 37 over de rampenzomer 1967, nummer 19 over de wereldwijde Britse homovervolging, nummer 51 over Homostudies, nummer 40 over Benno Premsela, een nieuwe vader, nummer 78 over homoseks en jongeren, en als tiende, nummer 28 over mijn homojeugd.

Mediakritiek
Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 226 over Terugblik op 2017: populismegolf gestopt (grootste stijger in mijn blog), nummer 139 over Referendum? Schijnvertoning!, nummer 74 over Valse nichten, nummer 186 Populismegolf gestopt in Nederland (ook een grote stijger), nummer 34 over Vijf misverstanden over democratie, nummer 144 over de vraag: Is homo-nieuws geen nieuws? (1), nr. 184 over CDA-aanval op zelfbeschikking (1), bericht nummer 4 over Levensgevaarlijke preutsheid en nummer 63 over Mediamissers.



zaterdag 7 april 2018

238. Nederlanders worden optimistischer!

Op 30 maart 2018 maakte het Sociaal en Cultureel Planbureau de resultaten bekend van een door hen gehouden onderzoek. Gebleken is dat er nu (voor het eerst sinds tien jaar) meer Nederlanders optimistisch zijn dan degenen die pessimistisch zijn over de toekomst van Nederland. Er is een toegenomen vertrouwen in de rechtspraak, in de Tweede Kamer, in de regering, in de economie, in (vooral) de plaatselijke en (ook) in landelijke overheid.

Hiermee komt er hopelijk een einde aan het door (a)sociale media verspreide doemdenken dat niet op feiten gebaseerd is. Ik verwijs hiervoor naar de onderstaande zes paragrafen uit mijn blogbericht 226, Terugblik op 2017: populismegolf gestopt. Dit was mijn best bekeken blog uit de afgelopen vijfentwintig maanden. Feiten worden belangrijker dan nepnieuws!

Het onderzoeksrapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau
Op 12 december 2017 verscheen het SCP-onderzoek 'De Sociale staat van Nederland 2017' met een overzicht over de afgelopen 25 jaar. Ik citeer een paar koppen uit enkele media. "Kwaliteit van leven Nederlander in 25 jaar verbeterd" (www.nu.nl). "Nederlander is niet cynischer of rechtser geworden", "Vaak wordt gedacht dat ontevredenheid, cynisme en vreemdelingenhaat welig tieren. Dat is niet zo", "Betrokkenheid bij politiek neemt niet af", "Van de Nederlanders voelt 15 procent zich niet gehoord", "Veel minder vaak dan gedacht, wordt Nederland beheerst door 'boze burgers' " en "De opvatting over immigratie is mild, het vertrouwen in de politiek blijft hoog" (voorpagina van Trouw van 12 december 2017).

Positieve ontwikkelingen
Sinds 1990 is de levensverwachting sterk toegenomen: mannen leven zes jaar langer en vrouwen drie jaar. Het opleidingsniveau is zeer sterk gestegen: er zijn twee keer zoveel hoogopgeleiden (van 18% naar 36%) en het aantal laagopgeleiden daalde van 45% naar 23%. Sinds 1990 is de arbeidsdeelname van vrouwen gestegen van 45% naar 71% en ook zijn meer ouderen aan het werk. Het gemiddeld besteedbaar inkomen is (omgerekend in prijzen van 2016) gestegen van € 35.000 in 1990 tot € 42.000 in 2016. Nu vindt 85% van de bevolking dat zij in welvaart leeft. De criminaliteit is afgenomen en de zorgen daarover daalden van 90% in 1992 tot 65% nu. Meer mensen zijn gaan sporten en men gaat vaker met vakantie.

Woningen zijn gemiddeld van betere kwaliteit en meer mensen kochten een eigen huis. De tevredenheid over het functioneren van onze democratie is verdubbeld: in 1991 was 40% tevreden en in nu is dat 80%. Zorgen over waarden en normen waren in 1993 hoger dan nu.

De Nederlandse bevolking is in opvattingen niet rechtser geworden. In 1994 vond 49% dat er teveel migranten woonden; nu is dat gedaald tot 31% en de steun voor de opvang van vluchtelingen is gestegen tot 80% (de op Zweden na hoogste in de EU). Tegen een azc in de eigen omgeving is nu 16%. In 1992 had 9% een niet-westerse achtergrond, nu is dat 12%.

Het aantal voorstanders van de doodstraf was 40% in 1994 en dat is gedaald tot 25% nu. Het aantal voorstanders van de openstelling van het huwelijk voor partners van gelijk geslacht is gestegen van 87% in 2007 tot 94% in 2017. Het aantal voorstanders van gelegaliseerde abortus is gestegen van 60% in 1992 tot driekwart in 2017. Zo'n 15% voelt zich niet gehoord.

Vergelijking met het buitenland
Nederlanders zijn onverminderd tevreden met hun leven (gemiddeld 7,8) en zijn daarmee op vijf landen na de gelukkigste bevolking in de wereld. Het optimisme is 40% hoger dan pessimisme in Nederland en is daarmee de derde in Europa. Het vertrouwen in de regering en het parlement is hoger vergeleken met verreweg de meeste andere landen ter wereld.

Stabiel gebleven
Nederland is in de afgelopen jaren niet cynischer geworden. De groep allerarmsten is stabiel gebleven op 5% van de bevolking. Het SCP maakt zich zorgen over deze groep.

Negatieve ontwikkeling
De allerrijkste 1% had begin jaren negentig 3% van de inkomens. Nu is dat 5%. Toen vond 55% dat de inkomensverschillen kleiner moesten worden. Nu is dat gestegen tot 75%.

Rol van de media
Het SCP constateert dat de beeldvorming van veel Nederlanders veel negatiever is dan de werkelijkheid. Het SCP wijst op de rol van veel (a)sociale media die dit negatieve beeld hebben veroorzaakt. Dit sluit aan bij mijn kritiek op deze media in onderstaande serie.

Een ander citaat
Tot zover een citaat uit blogbericht 226. Over citaten gesproken: een van mijn meest aangehaalde teksten is de volgende: "Het vermogen zelf zin en vorm te geven aan het eigen bestaan kenmerkt Nederland van vroeger tot heden, van onder tot boven. Het scheppen van land uit zee, het opbouwen van een internationaal handelsnetwerk, het tot stand brengen van vrijheid en verdraagzaamheid in een wereld van geweld van godsdienstig fanatisme: kortom, van het moeras een paradijsje maken." (Dit citaat komt uit mijn artikel "Is Nederland van God los?" uit Civis Mundi, jrg. 33, nov.1998, blz. 125).

Daar is in de afgelopen twintig jaar vaak schamper over gedaan. Door mijn vele reizen over de wereld wist ik uit eigen ervaring dat Nederland er veel beter voor stond en staat dan sommige navelstarende en klagende Nederlanders ten onrechte meenden. Ik geef slechts één voorbeeld om aan te tonen dat zij er naast zaten: homoseksualiteit als toetssteen.

Sinds de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht in 2001 in Nederland is dit goede voorbeeld van mensenrechten voor iedereen door meer dan dertig (delen van) landen wereldwijd gevolgd. Landen die dit mensenrecht verwerpen, tasten meestal ook andere mensenrechten en het levensgeluk van minderheden of zelfs meerderheden aan.





Naschrift. Mediakritiek
Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 226 over Terugblik op 2017: populismegolf gestopt (grootste stijger in mijn blog), nummer 139 over Referendum? Schijnvertoning!, nummer 74 over Valse nichten, nummer 186 Populismegolf gestopt in Nederland (ook een grote stijger), nummer 34 over Vijf misverstanden over democratie, nummer 144 over de vraag: Is homo-nieuws geen nieuws? (1), nr. 184 over CDA-aanval op zelfbeschikking (1), bericht nummer 4 over Levensgevaarlijke preutsheid en nummer 63 over Mediamissers.

zaterdag 31 maart 2018

237. "God's Own Country": homofilm?

Donderdag 29 maart 2018 ging de Britse film God's Own Country in Nederland in première. Het is niet mijn gewoonte om filmrecensies te schrijven. Maar ik plaats homofilms graag in het kader van de ontwikkelingen in de homobeweging. Hoe verhoudt deze film zich wat dat betreft tot eerdere homofilms? Is dit eigenlijk wel een homofilm? Maar zo niet, wat wel?

Engelse emancipatiefilms met een goede afloop
Ik noem drie films die laten zien dat discriminatie van homoseksualiteit overwonnen kan worden door liefde en persoonlijke inzet. In My Beautiful Laundrette (1985) opent een Brits/Pakistaans vriendenpaar met succes een wasserette in het homovijandige Londen van de tachtiger jaren. In de film Maurice (1987) zegeviert een vriendschap tussen landheer en tuinman over de negentiende-eeuwse  maatschappelijke druk. En in Pride (2014) wordt waar gebeurde solidariteit getoond tussen de dan opkomende homo/lesbische beweging in Londen en een lang stakende mijnwerkersvakbond in Wales uit de jaren tachtig tegenover de homovijandige premier Thatcher. Drie Engelse emancipatiefilms met een goede afloop.

Engels/Amerikaanse voorloperfilms met een slechte afloop
De Engelse/Amerikaanse homobewegingen kennen niet alleen rozengeur en maneschijn. Ik geef nu drie voorbeelden. In de film Wilde (1997) wordt de opkomst en ondergang getoond van een van de eerste openlijk homoseksuele voorlopers, de bekende negentiende-eeuwse schrijver Oscar Wilde (1854-1900). Op 27 november 1978 werd in het mooie stadhuis van San Francisco een van de eerste openlijk homoseksuele Amerikaanse politici Harvey Milk (1930-1978) doodgeschoten. De film Milk (2008) beschrijft het grote belang van zijn leven. Datzelfde geldt ook voor de oorlogsheld en een van de uitvinders van de computer Alan Turing (1912-1954) in de film The Imitation Game (2014). Drie voorbeelden van voorlopers die slachtoffer werden van hun strijd. Belangrijk om te weten maar zonder goede afloop.

Persoonlijke films met een slechte afloop
Veel homofilms kennen helaas een slechte afloop. De film Brokeback Mountain (2005) gaat over twee bevriende Amerikanen met een heteroseksueel dubbelleven. Een van de twee wordt gedood in een homovijandige omgeving. In de film A Single Man (2009) overlijdt de hoofdpersoon in eenzaamheid na de dood van zijn levenspartner met een homovijandige familie. Twee IJslandse jongens groeien uit elkaar in de film Heartstone (2016) in een eveneens homovijandige omgeving. Hoewel minder homovijandig, eindigt de film Call Me by Your Name (2017) met het huwelijk met een vrouw door een van de twee geliefden.

Ik vind niet dat alle films een goede afloop moeten hebben. Maar in een homovijandige wereld zou het toch wel helpen als er een paar films waren waarin jonge homo's kunnen zien dat hun leven ook wel eens gelukkig zou kunnen eindigen. Het valt wel op dat veel van die homofilms met een slechte afloop uit de VS komen, alsof een 'happy end' alleen voor hetero's mag gelden in de Amerikaanse filmwereld. Hoe doen Nederlandse homofilms het?

Persoonlijke films met een goede afloop
Nederlandse homofilms slaan een positievere toon aan. De film Boven is het stil (2013) is gemaakt naar het gelijknamige (in zo'n dertig talen vertaalde) boek van de homoseksuele schrijver Gerbrand Bakker 1962). Net zoals in de film God's Own Country speelt deze film zich ook af op het platteland, is er ook sprake van een moeizame relatie met de vader en eindigt het verhaal met het vinden van een man als partner. In de telefilms Jongens (2016) en Gewoon vrienden (2018) worden homoseksuele jongensvriendschappen op een positieve manier beschreven waardoor zij geschikt zijn in het kader van homovoorlichting op school.

"God's Own Country"
Ik ga hier niet de film samenvatten maar raad iedereen aan om de film zelf te gaan zien. Ik wil wel onderbouwen waarom ik deze film een belangrijke mijlpaal vind in de wereldwijde homobeweging. Homoseksualiteit is geen probleem in deze film maar de gewoonste zaak van de wereld. De enige homovijandige scheldwoorden in deze film worden geuit door de hoofdpersonen en breekt het ijs in de relatie tussen de twee mannen. De film is kritisch over bepaalde aspecten van de (Engelse) homosubcultuur: zeer overmatig drankgebruik, oppervlakkige seks in pisbakken en het niet willen aangaan van betekenisvolle relaties.

Belangrijke maatschappelijke functies in de gezondheidszorg en de landbouw worden nu verricht door buitenlanders die vaak negatief bejegend worden door Engelsen. De film is door recensenten daarom terecht een anti-Brexit-film genoemd. Engeland is immers ten dode opgeschreven als de positieve invloed van buitenlanders teniet wordt gedaan door hen het land uit te sturen. De film is daardoor meer dan een homofilm. Maar je kunt ook niet zeggen dat het geen homofilm is omdat homoseks nadrukkelijk getoond wordt. Zowel in de oppervlakkige wisselende contacten als in de liefdevolle intimiteit van een relatie.



Naschrift.  Intimiteit en erotiek tussen mannen
Deze serie scoort het hoogst. Opmerkelijk genoeg vooral in homovijandige landen. De best bekeken blogberichten in deze serie zijn: 98 over Liever homo-erotiek dan homoporno, nummer 90 over Homo-erotiek in mannengroepen, het nummer 99 over Homo-erotisch mannennaakt, het nummer 96 over de vraag: Wat is (homo)porno? (2), nummer 92 over Homo-erotische sporters, nummer 93 over Mannennaakt dat geen porno is, nummer 89 over Gay Twins, nummer 126 over de vraag: Is grootgeschapen altijd homoporno? (de grootste stijger in deze groep), nummer 113 over Homo-erotische humor en nummer 95 over de vraag: Wat is (homo)porno? (1). De blogberichten over homo-erotiek worden veel meer gelezen dan de meeste over homoporno die daardoor buiten deze telling vallen.

Naschrift. Wereldwijde homovervolging
Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat wordt in deze groep gevolgd door bericht 19 over de noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging, door bericht 72 over het misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit, door 4 over levensgevaarlijke preutsheid, door bericht 128 over Homovluchtelingen, door bericht 64 over homohaters, door het bericht 148 over de grootste aanslag op een homo/lesbische bijeenkomst in Amerika in Orlando, door het bericht 79 over Alan Turing (1912-1954), door blogbericht 66 over de emancipatiefilm Pride en door het bericht 31 over het vrijwel vergeten Oeganda-drama in zwart Afrika.

Wie behoefte heeft aan positieve berichten op dit gebied verwijs ik naar de alsmaar toenemende huwelijksgelijkberechtiging. En ook naar mijn betoog dat door velen ten onrechte wordt aangenomen dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor enkele bijbelse overwegingen om homohaat te bestrijden en hier voor enkele islamitische overwegingen die gelukkig een meer genuanceerde aandacht krijgen. 

zaterdag 24 maart 2018

236. Verkiezingen van 21 maart 2018 hoopgevend

Op 21 maart 2018 vonden in Nederland in de meeste gemeenten raadsverkiezingen plaats. In 45 gemeenten was dat niet het geval vanwege eerdere of latere fusies van gemeenten. Men moet dus voorzichtig zijn met het trekken van conclusies. Maar er vallen toch enkele dingen op. In alle gemeenten kon men stemmen vóór of tegen het "sleepwet"-referendum. Er waren meer tegen- dan voorstemmers. De steun voor populistische partijen is heel veel kleiner dan werd verwacht. De plaatselijke partijen groeiden in vier jaar van een vierde tot een derde van de stemmen. Welke van de belangrijkste landelijke partijen groeiden nu en welke kregen minder stemmen? Heeft dit wel of niet gevolgen voor onze homo/lesbische beweging in Nederland? En wat leert ons dit over de bedenkelijke rol van (a)sociale media?

Meer stemmen tegen dan vóór "sleepwet"
Voorafgaand aan dit (laatste) raadgevend referendum voorspelden onderzoekers en media dat de voorstanders met 60% zouden winnen. Uiteindelijk bereikten de tegenstanders 49%, de voorstanders 47% en de blanco stemmers 4%. Het aantal blanco stemmers is bij andere verkiezingen altijd onder de 1% geweest. Juridisch is er sprake van een meerderheid van tegenstemmers en moet de regering de wet heroverwegen. De opkomst was 52% en lag dus boven het vereiste minimum van 30%. De meeste tegenstanders waren te vinden onder jongeren, in de grote steden en in het noorden (in Groningen was 70% tegen de wet!).

Populisten kregen minder stemmen dan verwacht
De meeste media hebben ruim aandacht besteed aan populistische partijen en ook hier was het verwachte aantal stemmers veel hoger dan in de werkelijkheid. Deze zeer overdreven aandacht voor "boze burgers" beschreef ik al in blogbericht nummer 183: "Wij worden niet gehoord!": klopt dat wel? Zie ook hieronder de serie blogberichten met mijn mediakritiek.

Plaatselijke partijen van een vierde naar een derde van de stemmen 
In 2014 kregen de plaatselijke partijen 28% van de stemmen en bij deze verkiezingen is dat gestegen tot 33%. Dat kwam niet door een grotere opkomst want die was in 2014 54% en in 2018 55%. De opkomst bij de laatste landelijke verkiezingen in 2017 was aanzienlijk meer: 82%. Voor het gebrek aan vertrouwen in gekozen politici van landelijke en van plaatselijke partijen verwijs ik naar mijn recente blogbericht 234, Red de benoemde burgemeester! In bijvoorbeeld Rotterdam, Den Haag en Enschede werd een plaatselijke partij de grootste.

GroenLinks wint, D66 verliest
GroenLinks steeg van 5% van alle raadszetels in 2014 naar 8% in 2018. In onder andere Amsterdam, Utrecht, Haarlem, Delft, Nijmegen en Arnhem werd GroenLinks de grootste partij. D66 is in Amsterdam en Utrecht niet meer de grootste partij, en zakte naar 9% van alle raadszetels. Deelname van D66 aan de landelijke regering is hiervoor een verklaring.

VVD wint, CDA verliest
Het aantal raadszetels van de VVD steeg licht naar 13% maar het CDA bleef de grootste met 14% ondanks de lichte daling. In Tubbergen kreeg het CDA een meerderheid. Dit is een voor Nederland zeldzaam verschijnsel in het sterk versnipperde partijpolitieke polderlandschap.

PvdA licht herstel, SP verliest
Vergeleken met de landelijke verkiezingen van 2017 herstelde de PvdA zich licht van 6 tot 8% van alle raadszetels. Vooral in Friesland is dat het geval, waar de PvdA nu de grootste is in Leeuwarden, Heerenveen en Harlingen. De SP zakte tot 4% en werd de grootste in Oss.

Welke gevolgen heeft dit voor de homo/lesbische beweging?
Het COC sloot in veel gemeenten al voor de verkiezingen stembusakkoorden waardoor voortzetting van een homovriendelijk homobeleid gewaarborgd is. Weliswaar stegen de islamitische partijen NIDA en Denk in wat gemeenten maar dat vormt geen bedreiging.

Bedenkelijke rol media
Hoewel het om plaatselijke verkiezingen ging, deden veel media alsof het een wedstrijd tussen landelijke politici was. Partijen die uiteindelijk 1% (PVV), 0,9% (Denk) en 0,2% (FvD) behaalden, kregen veel meer aandacht dan partijen als de PvdA die 7% haalde. Aan de plaatselijke stembusakkoorden die het COC sloot, werd vrijwel geen aandacht besteed.



Naschrift. Wet na referendum aangepast
Op 6 maart 2018 besluit de regering dat de wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten wordt aangepast na het gehouden referendum. Het ongericht aftappen, het ongezien uitwisselen met het buitenland en de bewaartermijn van drie jaar worden ingeperkt.

Naschrift. Referenda
Eerder verschenen de volgende blogberichten over referenda: nummer 139, Referendum? Schijnvertoning! (1), (het meest bekeken in deze serie), nummer 140, Brexit ? Schotland Exit!, nummer 149,  Brexit? Referendum exit!, nummer 150, Nexit? Fryslânexit!, nummer 152, Brexit & Nexit: hoe betrouwbaar is opinie-onderzoek?, nummer 180, Referendum? Schijnvertoning! (2), nummer 233, Referendum: aanval op democratie en als laatste blogbericht in deze serie nummer 235, Wat te doen met het "sleepwet"-referendum?

Naschrift. Nederlandse verkiezingen en de gevolgen ervan
Dit blogbericht past in mijn blogserie over de Nederlandse verkiezingen en de gevolgen ervan. Daarin verschenen eerder de blogberichten 179: Moreel leiderschap: wat is dat?, nummer 180: Referendum? Schijnvertoning! (2), nummer 181: De anti-elite-paradox, nummer 182: 'De kloof' bestaat niet in Nederland, nummer 183: "Wij worden niet gehoord!": klopt dat wel? en nummer 184: CDA-aanval op zelfbeschikking (dit bericht is hiervan het meest gelezen).
Zie voor mijn reactie op de uitslag van de verkiezingen blogbericht 186: Populismegolf gestopt in Nederland (dit bericht is hiervan het meest gelezen), 187: Regeringsvorming in Nederland (1) over het belang van het oeroude poldermodel, 188: Regeringsvorming in Nederland (2) over het divagedrag van kiezers, 189: Regeringsvorming in Nederland (3) over het consumentengedrag van kiezers, 190: Regeringsvorming in Nederland (4) over het links/progressieve misverstand, 191: Regeringsvorming in Nederland (5) over het belang van samenwerkingsstrategieën, 192: Regeringsvorming in Nederland (6) over het belang van het maatschappelijk middenveld, en als laatste blogbericht in deze serie nummer 199: Regeringsvorming in Nederland (7) over de duur van de kabinetsformatie.

Naschrift. Mediakritiek
Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 226 over Terugblik op 2017: populismegolf gestopt (grootste stijger in mijn blog), nummer 139 over Referendum? Schijnvertoning!, nummer 74 over Valse nichten, nummer 186 Populismegolf gestopt in Nederland (ook een grote stijger), nummer 34 over Vijf misverstanden over democratie, nummer 144 over de vraag: Is homo-nieuws geen nieuws? (1), nr. 184 over CDA-aanval op zelfbeschikking (1), bericht nummer 4 over Levensgevaarlijke preutsheid en nummer 63 over Mediamissers.






zaterdag 17 maart 2018

235. Wat te doen met het "sleepwet"-referendum?

Op 21 maart 2018 wordt in Nederland een raadgevend referendum gehouden over de op 1 januari 2018 ingevoerde Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017. Waarom is er een nieuwe wet? Waarom wordt er een raadgevend referendum gehouden? Wat pleit voor deze wet en wat pleit er tegen? Bedreigt dit de homo/lesbische burgers en instellingen?

Waarom een nieuwe wet?
De oude wet van 2002 was verouderd. Door de grote groei van internet via de kabel moest ook dit afgetapt kunnen worden. De aanzienlijk toegenomen dreiging van terreuraanvallen en van digitale aanvallen vraagt om de mogelijkheid voor inlichten- en veiligheidsdiensten om nu de digitale communicatie via kabelverbindingen doelmatiger te kunnen controleren.

Waarom een raadgevend referendum?
In mijn blogbericht 233, Referendum: aanval op democratie, meld ik dat het raadgevend referendum binnenkort zal worden afgeschaft. Het ziet er naar uit dat dit referendum het laatste zal zijn. Omdat het nu samenvalt met de gemeenteraadsverkiezingen van 21 maart a.s. is de verwachting dat de opkomst groter zal zijn dan bij het Oekraïne-referendum uit 2016. Toen was de opkomst zo extreem laag (31%) dat een kleine minderheid van 20% van de stemgerechtigden een meerderheid van de stemmen haalde. Strategisch wegblijven in de hoop dat de drempel van 30% niet wordt gehaald, is deze keer geen verstandige optie.

Wat pleit voor deze wet?
De oude wet is inderdaad verouderd en het kunnen aftappen via de kabel is inmiddels dus noodzakelijk. Het probleem met referenda is echter dat men alleen maar vóór of tegen kan stemmen. De wet maakt het mogelijk om heel breed te verzamelen (vandaar bij bijnaam sleepwet) en die gegevens door te geven aan buitenlandse diensten zonder die eerst zelf te analyseren. Tijdens de behandeling in het parlement zijn de nodige toezeggingen gedaan om onder andere het toezicht te verbeteren, maar die zijn niet in de wet zelf opgenomen.

Wat pleit tegen deze wet?
Volgens de tegenstanders bedreigt de wet de bescherming van de persoonlijke leefsfeer en de vrijheid van meningsuiting. Want mensen die geen bedreiging vormen voor de nationale veiligheid komen door de grootschalige gegevensverzameling in bestanden terecht die zelfs niet goed geanalyseerd aan buitenlandse veiligheidsdiensten kunnen worden doorgespeeld.

Bedreigingen voor homo/lesbische burgers en instellingen
Veiligheidsdiensten hebben wereldwijd in de loop der geschiedenis een bijzonder slechte reputatie als het gaat om de gelijkberechtiging van homo/lesbische burgers en instellingen. Zo kunnen homovijandige regimes gegevens over Nederlandse homo/lesbische burgers en instellingen verzamelen waardoor zij op reis in het buitenland ernstig in problemen kunnen komen. Omdat de wet niet per referendum verbeterd kan worden, rest het tegenstemmen.



Naschrift.
Zie voor het vervolg blogbericht 236, Verkiezingen van 21 maart 2018 hoopgevend.




Naschrift.
Eerder verschenen de volgende blogberichten over referenda: nummer 139, Referendum? Schijnvertoning! (1), (het meest bekeken in deze serie), nummer 140, Brexit ? Schotland Exit!, nummer 149,  Brexit? Referendum exit!, nummer 150, Nexit? Fryslânexit!, nummer 152, Brexit & Nexit: hoe betrouwbaar is opinie-onderzoek?, nummer 180, Referendum? Schijnvertoning! (2), en als meest recente nr. 233, Referendum: aanval op democratie.





zaterdag 10 maart 2018

234. Red de benoemde burgemeester!

In het maartnummer 2018 van Vrij Nederland staat een artikel over een uiterst interessant onderzoek: hoe denken Nederlanders over democratie? Daaruit blijkt o.a. dat de benoemde burgemeester aanzienlijk meer vertrouwen krijgt dan de gekozen bestuurders. Opvallend: de Tweede Kamer besloot  op 23 januari 2018 om de benoeming van de burgemeester uit de Grondwet te halen. Hoe is deze tegenstrijdigheid te verklaren? Is de tot nu toe altijd benoemde burgemeester wel zo ondemocratisch als door velen geroepen wordt? En is de gekozen burgemeester een bedreiging voor (bijvoorbeeld homo/lesbische) minderheden?

Wantrouwen tegen gekozen politici
Uit het onderzoek blijkt dat er een groot wantrouwen bestaat tegen politieke partijen en politici. Bijna twee derde van de ondervraagden (63%) is van mening dat "politieke partijen alleen geïnteresseerd zijn in mijn stem, niet in mijn mening". De helft van de respondenten vindt dat "politici niets begrijpen van wat er in de samenleving leeft". Een meerderheidje van 55% stelt dat "mensen zoals ik geen enkele invloed hebben op de regeringspolitiek". En vier op de tien ondervraagden blijken vertrouwen te hebben in ministers en Kamerleden.

Vertrouwen in democratie krijgt een voldoende
Ondanks al dat wantrouwen blijft het vertrouwen in het functioneren van de Nederlandse democratie onverminderd voldoende. Dat is al lange tijd gemiddeld 6,3 op een schaal van tien. Opvallend is wel dat hoger opgeleiden een hogere waardering geven (6,7) dan lagere opgeleiden (6,1). Dat verschil komt in de resultaten uit het onderzoek steeds naar voren.

Verschillen tussen laag- en hoogopgeleiden
Bovengenoemd wantrouwen jegens politieke partijen is bij de hoogopgeleiden 50% en bij de laagopgeleiden 73%. Het ervaren onbegrip van politici heeft 35% van de hoogopgeleiden en 62% van de laagopgeleiden. De stelling geen invloed te hebben, deelt 39% van de hoger opgeleiden en 66% van de lager opgeleiden. Dit verschil is er ook in de verdere resultaten.

Worden veranderingen in het democratisch stelsel gewenst?
Zo vindt 56% van de hoogopgeleiden dat het stelsel ongewijzigd kan blijven en 36% van de laagopgeleiden (gemiddeld 47%). En een grondige wijziging van het stelsel wil 11% van de hoogopgeleiden en 16% van de laagopgeleiden (gemiddeld is dat ± 15%). Slechts vier op de tien hoogopgeleiden en wel zes op de tien laagopgeleiden zijn voor landelijke referenda.

Opvallend veel vertrouwen in de burgemeester
Vergeleken met al het bovenstaande wantrouwen ten opzichte van gekozen politici vind ik het opvallendste resultaat het gebleken vertrouwen in de benoemde burgemeester. Zij die boven de politieke partijen staan en het partijpolitieke gedoe, worden opmerkelijk hoog gewaardeerd. Meer dan twee derde (68%) van de ondervraagde Nederlanders heeft veel of tamelijk veel vertrouwen in burgemeesters. Slechts een kleine 3% heeft in hen helemaal geen vertrouwen. Er is ook geen meerderheid te vinden die voor een rechtstreeks door de bevolking gekozen burgemeester is. Hoe is dat vertrouwen in burgemeesters te verklaren?

Waarom is de benoemde burgemeester democratischer dan de gekozen?
In de Nederlandse Grondwet is niet de burgemeester maar de gemeenteraad het hoogste gezag. Een representatief samengestelde raad is per definitie democratischer dan één persoon. Door de burgemeester rechtstreeks te kiezen, komen er twee kapiteins op het gemeentelijke schip die allebei kunnen claimen door "het volk" gekozen te zijn. Maar de raad vertegenwoordigt de plaatselijke minderheden beter dan iemand die slechts door de helft plus ten minste één stem gekozen kan zijn. Voorstanders van de rechtstreeks gekozen burgemeester doen net alsof Nederland flink achter loopt op de rest van de wereld waar inderdaad de gekozen burgemeester gangbaar is. Maar juist die gekozen burgemeesters tonen aan dat onze op voordracht van de raad benoemde burgemeesters beter aansluiten op ons eeuwenoude beproefde poldermodel met respect voor de rechten van minderheden.

Wat kunnen we van het buitenland leren?
Mede door mijn ervaring in de wereldwijde humanistische en homo/lesbische  bewegingen weet ik hoe gekozen burgemeesters uit angst voor herverkiezing vaak de neiging hebben om meer te luisteren naar onverdraagzame meerderheden dan naar kwetsbare groepen. Anders dan Poetin, Erdogan en Trump denken, is democratie geen dictatuur van "het volk".

Waarom hebben "bewoners met een grote mond" teveel invloed?
In blogbericht 183, "Wij worden niet gehoord!": klopt dat wel?, toon ik aan dat de meeste (a)sociale media uit angst om hen tegen te spreken veel te veel aandacht besteden aan de luidste schreeuwers die roepen dat zij niet gehoord worden. Ik voel mij gesteund door een meerderheid van 53% van de ondervraagden die stellen dat "bewoners met een grote mond" teveel invloed hebben. In mijn (in 2017 best bekeken) blogbericht 226, Terugblik op 2017: populismegolf gestopt, laat ik ook dankzij onderzoek zien dat de meeste Nederlanders veel verdraagzamer en tevredener zijn dan te veel (a)sociale media ons willen doen geloven.



Naschrift
3. Mediakritiek
Het best bekeken in deze serie is nummer 80 over de World Press Photo 2014. Dat wordt in populariteit gevolgd door de blognummers 226 over Terugblik op 2017: populismegolf gestopt (grootste stijger in mijn blog), nummer 139 over Referendum? Schijnvertoning!, nummer 74 over Valse nichten, nummer 186 Populismegolf gestopt in Nederland (ook een grote stijger), nummer 34 over Vijf misverstanden over democratie, nummer 144 over de vraag: Is homo-nieuws geen nieuws? (1), nr. 184 over CDA-aanval op zelfbeschikking (1), bericht nummer 4 over Levensgevaarlijke preutsheid en nummer 63 over Mediamissers.