zaterdag 28 september 2013

13. Afrikaner identiteit

Steeds meer Afrikaanstaligen in Zuid-Afrika lezen mijn blog. Dit is vir Afrikaners nie moeilik om Nederlands te lees!  Ik ben daar blij mee omdat ik denk dat Afrikaners en homo's baat kunnen hebben bij een beter besef van hun gemeenschappelijk belang bij identiteitsvorming.

We kunnen een onderscheid maken tussen een persoonlijke identiteit (WIE ben ik) en een collectieve (WAT ben ik). Voor mij staat de persoonlijke identiteit centraal maar de paradox is dat die persoonlijke identiteit zich niet kan ontwikkelen in een omgeving zonder bepaalde soorten groepsidentiteiten. Dit is de paradox van de opvoeding: afwezigheid van regels maakt onvrije mensen omdat iedereen pas zijn eigen identiteit kan ontwikkelen in wisselwerking met gemeenschappelijke identiteiten die daar ruimte voor bieden.

Je ziet dit het duidelijkst bij het opgroeien van homo/lesbische kinderen. Vrijwel alle andere leden van minderheden groeien op in een omgeving die hen mogelijkheden biedt tot positieve identificatie maar bijna alle homo/lesbische kinderen groeien op in een heteroseksuele omgeving en missen dus op dit punt de mogelijkheid om zich in anderen te kunnen herkennen tenzij ouders, opvoeders en onderwijzers zich daarvan bewust zijn en daar naar handelen.

Identiteiten kunnen opgedrongen, toegeschreven, verkregen of zelfgekozen zijn. Dat opdringen kan gebeuren door iemand een bepaalde identiteit op te leggen op grond van de vijf G’s (geboorte, geslacht, gerichtheid, godsdienst of geschiedenis). Zo denken veel (baie) mensen (zelfs veel homo’s!) dat een homoman zich vrouwelijk zou moeten gedragen. Hier zie je ook de band tussen vrouwen- en homodiscriminatie: omdat in homovijandige culturen “mannelijk” gedrag hoger gewaardeerd wordt dan “vrouwelijk” gedrag, zou een homoman zich "verlagen" door dat gedrag aan te nemen. Culturen die mannen en vrouwen meer vrijheid geven voor persoonlijke identiteitsvorming denken positiever over homoseksualiteit dan culturen waarin de rollen van mannen en vrouwen vastgelegd zijn.

De vijf G’s zijn niet onbelangrijk maar ze zijn als aanleg of afkomst geen persoonlijke verdienste. Als iemand zegt trots te zijn als homo of als Afrikaner dan wordt bedoeld trots te zijn op wat de betrokkene van die aanleg of afkomst gemaakt heeft. Dat kan het beste omschreven worden met het begrip emancipatie: het toenemend vermogen om zelf zin en vorm te geven aan het eigen leven zonder de zelfbeschikking van anderen aan te tasten.

Anders gezegd: de emancipatie van homo’s, vrouwen en Afrikaners is niet voltooid als zij zich als hetero’s, mannen en niet-Afrikaners gaan gedragen. Emancipatie heeft niet als einddoel de gelijkvormigheid maar de ongelijkvormigheid in gelijkwaardigheid. In die zin moeten begrippen als “Proud to be gay” en “Afrikaner trots” begrepen worden.

Eeuwenlang hebben mannen die mannen aantrekkelijk vonden (en vrouwen die vrouwen aantrekkelijk vonden) geworsteld tussen aanpassing en afzondering. Homoseksueel gedrag is van alle tijden en plaatsen, wereldwijd. Maar telkens werd daar op andere wijzen inhoud en vorm aan gegeven.

Wie zegt dat de bijbel of de koran homoseksualiteit verbiedt, verkondigt net zulke onzin als sommige Nederlandse dominees die zeggen dat je op bijbelse gronden geen televisie mag kijken of geestelijken in Saoedi-Arabië die met de koran in de hand vrouwen autorijden (motorbestuur) verbieden.

Hedendaagse homoseksuele identiteiten zijn pas in de laatste eeuwen tot ontwikkeling gekomen. Alle veroordelingen die men in bijbelse en koranteksten meent te moeten lezen, slaan op mensen die geacht werden hetero te zijn en die zich tegen hun eigen identiteit in zouden gedragen.

Degenen die menen dat homoseksualiteit een westerse uitvinding zou zijn, blijken niet op de hoogte van de gelijkslachtige praktijken in vroegere en hedendaagse Afrikaanse en Aziatische culturen. Niet homoseksualiteit is opgedrongen aan die culturen maar de anti-homoseksualiteit van met name de Engelse koloniale wetgeving uit vooral de negentiende eeuw.

We zijn dus niet meer gedwongen te kiezen tussen assimilatie of segregatie want er is een tussenvorm die integratie heet: het ontwikkelen van persoonlijke of subculturele identiteiten die goed kunnen samengaan met collectieve identiteiten die ruimte bieden aan gelijkwaardigheid in verscheidenheid.

Het ontwikkelen van een sterke en open Afrikaner of homo-identiteit is niet een bron van discriminatie maar juist een middel tot bestrijding daarvan. Iemand die weet wie en wat hij of zij wil zijn, staat sterker in de schoenen dan iemand die zich achtergesteld voelt en dat gevoel wil wegdringen door zich tegen anderen af te zetten. De grootste vervolgers van homo's zijn degenen die hun eigen homogevoelens onderdrukken door die in anderen te achtervolgen.

'n Sterk en ope Afrikaner identiteit eis die gebruik van Afrikaans in opvoeding, onderwys, media en positiewe beeldvorming. Indien die Afrikanergemeenskap nie daarin slaag nie, laat dit aan teenstanders om die beeldvorming te skep, met alle gevaarlike gevolge daarvan  soos die geskiedenis van die homovervolging laat sien het. Lede van die Afrikanergemeenskap wat te werk gaan volgens die vooroordele, versterk die vooroordele; die wat onbevooroordeeld uitkom neutraliseer die negatieve vooroordele en stimuleer 'n sterk en ope identiteit,  beide persoonlik as gesamentlik.

Identiteit: daar moet jy wel wat voor doen maar dan het jy ook wat om trots op te wees! 


Zie voor het vervolg: Baie dankie!

Zie voor meer inlichtingen over Nederlands-Zuidafrikaanse betrekkingen: Zuidafrikahuis en geschiedenisprijs voor boek over Boerenoorlog .

 Zie voor een geluid uit Zuid Afrika over het omgaan met: identiteiten.

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.


zaterdag 21 september 2013

12. Handicapé par la francophonie

Ben ik op zoek naar verfranste Vlamingen, stuit ik op vernederlandste Fransen. In de loop der eeuwen zijn veel protestante Fransen naar onder andere Nederland gevlucht om aan vervolgingen te ontkomen. Berucht is de Bartholomeusnacht van 23 op 24 augustus 1572 toen duizenden Franse protestanten vermoord werden. In 1598 werd dankzij het Edict van Nantes deze vervolging wat minder. Maar toen dit Edict in 1685 door Lodewijk XIV werd ingetrokken, vluchtten honderdduizenden protestanten naar onder andere Nederland, Duitsland, Zuid-Afrika en de Verenigde Staten waar zij heel goed integreerden maar nog herkenbaar zijn door hun achternamen en vaak informele netwerken onderhouden. Zij worden Hugenoten genoemd en hebben veel sporen achtergelaten: in Nederland zijn dat bijvoorbeeld de Waalse kerken.

Wat zegt dit over het hedendaagse Frankrijk? De Franse katholieke kerk heeft eeuwenlang moeite gehad met het omgaan met andersdenkenden. Dat geldt trouwens voor alle landen waar katholieken in de meerderheid zijn. In 1988 nam ik als voorzitter van de International Humanist and  Ethical Union in Amsterdam deel aan een dialoog tussen humanisten en het Vaticaan. De Roomse delegatie stond onder leiding van de Franse kardinaal Poupard en de Belgische kardinaal Daneels en bestond geheel uit mannen. De humanistische delegatie bestond in meerderheid uit vrouwen en homo's. Dat vonden de Roomse geestelijken wat ongemakkelijk maar dit werd geslikt want zij wilden er achter komen wat de dialogen tussen de IHEU en de ideologen van de Sovjet-Russische Communistische Partij hadden opgeleverd. Daar kom ik een andere keer op terug maar voor mij was het opvallend dat het Vaticaan uiterst opportunistisch voor godsdienstvrijheid en scheiding van kerk en staat was als de katholieken in een land in de minderheid waren maar er weinig van moesten hebben als zij in de meerderheid waren.

Dit denken over democratie als de staatsdictatuur van de meerderheid zit in Frankrijk ingebakken. Fransen zijn meestal verbaasd als ik hen vertel dat Nederland sinds Napoleon nooit een partij heeft gekend die een meerderheid had in de volksvertegenwoordiging. Omgaan met minderheden hoort niet tot de sterkste kant van de Franse cultuur en dat geldt zeker voor het omgaan met minderheidstalen. In Noord-Franse scholen was het eeuwenlang verboden om Vlaams te spreken en het Nederlands is in strijd met de Europese verdragen nog steeds niet als minderheidstaal erkend in Frankrijk zoals dat bijvoorbeeld wel met het Fries in Nederland het geval is.

Die afgedwongen Franstaligheid gaat samen met een weerzin tegen veeltaligheid. Ik heb menige internationale vergadering in Frankrijk voorgezeten waar niet in tolken was voorzien en ik voor de Franse deelnemers heen en weer moest tolken omdat zij geen enkele andere taal spraken of verstonden. De grootste ergernis van veel Franse sprekers was vaak dat ik hun wijdlopige betogen kort en helder samenvatte in het Engels en zij een volledige vertaling eisten van hun briljant geachte gedachten. Ik antwoordde daar steevast op dat ik het ook niet kon helpen dat het Engels nu eenmaal een veel compactere taal was dan het Frans, hetgeen zij door hun eigen onkunde van het Engels niet konden weerleggen. Het toppunt was een Europese vergadering over aids-onderzoek waar de Franse deelnemers eisten dat de voertaal van Engels Frans zou worden nadat de Engelse deelnemers de bijeenkomst eerder hadden verlaten omdat zij hun vlucht moesten halen. De aanwezige Fransen dachten kennelijk dat alle andere deelnemers uit geheel Europa Frans konden spreken en dat zij dat alleen niet deden omdat er Engelsen aanwezig waren. Het waanbeeld dat Frans nog altijd een wereldtaal zou zijn, was kennelijk nogal hardnekkig.

Een Nederlander van Franse afkomst die nu in Frankrijk woont, schreef mij "dat de culturele belangstelling van de Fransen zich geheel en al beperkt tot hun eigen land, van wat daarbuiten gebeurt of ooit is gebeurd hebben ze geen flauw benul. Hun talenkennis is net zo slecht: ze hebben allemaal Engels op school gehad, maar zelfs de intellectuelen die ik spreek kennen geen woord Engels meer, en niemand spreekt het. Het nasynchroniseren van films helpt natuurlijk ook niet. De enkele uitzonderingen die ik heb ontmoet hadden daar een specifieke reden voor. Europa leeft alleen maar voor Fransen om er de baas te kunnen spelen - dat is zelfs de hele drijfveer geweest voor de EEG. Gelukkig meen ik bij de jeugd een omslag te zien - internet drukt ze met hun neus op het Engels."

Kleine talen zoals het Nederlands, Afrikaans en Fries bestaan in een veeltalige omgeving: dat is een groot voordeel. De vermeende wereldtaal Frans is in Frankrijk door een kortzichtige taalpolitiek tot een taalgevangenis geworden zoals ik beschrijf in mijn Socrateslezing 1990 en dat is een groot nadeel voor de Franstaligen zelf!




Verdachten aangehouden voor mishandeling Nederlandse homo in Parijs 

Tot 2,5 jaar cel voor anti-homogeweld tegen Nederlander

Homovijandig geweld stijgt in Frankrijk met 78 percent in 2013

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 14 september 2013

11. Frankrijk & Nederland

Enkele Nederlandse lezers vroegen mij hoe het toch komt dat mijn blog wereldwijd gelezen wordt. Dankzij de gastcolleges Nederlands, die ik in veel landen gegeven heb, wist ik al langer dat Neerlandistiek voor veel buitenlanders een geliefd vak is. Mij is ook gebleken dat de meeste Nederlanders geen idee hebben hoeveel studenten Nederlands er buiten de Nederlandstalige landen zijn. Daarom een paar cijfers op een rijtje, met dank aan de Nederlandse Taalunie.

Buiten Nederland, België en Suriname wordt in 40 landen aan 175 universiteiten Nederlands gegeven door 700 docenten aan 15.000 studenten. Aan 400.000 scholieren wordt door 600 leraren Nederlandse lessen gegeven op scholen voor basis- en voortgezet onderwijs. Het grootste aantal scholieren (23.000) is te vinden in de Duitse deelstaten die aan ons land grenzen: Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen. In het van oorsprong deels Nederlandstalige Noord-Frankrijk (Nord en Pas-de-Calais) zijn dat 7.000 scholieren. En dat brengt mij op het gegeven dat mijn blog in Frankrijk vrijwel niet gelezen wordt. Zelfs minder dan in Servië, maar daar ontmoette ik dan ook ooit een levendige opleiding Neerlandistiek.

De onkunde over Nederland in Frankrijk is groot. Dat blijkt alleen al uit het hardnekkige verschijnsel om over Hollande en Hollandais te spreken waar Pays-Bas en Néerlandais de juiste woorden zijn. Veel Fransen denken dat Nederland tot Scandinavië behoort. Ik ben het met Maarten van Rossem eens dat daar sociaal-cultureel iets voor te zeggen valt maar aardrijkskundig slaat het nergens op.

De hardnekkige Franse weerstand tegen de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht wijst er al op dat de homo/lesbische beweging in Frankrijk weinig voorstelt vergeleken met Nederland en (inderdaad) Scandinavië waar homo's en lesbo's onderling goed samenwerken, iets wat men over Frankrijk helaas niet kan zeggen. Nederland heeft weigerambtenaren die het opengestelde huwelijk niet willen sluiten. Frankrijk had weigerburgemeesters maar daar komt een einde aan.

Maar ook in de humanistische beweging is Frankrijk een buitenbeen. Waar in onder andere Nederland, België, Duitsland, Engeland en met name Noorwegen de humanistische beweging een volwaardig ongodsdienstig alternatief biedt voor de kerken, is dat in Frankrijk allerminst het geval. Ik herinner mij dat ik in de jaren tachtig en negentig in Parijs verketterd werd in intellectualistische vergaderingen van de Union Rationaliste en van anticlericale vrijmetselaars omdat ik als voorzitter van het Nederlandse platform openbaar onderwijs CBOO verdedigde dat onze openbare scholen de keuzevakken godsdienst en humanistisch vormingsonderwijs aanbieden. Dat de neutralistische Franse openbare scholen daarmee de door islamistische fundamentalisten gedomineerde koranscholen bevorderen (met alle dramatische gevolgen voor veel Franse voorsteden) vonden deze dogmatische intellectuelen minder belangrijk. Dogma gaat daar voor de praktische gevolgen.

Diezelfde Franse dogmatici hebben bij de Franse filosoof Foucault (1926-1984) geleid tot een antihumanistisch misverstand dat ik in mijn Socrateslezing 1990 heb ontrafeld: Humanisme onder kritiek . Helaas werd de man die de vrijheid van de Verlichting trachtte te ontmaskeren zelf het tragische symbool van de onvrijheid als verborgen homoseksueel met een dubbelleven die aan aids overleed.

Ik heb het Nederlandse taalonderwijs in  Frans-Vlaanderen altijd gesteund. Maar de Vlaamse beweging heeft daar, meer nog dan in Belgisch-Vlaanderen, in het verleden de strategische fout gemaakt de taalstrijd te koppelen aan de pogingen van de katholieke kerk om de Verlichting te bestrijden in plaats van, zoals in Friesland, bondgenootschappen te sluiten met liberale, sociaal-democratische en andere emancipatiebewegingen. Mochten er Frans-Vlamingen zijn die mijn blog lezen: laat het mij weten!


Zie voor het vervolg: Handicapé par la francophonie.

www.lesamisduneerlandais.overblog.com

Noord-Franse regio wil meer doen voor het Nederlands

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 7 september 2013

10. Vlaanderen & Nederland

Mijn oproep van vorige week heeft tot veel inhoudelijke reacties uit Vlaanderen geleid: waarvoor mijn hartelijke dank! Het aantal lezers uit België is ook aanzienlijk gestegen. Waaruit blijkt dat mijn blog tot een beter contact tussen schrijver en lezer leidt dan mijn columns in de oude Gaykrant.

De Brusselse socioloog Mark Elchardus antwoordde op mijn vraag waarom mijn blog in vergelijking met Nederland, Rusland, Verenigde Staten en Duitsland zo weinig lezers had in België : "Wat je vraag betreft, ben ik toch geneigd het antwoord vooral in het leesgedrag te zoeken. Ik herinner me dat een paar jaar geleden vergelijkend tijdsbudgetonderzoek schatte dat Nederlanders zowat twee uur per week meer lezen dan Vlamingen. (...) Omdat Vlamingen al altijd weinig hebben gelezen is hun horizon beperkter, minder internationaal als je wilt."

De Gentse filosoof Etienne Vermeersch merkte op dat Nederlanders en Vlamingen steeds minder elkaars boeken lezen: "Mijn verklaring ligt in de determinerende invloed die de TV heeft op de publieke opinies in Nederland en Vlaanderen. De twee publieken daarvan overlappen helemaal niet meer en dat heeft m.i. dan weer te maken met de grote impact van de commerciële TV. Met dit gegeven gaat het feit gepaard dat ook de andere media volkomen uit elkaar gegroeid zijn. (...) Ik denk niet dat Vlaanderen meer regionaal gericht is: de belangstelling gaat vooral uit naar de Angelsaksische producties op alle gebieden. (...) Ik betreur natuurlijk deze gang van zaken, maar ik zie zo niet onmiddellijk een oplossing; tenzij wanneer zowel de Nederlandse als de Vlaamse radio en TV zouden plannen een bijzondere inspanning te leveren om meer uitwisseling tot stand te brengen."

Sonja Eggericks, de huidige voorzitster van de International Humanist and Ethical Union (IHEU), en dus in zekere zin opvolgster van mij,  schreef: "Er zijn zeker nog altijd mensen in Vlaanderen die belangstelling hebben voor wat in Nederland gebeurt maar helaas een minderheid. Ik heb het ook in humanistische middens ondervonden: wanneer ik bijvoorbeeld verslag uitbracht over IHEU, waren er altijd wel leden (...) die vonden dat er "bij ons" nog zoveel te doen was.... Dit verandert nu wel een beetje (...) en ik probeer waar dan ook uit te leggen dat Vlaamse mensen mee aan de oorsprong liggen van IHEU bijvoorbeeld."

De Gentse psycholoog Alexis Dewaele antwoordde op mijn vraag of Vlamingen meer regionaal en Nederlanders meer internationaal gericht zijn: "Daar is misschien iets van aan. Vlamingen staan gekend als ‘honkvast’ en dat zijn ze ook wel denk ik. Alhoewel jongere generaties studenten door Erasmus-ervaringen wel minder wereldvreemd zijn, blijven heel wat jongeren verknocht aan hun roots. Dat wil echter niet zeggen dat Vlamingen minder op de hoogte zijn van wat er internationaal allemaal speelt. De invloed van communautaire thema’s en van nationalistische partijen zoals NVA zorgen wel voor een meer lokale focus en een overdreven aandacht voor alles wat Vlaams is of zou moeten zijn." En over de geringe aandacht in de Vlaamse homo/lesbische beweging voor haar wereldwijde geschiedenis schreef hij: "Ik denk dat het aandeel holebi’s die een interesse heeft in de geschiedenis van de beweging inderdaad heel erg klein is en misschien nog meer afneemt door een perceptie dat een strijd voor rechten niet of minder nodig is. Maar geldt die tendens dan niet in Nederland?"

Dat laatste is zeker het geval. Van mijn boek 'Homoseksualiteit in Nederland; studie van een emancipatiebeweging' werden in 1982 ongeveer 8.000 exemplaren verkocht. Zoiets zie ik nu niet meer gebeuren. Zowel de boeken van Etienne Vermeersch als die van Maarten van Rossem worden aan de andere kant van de Vlaams-Nederlandse grens veel minder verkocht. En sommige Nederlandse media spelen een treurige rol die beide taalgebieden uit elkaar kan drijven. Zo was er deze week in het NOS-Journaal enige opwinding omdat de Belgisch-Vlaamse gemeente Menen aan de Frans-Belgische grens Franstaligen alleen in het Nederlands te woord wil staan. Geen woord in het NOS-Journaal over al die aangrenzende Franse gemeenten in het oorspronkelijk Nederlandstalige Frans-Vlaanderen die je uitsluitend in het Frans te woord staan!


Literair grensverkeer kan beter

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 31 augustus 2013

9. Vlaanderen & Friesland

Vanaf het begin van deze blog in juli viel het op dat na Nederland de meeste lezers te vinden waren in Rusland, de Verenigde Staten, Duitsland en België. Omdat ik in de eerste drie buitenlanden gastcolleges gegeven heb aan studenten Nederlands is dat nog te begrijpen. Maar dat ik zo weinig lezers in België heb dat vraagt om een verklaring.

Het had niet veel gescheeld of ik was in 1982 niet gepromoveerd op het proefschrift “Homoseksualiteit in Nederland; studie van een emancipatiebeweging” maar op de taalstrijd in Vlaanderen. Mijn hoogleraar vond die taalstrijd destijds achterhaald en homobevrijding veel actueler. Wie nu naar de problemen in België kijkt, kan tot een andere afweging komen.

Het is voor de Vlaamse en de Friese emancipatiebewegingen belangrijk om van elkaars ervaringen te leren. Er zijn zeker verschillen: de Vlamingen vormen in België een meerderheid en de Friezen in Nederland een minderheid. Maar veel van de hedendaagse problemen in België hadden vermeden kunnen worden als Walen en Vlamingen beter naar de Friese geschiedenis hadden gekeken. Zo is het een verademing om te zien hoe Friestaligen en niet-Friestaligen in Friesland met elkaar omgaan (Mienskip ofwel gemeenschapszin) in vergelijking met de minachting waarmee de meerderheid van de Franstaligen weigert Nederlands te leren verstaan. Zo weigeren in Brussel en omgeving de meeste Franstaligen Nederlands zelfs maar te aanhoren. Dat de Fransdolle partij FDF (Front des Francophones) Vlamingen als nazi’s behandelt, is ronduit discriminerend.

De haat waarmee in Noord-Frankrijk de daar wonende Vlamingen eeuwenlang werd verboden om Vlaams te spreken, zou ik culturele genocide willen noemen. Toch is er (of misschien wel juist daardoor) in Frans-Vlaanderen sprake van een sterke Vlaamse identiteit en wordt in steeds meer scholen in Rijsel, Duinkerke, Kassel, Hazebroek, Winoksbergen, Wormhout, Hondschote en Steenvoorde Nederlands gegeven op basisscholen. En in de delta van het riviertje de Aa tussen Duinkerke en Kalis/Calais had ik zelfs het gevoel in Friesland rond te rijden. Op de indrukwekkende berg van Kassel kwam ik tot mijn vreugde zelfs een standbeeld tegen van Robert le Frison! De gewoonte om de historische Friese invloedssfeer te laten ophouden bij het Zwin is mijns inziens te bescheiden. Het wordt hoog tijd dat meer Friezen het Blootland en het Houtland tussen Duinkerke en Rijsel gaan bezoeken en leren waarderen.

Welke mogelijke verklaringen voor de geringe aandacht voor mijn blog in België zijn er? Hebben Vlamingen geen belangstelling voor Nederland (meer)? Zijn Vlamingen veel meer regionaal gericht en minder internationaal dan Nederlanders? Is er binnen de humanistische en homo/lesbische  bewegingen in Vlaanderen geen belangstelling voor de geschiedenis van de eigen wereldwijde bewegingen? Lezen Vlamingen veel minder dan Nederlanders? Is de Vlaamse beweging veel provincialer gericht dan de Friese die veel internationaler gericht is? Vereenzelvigen Vlamingen Nederland ten onrechte meer met de Randstad (Holland) dan met de andere regio's in Nederland zoals Friesland? Beseffen Vlamingen en Franstalige Belgen niet dat zij veel hadden kunnen leren van de Friese taalstrijd (als ze daar al iets van af weten)?

Ik hoop dat mijn lezers in België deze vragen willen beantwoorden. Zij vinden mijn e-mail adres als zij op mijn profiel klikken. Maar ook mijn andere lezers kunnen reageren: graag zelfs! Zie voor de antwoorden: Vlaanderen & Nederland.

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.




zaterdag 24 augustus 2013

8. Tsjaikovski verbieden?

Sinds ik 3 augustus schreef over homoseksualiteit in Rusland is mijn blog onbereikbaar gebleken voor Russische lezers. Daarover niet getreurd, want er is wereldwijd aan dit onderwerp nog nooit zoveel aandacht besteed in de media en op internet als de laatste tijd. Je zou kunnen zeggen dat de Russische anti-homo-wet tot nu toe precies het tegenovergestelde heeft bereikt van wat Poetin en de zijnen beoogden: de doofpot.

Dat was vroeger wel anders. Eeuwenlang hebben Russische machthebbers en de orthodoxe kerk er alles aan gedaan om de homo/lesbische minderheid te verzwijgen. Zie hierover:
Homoseksualiteit in Rusland . Dat leidde tot de vreemdste vooroordelen en schijnheilige toestanden die ik in mijn eerdere berichten al gedeeltelijk beschreven heb.

Tijdens mijn bezoeken aan de Sovjet Unie in de jaren tachtig trachtte ik regelmatig het onderwerp aan de orde te stellen en dat werd meestal niet in dank afgenomen. Zelfs de mannen die zich in de badhuizen gelijkgeslachtelijk uitleefden, beweerden niet homo te zijn want dat was iets voor 'krankzinnigen' en 'kinderverkrachters' en zij waren zelf naar eigen zeggen toch 'keurig met een vrouw getrouwd'. Het was in de Sovjet Unie heel gebruikelijk dat een homo met een lesbo trouwde om zo aan een eigen woning te kunnen komen en onder de dekmantel van een schijnhuwelijk voor elkaar zo veel mogelijk ruimte te scheppen voor "Особенные дружбы" (bijzondere vriendschappen) die vooral niet homoseksueel of lesbisch genoemd mochten worden.

Ook in hogere kringen ontkwam men niet aan dergelijke schijnhuwelijken. De beroemde Russische componist Tsjaikovski deed een poging daartoe maar hield dat niet lang vol. Als ik begon over zijn verborgen homoseksualiteit dan reageerden de meeste Russen als door een adder gebeten: dat was een belediging van de 'Russische ziel'! Nu bleek die in veel gevallen nogal snel gekwetst te worden waaruit mijns inziens vooral blijkt dat veel mensen daar aan gevoelens van minderwaardigheid lijden.

Het heeft mij altijd verbaasd dat machtig lijkende staten en instellingen vrezen dat de mensheid ten onder gaat doordat twee mensen van het zelfde geslacht van elkaar houden. Als de verwoestende kracht van de gelijkgeslachtelijke liefde zo groot zo zou zijn wat stellen die heteroseksuele machtsblokken dan eigenlijk voor? Wordt die angst niet eerder ingegeven door de onderdrukking van eigen seksuele gevoelens? Waarom zou men walgen van iets dat je onverschillig laat?

Als er al zoiets als een Russische ziel zou bestaan dan heeft die mij het meest getroffen in het boek "In het huis van de dichter" geschreven door Jan Brokken over de beroemde pianist Youri Egorov. Ik hoop dat ooit een van de vele Nederlandssprekende Russen de moed en de middelen heeft om dit boeiende boek in het Russisch te vertalen en te doen uitgeven. Maar onder de nieuwe anti-homo-wet zal dat er helaas niet in zitten. Eerder moeten we vrezen dat de muziek van Tsjaikovksi verboden wordt in Rusland dan dat de regenboogvlaggen er vrijelijk mogen wapperen!

Elton John spreekt zich uit tegen Russische anti-homo-wet

Homo's pesten op zijn Russisch

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.

zaterdag 17 augustus 2013

7. KGB & CIA

Sinds het bericht over Rusland in mijn blog van 3 augustus 2013 zijn mijn tientallen Russische lezers nog steeds verdwenen maar er is volgens mijn blogstatistiek nog één keer vanuit Rusland naar mijn blog gekeken. Dit versterkt de indruk dat mijn blog in Rusland geblokkeerd is en dat er af en toe een censor kijkt wat ik nog meer te melden heb. Hartelijk welkom censor: ik heb nog een leuk bericht!

Als beginnend voorzitter (1986-1998) van de International Humanist and Ethical Union  (IHEU)  werd ik herhaaldelijk gewaarschuwd dat de KGB en de CIA onze organisatie bespioneerden. Mijn antwoord was steevast: "fijn, want dat betekent dat we serieus genomen worden en we kennelijk een evenwichtig beleid voeren!"

Wat de CIA betreft, was dat te verklaren omdat humanisten in de VS als handlangers van de Sovjet Unie werden beschouwd. Dat was nogal lachwekkend want in tegenstelling tot de wel toegelaten kerken werden humanistische organisaties in de communistische landen stelselmatig verboden. Met uitzondering van de DDR toen eind jaren tachtig daar een Freidenkerverband werd opgericht met onmiddellijk tienduizenden leden. Dat was nogal verdacht want zoiets was in de humanistische geschiedenis nog nooit voorgekomen. Zie: 'Rob Tielman, Humanistische emancipatiebewegingen' in: 'Paul Cliteur (red), Geschiedenis van het humanisme' (Amsterdam 1991 blz. 289-302). Toen dit Deutsche Freidenkerverband lid van de IHEU wilde worden, ging ik in Oost-Berlijn op werkbezoek waarbij de Stasi-mentaliteit zo overduidelijk was dat het lidmaatschap geweigerd werd en een paar maanden later bleek het inderdaad om een Stasi-mantelorganisatie te gaan. Tot zover de vooroordelen van de CIA.

De KGB heb ik in 1987 om de tuin geleid toen ik namens de IHEU aan Andrej Sacharov persoonlijk wilde mededelen dat wij aan hem de International Humanist Award wilden uitreiken. Met behulp van de adviezen van ervaringsdeskundige Bart Tromp ging ik vermomd als toerist naar Moskou. De groep Nederlandse toeristen werd zoals gebruikelijk ondergebracht in een hotel waar tientallen Nederlandstalige KGB-spionnen de toeristen afluisterden. Iedereen moest de paspoorten bij het hotel inleveren om te voorkomen dat men buiten de groep om de stad in zou trekken. Dat paspoort had ik echter wel nodig om binnen te komen bij de Nederlandse ambassade om het doel van mijn reis uit te leggen en er voor te zorgen dat zij mij zouden steunen als ik in problemen zou komen.

Ik voerde daarom in mijn hotelkamer een toneelstukje op dat het hotel mijn paspoort had gestolen en dat ik naar de ambassade zou gaan om deze diefstal van staatseigendom aan te geven. En ja hoor: de volgende ochtend werd het paspoort vriendelijk aan mij gegeven. Alles verliep volgens plan. Ik stelde de ambassade zodanig op de hoogte dat eventuele afluisteraars niets ervan konden begrijpen. Aan plattegronden van Moskou was aldaar niet te komen maar ik had thuis mijn huiswerk gedaan en de metroroute en het adres van Sacharov uit mijn hoofd geleerd. Bovendien wist ik van Bart Tromp dat de KGB-bewaking op een bepaalde dag per week slecht was omdat in de lift wel maar in het trappenhuis geen KGB-agent aanwezig was.

Zo kwam ik hijgend aan en zijn vrouw Jelena Bonner deed verbaasd open. Zij wist gelukkig van het bestaan van de IHEU en liet mij binnen alwaar ik Andrej Sacharov ontmoette. Hij maakte het aldaar bekende gebaar dat wij afgeluisterd werden en ik begon daarom met een lofzang op de geweldige grondwet van de Sovjet Unie en op het beleid van partijleider Gorbatsjov. Hij was erg blij met de prijs die hij gelukkig nog voor zijn dood in ontvangst kon nemen in New York.

De KGB ging kort daarna over in wat nu de FSB heet en men heeft het daar ongetwijfeld nu erg druk met het bestrijden van 'homoseksuele propaganda' waar zelfs het tonen van de regenboogkleuren al onder valt. Nu maar hopen op veel zon tijdens regenbuien in Rusland ofwel 'kermis in de hel'! (Zou de censor dit taalgrapje wel geleerd hebben tijdens de studie Nederlands?)

Zie voor het vervolg rond Sotsji 2014 mijn bericht van zaterdag 15 februari 2014.

Liefde overwint haat: Любовь побеждает ненависть

Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.