zaterdag 29 november 2014

70. Turkse troebelen (1)

Als uit een onderzoek zou blijken dat 80% van de Nederlandse jongeren het terrorisme van IS zouden steunen dan begrijpt iedereen dat zo'n onderzoek nooit representatief kan zijn. Maar als hetzelfde gezegd wordt over "Turkse jongeren in Nederland" dan staat een groot deel van de Nederlandse media op zijn kop terwijl het eveneens onzin is. Slechts heel erg spaarzaam wordt gewezen op de methodologische tekortkomingen waardoor dit onderzoek niet representatief is. Maar er deugt nog meer niet aan het onderzoek en de berichtgeving erover in veel media.

"De Turken in Nederland" bestaan niet.
Op godsdienstig/levensbeschouwelijk gebied zijn Nederlanders met een Turkse afkomst onderling net zo verdeeld als andere Nederlanders. Ik noem maar een paar groepen. Om te beginnen de meer dan 40.000 ongodsdienstige Turkse Nederlanders. Als voorzitter van het Humanistisch Verbond (van 1977 tot 1987) ben ik er veel tegengekomen maar je hoort er bijna nooit wat over omdat het een taboe is in Turkse kringen. En omdat ze al dan niet bewust 'vergeten' worden in verhullende statistieken. Dan zijn er de ruim 80.000 Turkse Alevieten die zijn aangesloten bij de Humanistische Alliantie voor wie de islam eerder een culturele dan een godsdienstige traditie is. Ongeveer 40.000 christenen uit Turkije wonen in Nederland. En verder moeten de zo'n 70.000 Nederlandse Koerden afkomstig uit Turkije genoemd worden die ook weer onderling verdeeld zijn maar die zeker gemeen hebben dat zij niets van het terrorisme van IS moeten hebben. Net zoals alle andere bovengenoemde groepen, in totaal zo'n ongeveer 250.000 van de bijna 400.000 Nederlanders van Turkse afkomst. Dat maakt het hoge percentage steun voor IS-terroristen onder de zogenoemde "Turkse jongerenzeer onwaarschijnlijk.

Bent u er nog? Want ik heb het nog niet gehad over de 142 moskeeën in Nederland die vallen onder de Turkse overheidsdienst Diyanet onder wiens verantwoordelijkheid de betrokken imams werken. Of over de 39 moskeeën van de conservatief godsdienstige Milli Görüs-beweging. De naar eigen zeggen wat meer verlichte Gülen-beweging leeft op voet van oorlog met de huidige Turkse machthebbers omdat zij die beschuldigt van corruptie. En dan moet ik nog de zeer godsdienstige maar apolitieke Süleyman-beweging noemen. Deze laatste vier staan op het lijstje van minister Asscher om in de gaten te worden gehouden, onder andere omdat getwijfeld wordt of zij de integratie in de Nederlandse samenleving willen bevorderen of eerder de nauwe banden met Turkije belangrijk vinden.

Turkse bemoeienis met Nederlandse aangelegenheden
Mijn eigen twijfel over de integratie van Nederlanders van Turkse afkomst bestaat al gedurende de 25 jaar dat ik voorzitter was van het Nederlandse platform openbaar onderwijs CBOO omdat er voortdurend verontrustende berichten binnenkwamen uit de achterban over vrouw- en homovijandige uitlatingen van (meestal) jongens van Turkse (en ook Marokkaanse) afkomst. Terwijl in Marokkaanse kringen belangrijke voorlieden als het PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch nadrukkelijk de gelijkberechtiging van de homo/lesbische minderheid verdedigen, ben ik in Nederlands-Turkse kringen dergelijke gezaghebbende voorlieden nog niet tegengekomen. De toegenomen homovijandigheid in het onderwijs was voor het CBOO een reden om mee te doen aan het nog altijd goed lopende project voor seksuele diversiteit in het onderwijs.

Een geruchtmakend en schokkend voorbeeld van Turkse bemoeienis met Nederlandse aangelegenheden was in 2013 de rel rond de Nederlands-Turkse jongen Ynus en zijn lesbische pleegouders. De Turkse media en Erdogan liepen homovijandig te hoop maar gelukkig hield minister Asscher voet bij stuk. Dat deed hij ook toen de illegale Turkse kostscholen werden ontdekt en de Turkse bemoeienis met moskeeën in Nederland aan de orde werd gesteld. Twee PvdA-Kamerleden van Turkse afkomst weigerden daarop hun vertrouwen te geven aan het door Asscher gevoerde beleid waarop zij uit de fractie vertrokken, niet nadat een van hen de hoop uitsprak dat hun collega, de bovengenoemde Achmed Marchouch, door Allah gestraft zou worden. Je vraagt je af hoe verketteraars in de PvdA verzeild zijn geraakt...

Een islamitische partij in Nederland is net zo onwaarschijnlijk als een homopartij
Er zaten een paar opvallende kanten aan deze zaak. In de eerste plaats het feit dat veel media het hadden over Turkse Kamerleden terwijl het toch echt over Nederlanders ging van Turkse afkomst. Dat verschil is kennelijk nog niet tot iedereen doorgedrongen. In de tweede plaats hadden alle media het over deze twee mannen maar vrijwel niemand over de drie vrouwen van Turkse afkomst die wel in de PvdA-fractie bleven zitten. Mogelijk zegt dat iets over de vrouwonvriendelijkheid rond dit gebeuren? In de derde plaats beriepen de twee mannen zich op de vrijheid van meningsuiting terwijl zij nooit kritiek hebben geuit op het feit dat Erdogan in Turkije bezig is de vrijheid van meningsuiting aan banden te leggen. En in de vierde plaats wordt in sommige media meteen druk gespeculeerd over een mogelijke Turkse of islamitische partij. Hoe onzinnig dat wel is, blijkt uit de hierboven beschreven versplintering in Turkse kring. En dan heb ik het nog niet eens gehad over hun politieke onenigheid. Over de verdeeldheid in islamitische kring schrijf ik een andere keer want daar heb ik ook de nodige ervaring mee. Wat politieke verscheidenheid betreft, zijn Turken en islamieten net homo's want daar is het ook nooit gelukt om een homopartij op te richten!


Naschrift: ik had bovenstaande tekst net uitgeschreven toen de Turkse regering op 26 november 2014 zelf een duidelijk voorbeeld gaf hoe zij zich bemoeit met Nederlandse aangelegenheden. De Turkse beschuldiging dat Nederland ten opzichte van Nederlandse Turken "racistisch" zou zijn, bevestigt mijn blogbericht over racisme waaruit blijkt dat dit begrip te pas en te onpas wordt gebruikt. Juist Turkije met zijn geschiedenis van de Armeense genocide en de achterstelling van de Koerden zou een toontje lager moeten zingen.
Op 27 november 2014 weer de bekende Hilversumse hijgerigheid en een goed voorbeeld van mediamanipulatie: het televisieprogramma "NieuwZuur" organiseert een aanval op minister Asscher door de Kamerleden Pechtold (D66) en Buma (CDA) op de dag van het Kamerdebat over integratie.  Zij geven krtitiek op de volgens hen te harde aanpak door Asscher van Turkije. Dit gebeurt nogal laf niet in het Kamerdebat zelf maar in de Haagse wandelgangen. In de rechtstreekse uitzending maakt iemand van Milli Görüs in zijn aanval op Asscher precies duidelijk waarom Asscher gelijk heeft: veel Turken in Nederland richten zich meer op Turkije dan op Nederland. Het opzetje om Asscher aan te pakken is mislukt.

De acceptatie van homoseksualiteit onder jongeren met een Turkse alsook Marokkaanse achtergrond blijft nog steeds achterlopen blijkens onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Minister Bussemaker zegt dat er meer moet gebeuren om de acceptatie te bevorderen en noemt daarbij met name Turkse Nederlanders. Het COC ondersteunt dit. Het PvdA-Kamerlid van Turkse afkomst Keklik Yücel eveneens. In de Volkskrant van 2 april 2015 staat een goed artikel van de directeur van de Stichting Maruf, Dini Suhonic, over de positie van homo's met een islamitische achtergrond.

Lezers vragen mij waarom er vaak nog gesproken wordt over een miljoen islamieten terwijl de statistieken nu veel lager uitvallen. Ik heb al eerder geschreven over verhullende statistieken. Dit is daar ook een voorbeeld van. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) ging er vroeger van uit dat iedereen in Nederland islamiet was waarvan een (groot)ouder afkomstig was uit een overwegend islamitisch land. Zo werden dus onder anderen (klein)kinderen van christelijke of ongodsdienstige ouders die vanwege de islam uit hun vroegere land gevlucht waren hier als islamiet meegeteld!
Enkele honderdduizenden zogenaamde islamieten waren dat dus helemaal niet. En dan heb ik het nog niet gehad over voormalige islamieten die van hun geloof zijn gevallen want die durven daar niet voor uit te komen.

Op 1 maart 2016 stemmen de dissidente Turks/Nederlandse Tweede Kamerleden tegen noodopvang voor homovluchtelingen tegen noodopvang voor homovluchtelingen die bedreigd worden door andere vluchtelingen uit overwegend islamitische landen. Op 7 mei 2016 verschijnt mijn blogbericht over Turkse troebelen (2).


Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen