zaterdag 4 juni 2016

146. Homo/lesbische vooruitgang (1)

Gaat de strijd voor homo/lesbische gelijkberechtiging nu vooruit of achteruit? Nogal wat mensen denken dat het achteruit gaat. Klopt dat wel als je naar de feiten kijkt? En werkt ILGA Europe in Brussel mee aan een onterecht slechte beeldvorming?

Sociaal en Cultureel Planbureau
Het Nederlands Sociaal en Cultureel Planbureau doet sinds midden jaren zestig onderzoek naar de positie van de homo/lesbische minderheid in Nederland. Daardoor weten we dat het aantal Nederlanders dat vindt "dat men homoseksuelen niet vrij moet laten om hun leven te leiden zoals zij dat willen" van 1969 tot 2008 is gedaald van 25% tot onder de 10%.

De steun voor homo/lesbische zelfbeschikking is in heel Europa met 92% het hoogst in Nederland, Zweden en Denemarken. En verreweg het laagst in Rusland (29%), Roemenië (31%), Oekraïne (33%), Turkije (35%), Letland (37%), Kroatië (39%), Estland (41%), Slowakije (43%), Hongarije (44%) en Polen (51%). In 2012 publiceerde het SCP een onderzoek waaruit bleek dat 17% van de homo/lesbische Nederlanders zich onveiliger is gaan voelen. Is dat gevoel van achteruitgang in het homovriendelijkste land van Europa wel gebaseerd op feiten?

LHBT-monitor 2016
Naar aanleiding van IDAHOT, International Day Against Homophobia, Transphobia and Biphobia, 2016 publiceerde het SCP de LHBT-monitor 2016. Ook daaruit blijkt dat er in Nederland sprake is van vooruitgang. Dacht in 2006 nog 15% negatief over homo- en biseksualiteit, in 2014 was dat gedaald tot 7%. En het positieve denken over homo- en biseksualiteit steeg van 53% in 2006 tot 70% in 2014.

Het meest negatief wordt gedacht over twee mannen of twee vrouwen die elkaar in het openbaar zoenen. In 2006 vond 50% het aanstootgevend als twee mannen elkaar zoenen in het openbaar. Dat is in acht jaar gedaald tot 33%: van de helft tot een derde. Bij twee vrouwen die elkaar zoenen daalde dat van 34% in 2006 tot 23% in 2014. In het openbaar zoenen van hetero's vond 12% aanstootgevend. Er valt nog wat vooruitgang te boeken maar er is dus geen sprake van achteruitgang.

Buitenlandse herkomst?
Komt dat gevoel van achteruitgang misschien door de beeldvorming over Nederlanders met een buitenlandse herkomst? Bij velen bestaat het idee dat mensen met een buitenlandse herkomst een bedreiging vormen voor homo/lesbische gelijkberechtiging. In het verleden was er geen representatief sociaalwetenschappelijk onderzoek over homoseksualiteit onder culturele minderheden. Dankzij de LHBT-monitor 2016 zijn die gegevens er nu wel. De uitspraak dat homoseksuele mannen en lesbische vrouwen hun leven moeten kunnen leiden zoals zij dat willen, wordt de gesteund door 57% Somaliërs, 65% Turken, 68% Marokkanen, 75% Polen, 84% Antillianen/Arubanen, 85% Surinamers en 92% Nederlanders van herkomst. Dat is in alle groepen een meerderheid voor homo/lesbische zelfbeschikking!

De uitspraak dat het goed is dat homoseksuelen met elkaar mogen trouwen, wordt (wat herkomst betreft) gesteund door 27% Somaliërs, 30% Marokkanen, 35% Turken, 44% Polen, 62% Antillianen/Arubanen, 67% Surinamers en 83% Nederlanders. De uitspraak "ik zou het een probleem vinden als mijn kind een vaste partner heeft van hetzelfde geslacht" wordt (wat herkomst betreft) gesteund door 78% Marokkanen, 76% Turken, 66% Somaliërs, 44% Polen, 29% Antillianen/Arubanen, 29% Surinamers en 11% Nederlanders. Dat maakt wel duidelijk dat er nog een hoop te doen is, zeker in het onderwijs, maar het plaatje is toch genuanceerder dan de gangbare beeldvorming dat alle mensen van buitenlandse herkomst een bedreiging zouden vormen voor homo/lesbische gelijkberechtiging.   

Meer geweld of meer aangiftebereidheid?
Er is in de media meer aandacht voor antihomoseksueel geweld maar dat wijst eerder op een grotere aangiftebereidheid dan op een werkelijke toename van geweld. De SCP LHBT-monitor 2016 meldt dat er sprake is van een afnemend respectloos gedrag door onbekenden jegens homoseksuelen: van 34% in 2012 tot 27% in 2014. Vrijwel de meesten voelen zich veiliger en worden naar eigen zeggen minder respectloos behandeld. Dat neemt niet weg dat antihomoseksueel gedrag nog steeds voorkomt, zoals bijvoorbeeld onlangs tegen twee vrouwen in Groningen waar de politie en de burgemeester flinke steken lieten vallen. Maar dat rechtvaardigt nog niet het standpunt van ILGA Europe in Brussel dat Nederland zijn koppositie in Europa zou hebben verloren. Daarover meer in mijn volgende blogbericht: Homo/lesbische vooruitgang (2).

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen