Op 28 juni 1969 begonnen in New York de Stonewall-rellen. Voor het eerst in de Verenigde Staten verzetten homo/lesbische Amerikanen zich tegen het homovijandig optreden van de politie die razzia's hield in homo/lesbische bars. Het leidde tot grote demonstraties met vele duizenden deelnemers. Vrij algemeen worden deze demonstraties gezien als het begin van de moderne homo/lesbische beweging. Wereldwijd vinden steeds meer Gay Pride Parades plaats naar het voorbeeld van New York. Toch vond de eerste homo/lesbische demonstratie in Nederland eerder plaats: op 21 januari 1969 op het Binnenhof in Den Haag.
Eerste homo/lesbische demonstratie
In mijn boek Homoseksualiteit in Nederland, studie van een emancipatieweging beschrijf ik de achtergronden. Diezelfde dag bespreekt de Tweede Kamer de mogelijke afschaffing van het discriminerende artikel 248-bis waarover ik hiervoor schreef.
Belangrijke bezwaren van de demonstranten zijn blijkens een persconferentie: artikel 248-bis is "discriminerend", "een bron van mogelijke chantage", een belemmering voor "een geëigende pedagogische en seksueel-vormende opvang", en een aantasting "van de intieme persoonlijke levenssfeer die juist minderjarigen zo nodig hebben om te komen tot zelfkennis, zelfaanvaarding en volwassenwording". Hier staat dus het belang van de homo/lesbische jongeren centraal.
Bij een vergelijking tussen de Amerikaanse en de Nederlandse demonstraties valt een aantal dingen op. De rellen in New York waren rond een bar, chaotisch, soms gewelddadig en met een opvallende rol voor travestieten. De vredige demonstratie in Den Haag was goed georganiseerd, sloot aan op een lange lobby onder politieke partijen, vond plaats op een politiek strategisch moment, was inhoudelijk goed onderbouwd met een nadruk op de schadelijke werking voor homo/lesbische jongeren die de demonstratie hielden. Kortom: een voorbeeld van het poldermodel gekenmerkt door zelforganisatie en het zoeken naar bondgenoten en sleutelfiguren. Het is dus geen wonder dat in 1971 artikel 248-bis werd afgeschaft en dat Nederland wereldwijd voorop liep bij het bereiken van homo/lesbische gelijkberechtiging. Ik ben blij dat ik als toenmalig voorzitter van de Utrechtse Studenten Werkgroep Homoseksualiteit heb kunnen bijdragen aan deze historische gebeurtenis.
Marcel van Dam
Mijn tweede ervaring met homo/lesbische politiek was een aanvaring die ik in 1974 had met Marcel van Dam (1938-) als staatssecretaris van Volkshuisvesting in het kabinet-Den Uyl (1973-1977). Ik zat namens het COC bij een breed overleg met belangengroepen die wilden dat er meer woningen kwamen voor alleenstaanden. Hij begon met zich af te vragen wat ik bij dat overleg deed. Ik legde uit dat juist homo's en lesbo's een groot belang hadden bij woningen voor alleenstaanden omdat zij in die tijd nog vaak gedwongen werden te blijven wonen bij hun vaak homovijandige ouders. Waarop zijn antwoord was dat homo's toch gelijk behandeld wilden worden en dan was het volgens hem daarmee in strijd dat zij zich afzonderden in een eigen organisatie. Ik noemde de vrouwenbeweging die bewees dat zelforganisatie voor achtergestelden een noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde voor gelijkberechtiging was en is. Hij was niet overtuigd en bleef vinden dat het COC zich op moest heffen. En dat in 1974 toen er nog vrijwel geen gelijke behandeling bestond!
Artikel 1 van de Grondwet
Als voorzitter van het Humanistisch Verbond was ik betrokken bij de herziening van de Grondwet van 1983. Dat ging voor het HV toen vooral over de gelijke behandeling van godsdienst en levensovertuiging in artikel 1. Daarover schrijf ik elders meer in mijn memoires. Omdat ik toch aan het lobbyen was, nam ik meteen de gelijke behandeling van homoseksuelen mee.
Ik schrijf daarover in de Humanistische Canon: "Tenslotte is het einde van Artikel 1 belangrijk: de
werking beperkt zich niet tot de genoemde kenmerken maar geldt voor
welke grond dan ook. Deze zinsnede is opgenomen omdat niet-confessionele
partijen ook homo- en heteroseksualiteit wilden noemen en christelijke
partijen dat weigerden. Het gevaar ontstond dat de weglating van deze
vorm van discriminatie uitstraalt dat homodiscriminatie meer geoorloofd
zou zijn. Door de gekozen toevoeging is voorkomen dat het
discriminatieverbod ongewild bepaalde vormen van discriminatie zou gaan
bevorderen. Nu valt bijvoorbeeld ook leeftijdsdiscriminatie en
discriminatie van mensen met een beperking onder de werking van Artikel
1. Ondanks de toevoeging 'op welke grond dan ook', pleit het
Humanistisch Verbond actief voor het benoemen van homoseksualiteit." Terecht streeft het COC daar ook naar.
Wet Gelijke Behandeling
Ook bij het tot stand komen van de Algemene wet gelijke behandeling van 1994 was ik betrokken, eerst als algemeen secretaris van het COC van 1971 tot 1975 en later als algemeen voorzitter van het HV van 1977 tot 1987. Een klein deel van de vrouwenbeweging vond de koppeling van vrouwen- aan homo/lesbische discriminatie nadelig omdat daardoor de invoering van de wet vertraagd werd. Ik herinner mij nog een discussie waarin ik door sommige vrouwen verweten werd "over de ruggen van vrouwen homorechten binnen te halen". De invloed van lesbische en solidaire heterovrouwen in de vrouwenbeweging was gelukkig groot genoeg om te voorkomen dat vrouwen- en homobeweging tegen elkaar werden uitgespeeld. Vooral bij kerken en christelijke partijen wilde men homo's en lesbo's kunnen blijven discrimineren op godsdienstige gronden.
Juridisch gezien is veel homo/lesbische discriminatie een vorm van discriminatie op grond van geslacht. Men staat aan een vrouw wel toe om een relatie met een man te hebben of te willen, maar met een vrouw niet. Ook sociaalhistorisch gezien, hangen vrouwen- en homo/lesbische emancipatie nauw samen. Dat geldt ook voor het godsdienstig verzet tegen gelijke behandeling. Daarom hebben het grootste deel van de vrouwenbeweging, de hele homo/lesbische beweging en de humanistische beweging decennialang nauw samengewerkt om tot een algemene wet gelijke behandeling te komen. Ik ben blij daaraan mijn steentje te hebben kunnen bijdragen vanuit zowel de homo- als de humanistische beweging.
Openstelling huwelijk
Dezelfde overwegingen speelden een rol bij het streven naar de openstelling van het huwelijk. Hier is de zelfde redenering van toepassing. Als je alleen een partner van het andere geslacht mag trouwen en niet van hetzelfde geslacht, dan is dat een vorm van discriminatie op grond van geslacht. Het feit dat het COC helaas lange tijd tegen de openstelling van het huwelijk was, heeft mij er niet van weerhouden om juist vanuit mijn rol in de humanistische beweging er vóór te zijn.
Allereerst was het noodzakelijk om een Nederlandse regering tot stand
te brengen zonder de toen homovijandige christelijke partijen. Als
voorzitter van het Humanistisch Verbond heb ik mij daar langdurig voor ingezet. De vijandschap tussen de twee grootste seculiere partijen, de PvdA en de VVD, was jarenlang te groot. In 1994 kwam eindelijk het eerste seculiere kabinet Paars I van PvdA, VVD en D66 tot stand. Ook toen moesten nog de nodige juridische en politieke hobbels opgeruimd worden.
Tijdens de kabinetsformatie van Paars II begin zomer 1998 was het eindelijk zover. Met dank aan D66 onderhandelaar Boris Dittrich
werd er overeenstemming bereikt over de openstelling van het huwelijk
voor paren van gelijk geslacht. Dit lekte uit op een vroege zomeravond
en het NOS Journaal wilde daar om tien uur aandacht aan besteden. Zij belden na negenen op naar Henk Krol
in Eindhoven om zo snel als mogelijk naar Hilversum te komen maar daar
was de tijd te kort voor. Hij stelde de NOS voor om mij te benaderen in
de terechte veronderstelling dat ik dichter bij Hilversum zou zijn.
Het
is bijna niet meer voor te stellen maar dit speelde zich af in de tijd
dat nog niet iedereen over een mobieltje beschikte. Mijn vriend Herman
was gelukkig thuis in Vianen en hij wist dat ik met het bestuur van het
humanistisch vormingsonderwijs vergaderde in een hotel in Utrecht. De
receptionist van het hotel had mij daar binnen zien komen en toen de NOS
belde kon hij mij meteen naar de telefoon halen. Ik stapte onmiddellijk
in mijn auto en was net op tijd in de studio in Hilversum.
Er
was geen tijd voor vooroverleg en ik werd overvallen door de kritische
vraag waarom het homo/lesbisch ouderschap nog niet geregeld was. In
minder dan een seconde overwoog ik dat het een strategische blunder zou
zijn om deze stap vooruit nu te ondergraven door kritiek te geven op het
bereikte resultaat. Uit onderzoek was al gebleken dat Nederland in
meerderheid voor gelijkberechtiging van volwassen paren was maar
verdeeld was over homo/lesbisch ouderschap. Daarom zei ik dat
ouderschapswetgeving iets anders was dan huwelijkswetgeving en dat ik
heel blij was dat dit mensenrecht om te kunnen trouwen nu werkelijkheid
zou worden.
Landelijke Werkgroep Politiek
Vanaf het begin ben ik lid geweest van de Landelijke Werkgroep Politiek van het COC. Anders dan Marcel van Dam dacht in 1974 is er nog altijd veel te doen om in Nederland gelijke behandeling tot stand te brengen. En dat geldt nog veel meer voor de wereldwijde bestrijding van homovervolging. Daarover meer in mijn volgende blogbericht over mijn rol in de internationale homo/lesbische beweging.
Naschrift: Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Naschrift: in mijn blog plaats ik onder andere conceptteksten voor mijn memoires die eind 2016 als boek zullen verschijnen. Mijn eigen blogteksten zal ik niet steeds als citaat aanhalen. Dat doe ik wel met het aanhalen van mijn eigen teksten die elders zijn verschenen, met bronvermelding.
zaterdag 8 augustus 2015
zaterdag 1 augustus 2015
104. Mijn rol in het COC
In dit blogbericht beschrijf ik mijn eigen rol in de homo/lesbische emancipatiebeweging COC. Eerder heb ik geschreven over de wereldwijde homovervolging. Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat blogbericht wordt in aantallen lezers gevolgd door nummer 19 over de nog altijd noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging. Daarna volgen in aantallen lezers de blogberichten 64 over de vraag waar de homohaters nu zitten, 4 over levensgevaarlijke preutsheid en 72 over veel misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit.
Voorgeschiedenis
Tijdens mijn jeugd kwam ik het woord "homovervolging" niet tegen. Homo's waren volgens vrijwel iedereen in de jaren vijftig "verwijfd" en dat was ik niet dus daar had ik niets mee van doen. Dat vooroordeel bleef zelfs overeind toen ik van 1965 tot 1967 een relatie had met mijn eerste vriendje, die anderhalf jaar jonger was dan ik. Pas toen zijn moeder, mijn hospita, ons in de rampenzomer van 1967 samen bloot slapend in één bed aantrof, drong het tot mij door wat homovervolging betekende.
Als ik een paar maanden ouder zou zijn geweest dan was ik als meerderjarige voor de duur van ons leeftijdsverschil strafbaar geweest vanwege het discriminerende "chantage-artikel" 248-bis van het Wetboek van Strafrecht. Met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar en een strafblad op grond van een zogeheten "zedenmisdrijf" had ik mijn verdere loopbaan wel kunnen vergeten. Ik weet niet meer wat mij toen het meeste woedend maakte: mijn verbroken eerste liefde, het onrecht om van wederzijdse liefde een misdrijf te maken of het stelselmatig doodzwijgen en vervolgen van een minderheid. Elk nadeel heeft gelukkig zijn voordeel. Het heeft mij mijn leven lang voldoende daadkracht opgeleverd om op te komen voor het mensenrecht op zelfbeschikking.
Mijn homovijandige vader wilde mijn studie niet meer betalen maar streek ondertussen wel de kinderbijslag en -aftrek op. Dankzij bemiddeling van de studentendecaan mevrouw Van Herten-Romme kon ik studentassistent worden bij de universiteit van Utrecht. Mijn baas Rob Gras bleek (toevallig?!) actief in de homo/lesbische beweging en binnen de kortste keren leerde ik de toenmalige COC-voorzitter Benno Premsela kennen. Mede dankzij de toen net opkomende studentenwerkgroepen homoseksualiteit en de actiegroep Nieuw Lila bracht ik het snel van 1971 tot 1975 tot algemeen secretaris van het COC.
Nederlandse Vereniging tot Integratie van Homoseksualiteit COC
De geschiedenis van het COC heb ik beschreven in mijn proefschrift Homoseksualiteit in Nederland. Studie van een emancipatiebeweging (Amsterdam 1982). Het tijdvak 1971-1975 is een keerpunt in de Nederlandse homo/lesbische beweging. In 1971 wordt na zestig jaar strijd artikel 248-bis afgeschaft. In datzelfde jaar wijzigt het COC zijn naamgeving van de Nederlandse Vereniging van Homofielen in de Nederlandse Vereniging tot Integratie van Homoseksualiteit. Die naamsverandering staat voor een koerswijziging. Geen schuilkelder meer maar maatschappijverandering door het streven naar gelijkberechtiging.
Omdat het COC in die tijd geen directeur had, werd de algemeen secretaris als vrijwilliger een soort onbetaald directeur. De meeste tijd ging zitten in het draaiende houden van het hoofdkantoor en de contacten met de achterban, de politiek en de media. In die tijd was bijna alle aandacht in de media negatief en de kunst was om dat in positieve publiciteit om te zetten. Mijn humanistische contacten in de media en de politiek kwamen goed van pas.
In de eigen achterban was het in die tijd gebruikelijk om van een hetero te zeggen: "hij is normaal". Die gewoonte heb ik met succes bestreden. Het gebruik van het begrip normaal lijkt onbeduidend maar is dat niet. Het vermengt de betekenissen gangbaar en gewenst. Juist voor een minderheid die gelijkwaardigheid nastreeft, is het belangrijk om duidelijk te maken dat iets dat niet gangbaar is daardoor niet ongewenst of minderwaardig is. Het is gelukkig nu heel gewoon dat het woord hetero wordt gebruikt in plaats van normaal. Zo bestreed en bestrijd ik ook het gebruik van het woord natuurlijk als vanzelfsprekend bedoeld wordt. Voor homo's en lesbo's is er niets tegennatuurlijks aan om de eigen natuur te volgen. Het doorbreken van de vanzelfsprekendheid van heteroseksualiteit is immers noodzakelijk om homo/lesbische jongeren meer kansen te bieden op een gelijkwaardig bestaan.
Belangrijk voor de geschiedschrijving was mijn rol bij het veilig stellen van het COC-archief en de redding van de unieke boekencollectie van een van de oprichters van het COC, Jaap van Leeuwen (1892-1978). Zie meer hierover in blogbericht 50: Aan de dood ontsnapt...
Dankzij het kabinet Den Uyl (1973-1977) werd in 1973 een aantal belangrijke stappen vooruit gezet. Het COC kreeg voor het eerst subsidie, er kwam een eerste erkenning door de overheid van homorelaties en dienstplichtige homomannen werden niet meer vanzelf voor de militaire dienstplicht afgekeurd. Dat was het "gekkenbriefje" ofwel S5, dat grote problemen opleverde bij latere sollicitaties omdat homo's toen nog door werkgevers gediscrimineerd mochten worden.
Koninklijke goedkeuring
Na 27 jaar sociale, politieke en juridische strijd werd het COC eindelijk rechtspersoon, de zogenoemde koninklijke goedkeuring, dankzij D66-er Jan Glastra van Loon (1920-2001) die van 1973 tot 1975 staatssecretaris voor Justitie was. Hij volgde mij van 1987 tot 1994 op als voorzitter van het Humanistisch Verbond. Tot 1973 waren bestuursleden van het COC hoofdelijk aansprakelijk, wat een ernstige belemmering was voor de homo/lesbische beweging. En dat allemaal omdat het COC volgens de christelijke partijen een "gevaar voor de rechtsorde" was.
Maart 1972 leerden mijn partner Herman Beks en ik elkaar kennen. Heel snel gingen wij samenwonen in mijn huurflat in de Utrechtse wijk Overvecht. Dankzij vrienden van Benno Premsela hoorden wij dat er een verwaarloosd rijksmonument uit 1600 in Vianen te koop stond. Najaar 1973 liep Herman door een straatje van middeleeuws Vianen op weg om het pand te gaan bekijken toen hij mij plotseling door een raam op de televisie zag. Wat was er gebeurd?
Die middag was bekend geworden dat het COC eindelijk rechtspersoon zou worden. De NOS wilde Benno Premsela live in het Journaal van zes uur hebben maar hij vond het beter dat een jongere als ik dat zou doen. Het was de eerste rechtstreekse televisie-uitzending die ik meemaakte. Er zouden nog enkele volgen. Omdat er in die tijd nog geen mobieltjes waren, had ik Herman niet kunnen bereiken om hem in te seinen. Ik hoorde pas die avond laat dat hij mij gezien had door een raam van een huis naast het huis waar wij ruim dertig jaar zouden gaan wonen. Ik ben niet bijgelovig maar deze samenloop van omstandigheden blijf ik heel toevallig vinden.
Vertrek uit COC-hoofdbestuur
Die bewuste avond was ik in de tussentijd nog even op en neer gereden naar Groningen om daar een lezing te geven voor de plaatselijke COC-afdeling. Dat was kenmerkend voor de periode van 1971 tot 1975 dat ik algemeen secretaris van het COC was. Naast mijn werk als beginnend wetenschappelijk medewerker aan de universiteit van Utrecht ging daarin heel veel vrije tijd zitten. Ik zat 's avonds vaak op het COC-hoofdkantoor aan het Frederiksplein in Amsterdam of hield lezingen door het hele land. Zo was ik betrokken bij het oprichten van afdelingen in Friesland en Limburg.
De rest van het toenmalige hoofdbestuur vond (na het vertrek van Benno Premsela als voorzitter in 1971) dat ik te nauwe banden onderhield met de achterban. Mij bleek eind 1974 dat de meeste hoofdbestuursleden zelfs dachten dat ik met de afdelingen bezig was om een coup te plegen. Achteraf gezien, kan ik mij wel voorstellen dat mijn grote inzet voor het COC bij medebestuursleden weerstanden opriep. Zo hebben velen jarenlang in de buitenwereld gedacht dat ik Benno Premsela als voorzitter bij het COC was opgevolgd. Als algemeen secretaris was ik de woordvoerder voor het COC en kreeg daardoor veel meer media-aandacht dan de twee voorzitters die Benno Premsela waren opgevolgd.
De vertrouwensbreuk was voor mij een enorme schok. Een jarenlange tomeloze inzet voor het COC werd beloond met stank voor dank. Ik was er zo van overstuur dat Herman Benno Premsela vroeg om langs te komen. Hij kwam meteen van Amsterdam naar Vianen. Dat heeft mij enorm geholpen. Het was duidelijk dat ik mij te veel met het COC vereenzelvigd had. De goede les die ik toen geleerd heb, was dat ik de nodige afstand moest houden van organisaties waarbij ik mij betrokken voelde. Tijdens mijn promotie-onderzoek is mij gebleken dat heel veel oud-bestuurders van het COC de organisatie gefrustreerd verlaten hebben. Grappenderwijs werd de vereniging door sommigen wel "Crisis Op Crisis" genoemd. De persoonlijke betrokkenheid van vele vrijwilligers was zo groot dat velen teleurgesteld werden als het tegen zat. Ikzelf besloot uit het bestuur te stappen en de rest van het bestuur werd op het eerstvolgende congres weggestuurd.
Ruzie met Gaykrant
In de nu bijna 50 jaar dat ik lid ben van het COC was ik het niet altijd eens met het beleid van het COC. Zo heeft er jarenlang een soort van koude oorlog bestaan tussen het COC en de Gaykrant. Vanaf 1982 schreef ik daarin (zonder betaling) een maandelijkse column. In blogbericht 2 van 13 juli 2013 schrijf ik daarover: "Als algemeen secretaris van het COC van 1971 tot 1975 vond ik het nogal opmerkelijk dat mijn medewerking aan de Gaykrant voor het COC reden was om mij jarenlang te negeren. Gelukkig werd dat door het COC oktober 1998 goed gemaakt door mij als "een van de belangrijkste pijlers onder het succes van integratie van homoseksualiteit in de Nederlandse samenleving in de afgelopen dertig jaar" de Bob Angelo Penning uit te reiken. Er was in het verleden opmerkelijk veel haat en nijd in homoland maar gelukkig zijn de tijden ook in dit opzicht veranderd."
Openstelling huwelijk
Een ander belangrijk punt waarover het COC en ik jarenlang van mening verschilden, was de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Jarenlang waren velen in het COC van mening dat het huwelijk moest worden afgeschaft. Zelf was en ben ik van mening dat iedere vorm van achterstelling op grond van homoseksualiteit moest worden afgeschaft. Als hetero's mogen trouwen dan homo's ook, los van de vraag of ik zelf wilde trouwen. Herman en ik hebben al meer dan 43 jaar een notarieel samenlevingscontract en we hebben het daarbij gelaten.
Memoires
In komende blogberichten zal ik in het kader van mijn memoires in wording aandacht besteden aan mijn activiteiten in de homo/lesbische beweging nadat ik was afgetreden als algemeen secretaris van het COC. In de homo/lesbische politiek, in de International Gay & Lesbian Movement, als voorzitter van Homostudies Utrecht, als bestuurslid van Homodok, voorzitter van Homologie, vice-voorzitter van Homo RTV Urania voorzitter van Vrolijk en lid van de raad van toezicht van Schorer, als secretaris van de stichting Leerstoelen Lesbische en Homostudies, en ruim 30 jaar als columnist van de Gaykrant.
Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Voorgeschiedenis
Tijdens mijn jeugd kwam ik het woord "homovervolging" niet tegen. Homo's waren volgens vrijwel iedereen in de jaren vijftig "verwijfd" en dat was ik niet dus daar had ik niets mee van doen. Dat vooroordeel bleef zelfs overeind toen ik van 1965 tot 1967 een relatie had met mijn eerste vriendje, die anderhalf jaar jonger was dan ik. Pas toen zijn moeder, mijn hospita, ons in de rampenzomer van 1967 samen bloot slapend in één bed aantrof, drong het tot mij door wat homovervolging betekende.
Als ik een paar maanden ouder zou zijn geweest dan was ik als meerderjarige voor de duur van ons leeftijdsverschil strafbaar geweest vanwege het discriminerende "chantage-artikel" 248-bis van het Wetboek van Strafrecht. Met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar en een strafblad op grond van een zogeheten "zedenmisdrijf" had ik mijn verdere loopbaan wel kunnen vergeten. Ik weet niet meer wat mij toen het meeste woedend maakte: mijn verbroken eerste liefde, het onrecht om van wederzijdse liefde een misdrijf te maken of het stelselmatig doodzwijgen en vervolgen van een minderheid. Elk nadeel heeft gelukkig zijn voordeel. Het heeft mij mijn leven lang voldoende daadkracht opgeleverd om op te komen voor het mensenrecht op zelfbeschikking.
Mijn homovijandige vader wilde mijn studie niet meer betalen maar streek ondertussen wel de kinderbijslag en -aftrek op. Dankzij bemiddeling van de studentendecaan mevrouw Van Herten-Romme kon ik studentassistent worden bij de universiteit van Utrecht. Mijn baas Rob Gras bleek (toevallig?!) actief in de homo/lesbische beweging en binnen de kortste keren leerde ik de toenmalige COC-voorzitter Benno Premsela kennen. Mede dankzij de toen net opkomende studentenwerkgroepen homoseksualiteit en de actiegroep Nieuw Lila bracht ik het snel van 1971 tot 1975 tot algemeen secretaris van het COC.
Nederlandse Vereniging tot Integratie van Homoseksualiteit COC
De geschiedenis van het COC heb ik beschreven in mijn proefschrift Homoseksualiteit in Nederland. Studie van een emancipatiebeweging (Amsterdam 1982). Het tijdvak 1971-1975 is een keerpunt in de Nederlandse homo/lesbische beweging. In 1971 wordt na zestig jaar strijd artikel 248-bis afgeschaft. In datzelfde jaar wijzigt het COC zijn naamgeving van de Nederlandse Vereniging van Homofielen in de Nederlandse Vereniging tot Integratie van Homoseksualiteit. Die naamsverandering staat voor een koerswijziging. Geen schuilkelder meer maar maatschappijverandering door het streven naar gelijkberechtiging.
Omdat het COC in die tijd geen directeur had, werd de algemeen secretaris als vrijwilliger een soort onbetaald directeur. De meeste tijd ging zitten in het draaiende houden van het hoofdkantoor en de contacten met de achterban, de politiek en de media. In die tijd was bijna alle aandacht in de media negatief en de kunst was om dat in positieve publiciteit om te zetten. Mijn humanistische contacten in de media en de politiek kwamen goed van pas.
In de eigen achterban was het in die tijd gebruikelijk om van een hetero te zeggen: "hij is normaal". Die gewoonte heb ik met succes bestreden. Het gebruik van het begrip normaal lijkt onbeduidend maar is dat niet. Het vermengt de betekenissen gangbaar en gewenst. Juist voor een minderheid die gelijkwaardigheid nastreeft, is het belangrijk om duidelijk te maken dat iets dat niet gangbaar is daardoor niet ongewenst of minderwaardig is. Het is gelukkig nu heel gewoon dat het woord hetero wordt gebruikt in plaats van normaal. Zo bestreed en bestrijd ik ook het gebruik van het woord natuurlijk als vanzelfsprekend bedoeld wordt. Voor homo's en lesbo's is er niets tegennatuurlijks aan om de eigen natuur te volgen. Het doorbreken van de vanzelfsprekendheid van heteroseksualiteit is immers noodzakelijk om homo/lesbische jongeren meer kansen te bieden op een gelijkwaardig bestaan.
Belangrijk voor de geschiedschrijving was mijn rol bij het veilig stellen van het COC-archief en de redding van de unieke boekencollectie van een van de oprichters van het COC, Jaap van Leeuwen (1892-1978). Zie meer hierover in blogbericht 50: Aan de dood ontsnapt...
Dankzij het kabinet Den Uyl (1973-1977) werd in 1973 een aantal belangrijke stappen vooruit gezet. Het COC kreeg voor het eerst subsidie, er kwam een eerste erkenning door de overheid van homorelaties en dienstplichtige homomannen werden niet meer vanzelf voor de militaire dienstplicht afgekeurd. Dat was het "gekkenbriefje" ofwel S5, dat grote problemen opleverde bij latere sollicitaties omdat homo's toen nog door werkgevers gediscrimineerd mochten worden.
Koninklijke goedkeuring
Na 27 jaar sociale, politieke en juridische strijd werd het COC eindelijk rechtspersoon, de zogenoemde koninklijke goedkeuring, dankzij D66-er Jan Glastra van Loon (1920-2001) die van 1973 tot 1975 staatssecretaris voor Justitie was. Hij volgde mij van 1987 tot 1994 op als voorzitter van het Humanistisch Verbond. Tot 1973 waren bestuursleden van het COC hoofdelijk aansprakelijk, wat een ernstige belemmering was voor de homo/lesbische beweging. En dat allemaal omdat het COC volgens de christelijke partijen een "gevaar voor de rechtsorde" was.
Maart 1972 leerden mijn partner Herman Beks en ik elkaar kennen. Heel snel gingen wij samenwonen in mijn huurflat in de Utrechtse wijk Overvecht. Dankzij vrienden van Benno Premsela hoorden wij dat er een verwaarloosd rijksmonument uit 1600 in Vianen te koop stond. Najaar 1973 liep Herman door een straatje van middeleeuws Vianen op weg om het pand te gaan bekijken toen hij mij plotseling door een raam op de televisie zag. Wat was er gebeurd?
Die middag was bekend geworden dat het COC eindelijk rechtspersoon zou worden. De NOS wilde Benno Premsela live in het Journaal van zes uur hebben maar hij vond het beter dat een jongere als ik dat zou doen. Het was de eerste rechtstreekse televisie-uitzending die ik meemaakte. Er zouden nog enkele volgen. Omdat er in die tijd nog geen mobieltjes waren, had ik Herman niet kunnen bereiken om hem in te seinen. Ik hoorde pas die avond laat dat hij mij gezien had door een raam van een huis naast het huis waar wij ruim dertig jaar zouden gaan wonen. Ik ben niet bijgelovig maar deze samenloop van omstandigheden blijf ik heel toevallig vinden.
Vertrek uit COC-hoofdbestuur
Die bewuste avond was ik in de tussentijd nog even op en neer gereden naar Groningen om daar een lezing te geven voor de plaatselijke COC-afdeling. Dat was kenmerkend voor de periode van 1971 tot 1975 dat ik algemeen secretaris van het COC was. Naast mijn werk als beginnend wetenschappelijk medewerker aan de universiteit van Utrecht ging daarin heel veel vrije tijd zitten. Ik zat 's avonds vaak op het COC-hoofdkantoor aan het Frederiksplein in Amsterdam of hield lezingen door het hele land. Zo was ik betrokken bij het oprichten van afdelingen in Friesland en Limburg.
De rest van het toenmalige hoofdbestuur vond (na het vertrek van Benno Premsela als voorzitter in 1971) dat ik te nauwe banden onderhield met de achterban. Mij bleek eind 1974 dat de meeste hoofdbestuursleden zelfs dachten dat ik met de afdelingen bezig was om een coup te plegen. Achteraf gezien, kan ik mij wel voorstellen dat mijn grote inzet voor het COC bij medebestuursleden weerstanden opriep. Zo hebben velen jarenlang in de buitenwereld gedacht dat ik Benno Premsela als voorzitter bij het COC was opgevolgd. Als algemeen secretaris was ik de woordvoerder voor het COC en kreeg daardoor veel meer media-aandacht dan de twee voorzitters die Benno Premsela waren opgevolgd.
De vertrouwensbreuk was voor mij een enorme schok. Een jarenlange tomeloze inzet voor het COC werd beloond met stank voor dank. Ik was er zo van overstuur dat Herman Benno Premsela vroeg om langs te komen. Hij kwam meteen van Amsterdam naar Vianen. Dat heeft mij enorm geholpen. Het was duidelijk dat ik mij te veel met het COC vereenzelvigd had. De goede les die ik toen geleerd heb, was dat ik de nodige afstand moest houden van organisaties waarbij ik mij betrokken voelde. Tijdens mijn promotie-onderzoek is mij gebleken dat heel veel oud-bestuurders van het COC de organisatie gefrustreerd verlaten hebben. Grappenderwijs werd de vereniging door sommigen wel "Crisis Op Crisis" genoemd. De persoonlijke betrokkenheid van vele vrijwilligers was zo groot dat velen teleurgesteld werden als het tegen zat. Ikzelf besloot uit het bestuur te stappen en de rest van het bestuur werd op het eerstvolgende congres weggestuurd.
Ruzie met Gaykrant
In de nu bijna 50 jaar dat ik lid ben van het COC was ik het niet altijd eens met het beleid van het COC. Zo heeft er jarenlang een soort van koude oorlog bestaan tussen het COC en de Gaykrant. Vanaf 1982 schreef ik daarin (zonder betaling) een maandelijkse column. In blogbericht 2 van 13 juli 2013 schrijf ik daarover: "Als algemeen secretaris van het COC van 1971 tot 1975 vond ik het nogal opmerkelijk dat mijn medewerking aan de Gaykrant voor het COC reden was om mij jarenlang te negeren. Gelukkig werd dat door het COC oktober 1998 goed gemaakt door mij als "een van de belangrijkste pijlers onder het succes van integratie van homoseksualiteit in de Nederlandse samenleving in de afgelopen dertig jaar" de Bob Angelo Penning uit te reiken. Er was in het verleden opmerkelijk veel haat en nijd in homoland maar gelukkig zijn de tijden ook in dit opzicht veranderd."
Openstelling huwelijk
Een ander belangrijk punt waarover het COC en ik jarenlang van mening verschilden, was de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Jarenlang waren velen in het COC van mening dat het huwelijk moest worden afgeschaft. Zelf was en ben ik van mening dat iedere vorm van achterstelling op grond van homoseksualiteit moest worden afgeschaft. Als hetero's mogen trouwen dan homo's ook, los van de vraag of ik zelf wilde trouwen. Herman en ik hebben al meer dan 43 jaar een notarieel samenlevingscontract en we hebben het daarbij gelaten.
Memoires
In komende blogberichten zal ik in het kader van mijn memoires in wording aandacht besteden aan mijn activiteiten in de homo/lesbische beweging nadat ik was afgetreden als algemeen secretaris van het COC. In de homo/lesbische politiek, in de International Gay & Lesbian Movement, als voorzitter van Homostudies Utrecht, als bestuurslid van Homodok, voorzitter van Homologie, vice-voorzitter van Homo RTV Urania voorzitter van Vrolijk en lid van de raad van toezicht van Schorer, als secretaris van de stichting Leerstoelen Lesbische en Homostudies, en ruim 30 jaar als columnist van de Gaykrant.
Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 25 juli 2015
103. Solidariteit
In de afgelopen twee jaar heb ik enkele stukken uit mijn memoires in wording geplaatst in mijn blog. Het best bekeken zijn een viertal blogberichten over mijn eigen homoverleden: de nummers 32 over Mijn eerste vriendje, 45 over Gerard Reve & Antoine Bodar, 37 over de Rampenzomer 1967 en 28 over mijn Homojeugd. Uit mijn humanistisch verleden is het meest bekeken blogbericht nummer 41 over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia. Uit mijn onderwijsverleden is dat nummer 27: "Dachautje spelen". Hieronder een hoofdstukje over mijn politieke verleden.
Naoorlogs verleden
Vijftig jaar geleden werd ik lid van de Partij van de Arbeid. Het was de eerste keer dat ik lid werd van een landelijke vereniging. Enkele jaren later gevolgd door de homo/lesbische organisatie het COC en het Humanistisch Verbond. Deze drie organisaties zijn opgericht in 1946, mijn geboortejaar. De drie hebben ook gemeen dat hun oprichting in het teken stond van de gruwelijkheden uit de Tweede Wereldoorlog. Zij gaan alle drie uit van het beginsel dat mensen het recht hebben om zelf zin en vorm te geven aan hun bestaan zolang zij de mensenrechten van anderen niet schaden. Zonder de overwinning op het nazisme hadden ze alle drie niet bestaan. Net zoals ik zelf mijn bestaan aan het einde van de oorlog te danken had. Mijn vader kwam als achttienjarige uit een Duits kamp en mijn moeder had als "Roomse Jodin" jarenlang een verborgen bestaan geleid.
Platvloers socialisme
Ik was een "moetje": zij moesten trouwen toen mijn moeder van mij in verwachting was. Mijn atheïstische vader moest onder druk van zijn zeer katholieke schoonvader beloven dat ik katholiek werd opgevoed. Mijn vader was er als ongeschoold arbeider op tegen dat ik ging studeren. De verhoudingen thuis waren onhoudbaar geworden. Hij en zijn in huis wonende Groningse ouders waren platvloerse socialisten, gevoed door wrok tegenover een ieder die het beter had en anders was dan zij. Dankzij de steun van mijn moeder kon ik als achttienjarige uit het ouderlijk huis ontsnappen en toch gaan studeren aan de Nijmeegse katholieke universiteit door een beroep te doen op de belofte mij katholiek op te voeden.
Fascistoïde katholicisme
In Nijmegen viel ik van het ene uiterste in het andere. Het "Dachautje spelen" tijdens de (toen nog voor alle studenten verplichte!) ontgroening maakte mij bewust van de noodzaak om mij te organiseren en zo de verworven vrijheid te verdedigen. Ik besefte dat ik als zoon van een ongeschoolde arbeider nooit had kunnen studeren als de Partij van de Arbeid zich daarvoor niet had ingezet. De stap om daarvan lid te worden, betekende in het Nijmegen van die tijd nogal wat want ik werd op straat uitgescholden voor "vuile communist" door corpsstudenten wier politieke kennis kennelijk nogal beperkt was.
Liberale sociaal-democratie
Ik volgde de toenmalige partijscholing en kwam zo in contact met sleutelfiguren als de liberale sociaaldemocraat en humanist Hein Roethof (1921-1996). Hij was lid van de Tweede Kamer van 1969 tot 1982 en van 1986 tot 1989. Ik voelde mij met hem verwant en vroeg hem vaak om advies. Zo ben ik in de loop der jaren herhaaldelijk gepolst om mij verkiesbaar te stellen voor de PvdA maar hij raadde mij dat af op grond van zijn eigen partijpolitieke ervaringen. Achteraf gezien ben ik hem daar zeer dankbaar voor want als politicus leef je in een glazen huis en dat zou een te grote aanslag op mijn persoonlijk leven zijn geweest.
Joop den Uyl
Mijn belangrijkste aanvaring met de PvdA was in 1977 toen ik net algemeen voorzitter was geworden van het Humanistisch Verbond. Met mijn voorganger Max Rood (1927-2001) had ik afgesproken dat hij in zijn afscheidsrede een pleidooi zou houden voor een coalitie van PvdA, D66 en de VVD om het machtsmisbruik door de christelijke partijen te beëindigen. Hij kon dat makkelijker doen dan ik omdat hij lid was van D66 en omdat samenwerking met de VVD binnen de PvdA een groot taboe was in die tijd.
Hoe groot bleek al snel want ik werd als jong broekje van 30 op het matje geroepen door de partijleider van de PvdA Joop den Uyl (1919-1987) die toen nog minister-president was (van 1973 tot 1977). Hij vond het volstrekt onaanvaardbaar dat ik samenwerking met de "klassenvijand" VVD bepleitte. Mijn betoog dat mijn voorganger dat had gedaan en dat ik als voorzitter van het HV goede ervaringen had met "echte liberalen" in de humanistische achterban maakte weinig indruk op hem. Hij bleek wel gevoelig voor mijn argument dat uitsluiting van de VVD door de PvdA een onevenredig grote macht gaf aan de christelijke partijen. Hij zou dat zelf snel ondervinden omdat zijn verkiezingsoverwinning van 1977 in dat zelfde jaar eindigde in een "overwinningsnederlaag" toen christelijke partijen niet met de PvdA maar met de VVD in zee gingen.
Wim Kok
Ik had betere ervaringen met zijn opvolger als PvdA-partijleider Wim Kok (1938-). In de periode van 1976 tot 1981 werkte hij aan de oprichting van de Federatie Nederlandse Vakbeweging. De FNV was een fusie van algemene en katholieke bonden. De katholieke kerk had statutair de macht om dat tegen te houden. Zij had moeite met de fusie en eiste de oprichting van een FNV-secretariaat voor de levensbeschouwing. Wim Kok vond dat prima maar vond dat daarin niet alleen katholieken en protestanten maar zeker ook humanisten moesten zitten. Zo werd ik als voorzitter van het HV bij de onderhandelingen betrokken. De protestanten vonden dat ook de christelijke vakbond CNV in dat secretariaat zou moeten zitten. Ook dat vond Kok prima maar het CNV eiste tot mijn grote verbazing dat de volgens hen "antikerkelijke" humanisten er weer uitgegooid zouden worden. Tot mijn grote vreugde ging Kok niet op die eis in en zei dat iedereen zou worden uitgenodigd en dat men zelf maar moest zien of men op die uitnodiging in zou gaan of niet. Het CNV ging overstag en het secretariaat heeft lange tijd uitstekend werk verricht op het raakvlak van vakbeweging en levensbeschouwing.
Het is uiteindelijk onder leiding van Wim Kok geweest dat de al sinds 1977 ook door mij beoogde coalitie tussen PvdA, D66 en VVD tot stand is gekomen van 1994 tot 2002. Het door christelijke partijen jarenlang geblokkeerde zelfbeschikkingsrecht van mensen kon hierdoor eindelijk wettelijk erkend worden. Ik noem met name de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht (1 april 2001) en het recht op vrijwillige euthanasie (1 april 2002). Daarmee heeft Nederland voorbeelden gesteld die wereldwijd steeds meer navolging krijgen. Het is dan ook terecht dat het eerste boek over de geschiedenis van de International Humanist and Ethical Union aan het eind van zijn premierschap tijdens het wereldcongres van de IHEU in 2002 door redacteur Bert Gasenbeek (1953-) aan Wim Kok werd uitgereikt.
Karin Adelmund
De PvdA-bewindspersoon met wie ik het meest heb samengewerkt was Karin Adelmund (1949-2005). Zij was van 1998 tot 2002 in het kabinet Wim Kok II staatssecretaris voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Als voorzitter van het landelijk platform openbaar onderwijs CBOO had ik maandelijks agenda-overleg met haar op het ministerie. Ik was onder de indruk van haar persoonlijke betrokkenheid met haar werk, iets dat door velen als een zwakte werd en wordt gezien. Zij was een van de eersten die begrip had voor mijn pleidooi om meer te doen tegen de toenemende homovijandigheid in het onderwijs. De meeste mensen (ook in de PvdA) wilden dat niet zien. Deels omdat men ten onrechte dacht dat de homo/lesbische emancipatie voltooid zou zijn. Deels omdat men de ogen sloot voor de homohaat in islamitische kringen. Mede dankzij haar is dit onderwerp op de politieke agenda gekomen en dankzij PvdA-bewindslieden als de huidige minister van Onderwijs Jet Bussemaker (1961-) wordt daar nog steeds de broodnodige aandacht aan besteed. Een brief van laatstgenoemde was voor mij een reden om met mijn blog te beginnen.
Trefpunt PvdA en levensovertuiging
Vanaf de oprichting in 1980 ben ik lid van het door het PvdA-partijbestuur ingestelde Trefpunt PvdA en levensovertuiging. Deze interlevensbeschouwelijke werkgroep bestaat uit deelnemers uit godsdienstige en humanistische stromingen binnen de Nederlandse sociaaldemocratie. In landen zoals Frankrijk wordt de scheiding van kerk en staat strikt neutralistisch opgevat: die moeten zo weinig mogelijk met elkaar te maken hebben. In Nederland bestaat een pluralistische traditie: alle geestelijke stromingen worden gelijk behandeld. Noch de staat noch de genootschappen op geestelijke grondslag proberen op elkaars stoel te gaan zitten. Dit heeft een belangrijke rol gespeeld bij de wijziging van de Grondwet van 1983 en de landelijke bekostiging van godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs op openbare basisscholen. Daarover later meer.
"Kiezersbedrog"
Sommigen zijn van mening dat je het 100% eens moet zijn met een partij om er lid van te kunnen zijn. Ik ben het daar uit democratisch oogpunt mee oneens. Men kan het eens zijn met de uitgangspunten maar van mening verschillen over de uitvoering ervan. Ook het gezeur in de media over "kiezersbedrog" bij het vormen van regeringscoalities geeft blijk van een wezenlijk misverstand over democratie. Van kiezersbedrog kan alleen sprake zijn als een partij bij de verkiezingen een meerderheid haalt en dat is al eeuwenlang in het altijd polderend Nederland niet voorgekomen.
Solidariteit
Solidariteit betekent voor mij geen opgelegde dwang maar een welbegrepen eigenbelang. Wie opkomt voor de zwakkeren in de samenleving heeft daar uiteindelijk zelf ook belang bij omdat we allemaal in zo'n toestand terecht kunnen komen. Wie alleen maar oog heeft voor beperkte eigenbelangen (zie mijn blogbericht over Turkse troebelen) heeft in een solidaire partij als de PvdA niets te zoeken. Zeker niet als andere minderheden daardoor benadeeld worden!
Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Scholen worden homovriendelijker volgens onderzoek EenVandaag.
Naoorlogs verleden
Vijftig jaar geleden werd ik lid van de Partij van de Arbeid. Het was de eerste keer dat ik lid werd van een landelijke vereniging. Enkele jaren later gevolgd door de homo/lesbische organisatie het COC en het Humanistisch Verbond. Deze drie organisaties zijn opgericht in 1946, mijn geboortejaar. De drie hebben ook gemeen dat hun oprichting in het teken stond van de gruwelijkheden uit de Tweede Wereldoorlog. Zij gaan alle drie uit van het beginsel dat mensen het recht hebben om zelf zin en vorm te geven aan hun bestaan zolang zij de mensenrechten van anderen niet schaden. Zonder de overwinning op het nazisme hadden ze alle drie niet bestaan. Net zoals ik zelf mijn bestaan aan het einde van de oorlog te danken had. Mijn vader kwam als achttienjarige uit een Duits kamp en mijn moeder had als "Roomse Jodin" jarenlang een verborgen bestaan geleid.
Platvloers socialisme
Ik was een "moetje": zij moesten trouwen toen mijn moeder van mij in verwachting was. Mijn atheïstische vader moest onder druk van zijn zeer katholieke schoonvader beloven dat ik katholiek werd opgevoed. Mijn vader was er als ongeschoold arbeider op tegen dat ik ging studeren. De verhoudingen thuis waren onhoudbaar geworden. Hij en zijn in huis wonende Groningse ouders waren platvloerse socialisten, gevoed door wrok tegenover een ieder die het beter had en anders was dan zij. Dankzij de steun van mijn moeder kon ik als achttienjarige uit het ouderlijk huis ontsnappen en toch gaan studeren aan de Nijmeegse katholieke universiteit door een beroep te doen op de belofte mij katholiek op te voeden.
Fascistoïde katholicisme
In Nijmegen viel ik van het ene uiterste in het andere. Het "Dachautje spelen" tijdens de (toen nog voor alle studenten verplichte!) ontgroening maakte mij bewust van de noodzaak om mij te organiseren en zo de verworven vrijheid te verdedigen. Ik besefte dat ik als zoon van een ongeschoolde arbeider nooit had kunnen studeren als de Partij van de Arbeid zich daarvoor niet had ingezet. De stap om daarvan lid te worden, betekende in het Nijmegen van die tijd nogal wat want ik werd op straat uitgescholden voor "vuile communist" door corpsstudenten wier politieke kennis kennelijk nogal beperkt was.
Liberale sociaal-democratie
Ik volgde de toenmalige partijscholing en kwam zo in contact met sleutelfiguren als de liberale sociaaldemocraat en humanist Hein Roethof (1921-1996). Hij was lid van de Tweede Kamer van 1969 tot 1982 en van 1986 tot 1989. Ik voelde mij met hem verwant en vroeg hem vaak om advies. Zo ben ik in de loop der jaren herhaaldelijk gepolst om mij verkiesbaar te stellen voor de PvdA maar hij raadde mij dat af op grond van zijn eigen partijpolitieke ervaringen. Achteraf gezien ben ik hem daar zeer dankbaar voor want als politicus leef je in een glazen huis en dat zou een te grote aanslag op mijn persoonlijk leven zijn geweest.
Joop den Uyl
Mijn belangrijkste aanvaring met de PvdA was in 1977 toen ik net algemeen voorzitter was geworden van het Humanistisch Verbond. Met mijn voorganger Max Rood (1927-2001) had ik afgesproken dat hij in zijn afscheidsrede een pleidooi zou houden voor een coalitie van PvdA, D66 en de VVD om het machtsmisbruik door de christelijke partijen te beëindigen. Hij kon dat makkelijker doen dan ik omdat hij lid was van D66 en omdat samenwerking met de VVD binnen de PvdA een groot taboe was in die tijd.
Hoe groot bleek al snel want ik werd als jong broekje van 30 op het matje geroepen door de partijleider van de PvdA Joop den Uyl (1919-1987) die toen nog minister-president was (van 1973 tot 1977). Hij vond het volstrekt onaanvaardbaar dat ik samenwerking met de "klassenvijand" VVD bepleitte. Mijn betoog dat mijn voorganger dat had gedaan en dat ik als voorzitter van het HV goede ervaringen had met "echte liberalen" in de humanistische achterban maakte weinig indruk op hem. Hij bleek wel gevoelig voor mijn argument dat uitsluiting van de VVD door de PvdA een onevenredig grote macht gaf aan de christelijke partijen. Hij zou dat zelf snel ondervinden omdat zijn verkiezingsoverwinning van 1977 in dat zelfde jaar eindigde in een "overwinningsnederlaag" toen christelijke partijen niet met de PvdA maar met de VVD in zee gingen.
Wim Kok
Ik had betere ervaringen met zijn opvolger als PvdA-partijleider Wim Kok (1938-). In de periode van 1976 tot 1981 werkte hij aan de oprichting van de Federatie Nederlandse Vakbeweging. De FNV was een fusie van algemene en katholieke bonden. De katholieke kerk had statutair de macht om dat tegen te houden. Zij had moeite met de fusie en eiste de oprichting van een FNV-secretariaat voor de levensbeschouwing. Wim Kok vond dat prima maar vond dat daarin niet alleen katholieken en protestanten maar zeker ook humanisten moesten zitten. Zo werd ik als voorzitter van het HV bij de onderhandelingen betrokken. De protestanten vonden dat ook de christelijke vakbond CNV in dat secretariaat zou moeten zitten. Ook dat vond Kok prima maar het CNV eiste tot mijn grote verbazing dat de volgens hen "antikerkelijke" humanisten er weer uitgegooid zouden worden. Tot mijn grote vreugde ging Kok niet op die eis in en zei dat iedereen zou worden uitgenodigd en dat men zelf maar moest zien of men op die uitnodiging in zou gaan of niet. Het CNV ging overstag en het secretariaat heeft lange tijd uitstekend werk verricht op het raakvlak van vakbeweging en levensbeschouwing.
Het is uiteindelijk onder leiding van Wim Kok geweest dat de al sinds 1977 ook door mij beoogde coalitie tussen PvdA, D66 en VVD tot stand is gekomen van 1994 tot 2002. Het door christelijke partijen jarenlang geblokkeerde zelfbeschikkingsrecht van mensen kon hierdoor eindelijk wettelijk erkend worden. Ik noem met name de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht (1 april 2001) en het recht op vrijwillige euthanasie (1 april 2002). Daarmee heeft Nederland voorbeelden gesteld die wereldwijd steeds meer navolging krijgen. Het is dan ook terecht dat het eerste boek over de geschiedenis van de International Humanist and Ethical Union aan het eind van zijn premierschap tijdens het wereldcongres van de IHEU in 2002 door redacteur Bert Gasenbeek (1953-) aan Wim Kok werd uitgereikt.
Karin Adelmund
De PvdA-bewindspersoon met wie ik het meest heb samengewerkt was Karin Adelmund (1949-2005). Zij was van 1998 tot 2002 in het kabinet Wim Kok II staatssecretaris voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Als voorzitter van het landelijk platform openbaar onderwijs CBOO had ik maandelijks agenda-overleg met haar op het ministerie. Ik was onder de indruk van haar persoonlijke betrokkenheid met haar werk, iets dat door velen als een zwakte werd en wordt gezien. Zij was een van de eersten die begrip had voor mijn pleidooi om meer te doen tegen de toenemende homovijandigheid in het onderwijs. De meeste mensen (ook in de PvdA) wilden dat niet zien. Deels omdat men ten onrechte dacht dat de homo/lesbische emancipatie voltooid zou zijn. Deels omdat men de ogen sloot voor de homohaat in islamitische kringen. Mede dankzij haar is dit onderwerp op de politieke agenda gekomen en dankzij PvdA-bewindslieden als de huidige minister van Onderwijs Jet Bussemaker (1961-) wordt daar nog steeds de broodnodige aandacht aan besteed. Een brief van laatstgenoemde was voor mij een reden om met mijn blog te beginnen.
Trefpunt PvdA en levensovertuiging
Vanaf de oprichting in 1980 ben ik lid van het door het PvdA-partijbestuur ingestelde Trefpunt PvdA en levensovertuiging. Deze interlevensbeschouwelijke werkgroep bestaat uit deelnemers uit godsdienstige en humanistische stromingen binnen de Nederlandse sociaaldemocratie. In landen zoals Frankrijk wordt de scheiding van kerk en staat strikt neutralistisch opgevat: die moeten zo weinig mogelijk met elkaar te maken hebben. In Nederland bestaat een pluralistische traditie: alle geestelijke stromingen worden gelijk behandeld. Noch de staat noch de genootschappen op geestelijke grondslag proberen op elkaars stoel te gaan zitten. Dit heeft een belangrijke rol gespeeld bij de wijziging van de Grondwet van 1983 en de landelijke bekostiging van godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs op openbare basisscholen. Daarover later meer.
"Kiezersbedrog"
Sommigen zijn van mening dat je het 100% eens moet zijn met een partij om er lid van te kunnen zijn. Ik ben het daar uit democratisch oogpunt mee oneens. Men kan het eens zijn met de uitgangspunten maar van mening verschillen over de uitvoering ervan. Ook het gezeur in de media over "kiezersbedrog" bij het vormen van regeringscoalities geeft blijk van een wezenlijk misverstand over democratie. Van kiezersbedrog kan alleen sprake zijn als een partij bij de verkiezingen een meerderheid haalt en dat is al eeuwenlang in het altijd polderend Nederland niet voorgekomen.
Solidariteit
Solidariteit betekent voor mij geen opgelegde dwang maar een welbegrepen eigenbelang. Wie opkomt voor de zwakkeren in de samenleving heeft daar uiteindelijk zelf ook belang bij omdat we allemaal in zo'n toestand terecht kunnen komen. Wie alleen maar oog heeft voor beperkte eigenbelangen (zie mijn blogbericht over Turkse troebelen) heeft in een solidaire partij als de PvdA niets te zoeken. Zeker niet als andere minderheden daardoor benadeeld worden!
Naschrift:
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Scholen worden homovriendelijker volgens onderzoek EenVandaag.
zaterdag 18 juli 2015
102. Grenzenloos Nederlands
Het feit dat mijn blog in meer dan honderd landen gelezen wordt, heeft er mee te maken dat kennis van het Nederlands veel meer verspreid is dan de meeste mensen denken. Ook weten de meeste Nederlandstaligen heel erg weinig over de vroegere verspreiding van het Nederlands. Wie weten bijvoorbeeld dat de postzegels van het vroegere Belgisch-Congo ook Nederlandstalig waren?
Grenzeloos Nederland
Ik kom op die wereldwijde verspreiding van het Nederlands dankzij een aantal boeiende landkaarten in een bericht van Postzegelblog onder de titel 'Grenzeloos Nederland'. Onder die naam zijn postzegelvelletjes verschenen over de banden van Nederland met de Nederlandse Antillen & Aruba (2008), Brazilië (2009), Suriname (2010), Zuid-Afrika (2011), Indonesië (2012), België (2013) en Japan (2014). De Verenigde Staten volgen dit jaar.
Over de grote rol die de Nederlandse taal en cultuur hebben gespeeld bij het ontstaan van de Verenigde Staten heb ik al eerder geschreven in de blogberichten 15, (Anti)Holland Mania & Nieuw Amsterdam, en 16, Hans Brinker and a finger in a leaking dike. Je kunt zelfs sporen van die tolerantie uit de Lage Landen terugvinden in de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. In blogbericht 101, American Democracy 101, leg ik uit hoe de goede voorbeelden van Nederland (2001) en België (2003) werden gevolgd. Voor wie meer wil weten over de wereldwijde kracht van de homo/lesbische beweging: lees mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen".
In de blogberichten 20, No Dutch please!, en 22, Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, toon ik aan hoe met name Engelsen getracht hebben om de Nederlandse invloed overzee weg te moffelen in landen als Australië (Nieuw-Holland), Bangladesh (Oost-Bengalen), Ghana (Goudkust), Guyana, India, Maleisië (Malakka), Mauritius, New Zealand (Nieuw-Zeeland), Singapore en Sri Lanka (Ceylon). In Zuid-Afrika is ze dat niet gelukt. Brazilië, Japan en Taiwan gaan ruimhartiger om met hun Nederlands verleden. En ook in huidig Indonesië (Nederlands Indië) is sprake van een weer toenemende belangstelling voor drie eeuwen van verbondenheid met Nederland en het Nederlands.
Rol van Vlaanderen onderschat
De rol van Vlaanderen wordt bij dit alles vaak onderschat. Velen denken dat de rijkdom van de Lage Landen vooral afkomstig was van de wereldhandel met Amerika, Azië en ook Afrika. Men vergeet dat de rijkdom van middeleeuws Vlaanderen voorafgaat aan die van Holland. Zo speelde Brugge een grote rol bij de ontwikkeling van het grote middeleeuwse netwerk van de Hanzesteden. Dat was een handelsnetwerk langs de kusten van de Noord- en de Oostzee met steden als Bremen, Hamburg, Lubeck, Danswijk (de oude Nederlandse naam voor Danzig nu Gdansk), Koningsbergen (nu Kaliningrad), Riga en Reval (nu Tallinn). Hier lag de grondslag voor de welvaart in de Lage Landen, niet in de slavenhandel zoals sommigen denken.
De voertaal in de Hanzesteden was het toenmalige Nederduits dat gesproken werd van Duinkerken (in wat nu Frans-Vlaanderen heet) tot in de Baltische staten. De handel met de rest van de wereld kwam pas goed op gang in de zeventiende eeuw tijdens de Nederlandse Gouden Eeuw. Ook hier wordt vaak vergeten dat die welvaart mede tot stand kwam dankzij de vluchtelingen uit grote delen van Vlaanderen en Brabant toen deze Zuid-Nederlandse gewesten door Spaanse troepen bezet werden. Het hedendaags Nederlands ontstond onder andere dankzij de invloeden vanuit Vlaanderen en Brabant.
Grenzenloos Nederlands
Oplettende lezers hebben gezien dat ik van 'Grenzeloos Nederland' Grenzenloos Nederlands heb gemaakt. In de eerste plaats omdat mijn blog niet zozeer over Nederland gaat maar over de betekenis van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd. In de tweede plaats omdat ik het niet eens ben met het gebruik van de tussen-n in het Groene Boekje, de Woordenlijst Nederlandse Taal volgens de Spellingwet. Daarin staan onzinnige dingen als ruggengraat terwijl ieder mens toch echt één ruggegraat heeft. En uitgerekend bij het woord grenzenloos valt de tussen-n weg terwijl we toch vele grenzen hebben. Mede daarom houd ik mij aan het Witte Boekje van het Genootschap Onze Taal dat ik iedere Nederlandstalige zeer kan aanbevelen. In het Witte Boekje staat terecht dat 'grenzeloos' ongeremd betekent en dat kan noch van Nederland noch van het Nederlands gezegd worden.
Wat heeft het wereldwijde Nederlands met postzegels te maken? Men kan het zich in deze tijden van internet nauwelijks meer voorstellen maar postzegels waren voor mij als klein jongetje in de jaren vijftig vensters op de wereld. Zo werd ik mij bewust van de Vlaamse Beweging door de tweetalige (Frans/Nederlands) postzegels van België en Belgisch-Congo (1908-1960). En zo ontdekte ik de betekenis van de Hanzesteden door de zeer Nederlands uitziende plaatjes en de Gulden op de postzegels van de Vrije Stad Danzig (1920-1939). En de rol van de Afrikaners door het Nederlands op de postzegels van de Boerenrepublieken en de tweetalige (Afrikaans/Engels) postzegels van Zuid-Afrika.
Ik merkte wel dat de Griekse postzegels waarop beelden van blote mannen te zien waren een zekere aantrekkingskracht op mij uitoefenden. Maar ik had in mijn jeugd geen idee wat dat met mijn seksualiteit te maken had. Internet heeft de vensters op wereld wijd open gezet. Al blijft mannennaakt dat niet met geweld of seks te maken heeft nog altijd zeldzaam. Postzegels waren en zijn een bron van cultuurhistorische inspiratie!
Een lezer uit de Verenigde Staten wijst mij er op dat hij mijn blog kan lezen dankzij Google Translate. Hartelijk dank voor deze aanvulling!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Grenzeloos Nederland
Ik kom op die wereldwijde verspreiding van het Nederlands dankzij een aantal boeiende landkaarten in een bericht van Postzegelblog onder de titel 'Grenzeloos Nederland'. Onder die naam zijn postzegelvelletjes verschenen over de banden van Nederland met de Nederlandse Antillen & Aruba (2008), Brazilië (2009), Suriname (2010), Zuid-Afrika (2011), Indonesië (2012), België (2013) en Japan (2014). De Verenigde Staten volgen dit jaar.
Over de grote rol die de Nederlandse taal en cultuur hebben gespeeld bij het ontstaan van de Verenigde Staten heb ik al eerder geschreven in de blogberichten 15, (Anti)Holland Mania & Nieuw Amsterdam, en 16, Hans Brinker and a finger in a leaking dike. Je kunt zelfs sporen van die tolerantie uit de Lage Landen terugvinden in de openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht. In blogbericht 101, American Democracy 101, leg ik uit hoe de goede voorbeelden van Nederland (2001) en België (2003) werden gevolgd. Voor wie meer wil weten over de wereldwijde kracht van de homo/lesbische beweging: lees mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen".
In de blogberichten 20, No Dutch please!, en 22, Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, toon ik aan hoe met name Engelsen getracht hebben om de Nederlandse invloed overzee weg te moffelen in landen als Australië (Nieuw-Holland), Bangladesh (Oost-Bengalen), Ghana (Goudkust), Guyana, India, Maleisië (Malakka), Mauritius, New Zealand (Nieuw-Zeeland), Singapore en Sri Lanka (Ceylon). In Zuid-Afrika is ze dat niet gelukt. Brazilië, Japan en Taiwan gaan ruimhartiger om met hun Nederlands verleden. En ook in huidig Indonesië (Nederlands Indië) is sprake van een weer toenemende belangstelling voor drie eeuwen van verbondenheid met Nederland en het Nederlands.
Rol van Vlaanderen onderschat
De rol van Vlaanderen wordt bij dit alles vaak onderschat. Velen denken dat de rijkdom van de Lage Landen vooral afkomstig was van de wereldhandel met Amerika, Azië en ook Afrika. Men vergeet dat de rijkdom van middeleeuws Vlaanderen voorafgaat aan die van Holland. Zo speelde Brugge een grote rol bij de ontwikkeling van het grote middeleeuwse netwerk van de Hanzesteden. Dat was een handelsnetwerk langs de kusten van de Noord- en de Oostzee met steden als Bremen, Hamburg, Lubeck, Danswijk (de oude Nederlandse naam voor Danzig nu Gdansk), Koningsbergen (nu Kaliningrad), Riga en Reval (nu Tallinn). Hier lag de grondslag voor de welvaart in de Lage Landen, niet in de slavenhandel zoals sommigen denken.
De voertaal in de Hanzesteden was het toenmalige Nederduits dat gesproken werd van Duinkerken (in wat nu Frans-Vlaanderen heet) tot in de Baltische staten. De handel met de rest van de wereld kwam pas goed op gang in de zeventiende eeuw tijdens de Nederlandse Gouden Eeuw. Ook hier wordt vaak vergeten dat die welvaart mede tot stand kwam dankzij de vluchtelingen uit grote delen van Vlaanderen en Brabant toen deze Zuid-Nederlandse gewesten door Spaanse troepen bezet werden. Het hedendaags Nederlands ontstond onder andere dankzij de invloeden vanuit Vlaanderen en Brabant.
Grenzenloos Nederlands
Oplettende lezers hebben gezien dat ik van 'Grenzeloos Nederland' Grenzenloos Nederlands heb gemaakt. In de eerste plaats omdat mijn blog niet zozeer over Nederland gaat maar over de betekenis van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd. In de tweede plaats omdat ik het niet eens ben met het gebruik van de tussen-n in het Groene Boekje, de Woordenlijst Nederlandse Taal volgens de Spellingwet. Daarin staan onzinnige dingen als ruggengraat terwijl ieder mens toch echt één ruggegraat heeft. En uitgerekend bij het woord grenzenloos valt de tussen-n weg terwijl we toch vele grenzen hebben. Mede daarom houd ik mij aan het Witte Boekje van het Genootschap Onze Taal dat ik iedere Nederlandstalige zeer kan aanbevelen. In het Witte Boekje staat terecht dat 'grenzeloos' ongeremd betekent en dat kan noch van Nederland noch van het Nederlands gezegd worden.
Wat heeft het wereldwijde Nederlands met postzegels te maken? Men kan het zich in deze tijden van internet nauwelijks meer voorstellen maar postzegels waren voor mij als klein jongetje in de jaren vijftig vensters op de wereld. Zo werd ik mij bewust van de Vlaamse Beweging door de tweetalige (Frans/Nederlands) postzegels van België en Belgisch-Congo (1908-1960). En zo ontdekte ik de betekenis van de Hanzesteden door de zeer Nederlands uitziende plaatjes en de Gulden op de postzegels van de Vrije Stad Danzig (1920-1939). En de rol van de Afrikaners door het Nederlands op de postzegels van de Boerenrepublieken en de tweetalige (Afrikaans/Engels) postzegels van Zuid-Afrika.
Ik merkte wel dat de Griekse postzegels waarop beelden van blote mannen te zien waren een zekere aantrekkingskracht op mij uitoefenden. Maar ik had in mijn jeugd geen idee wat dat met mijn seksualiteit te maken had. Internet heeft de vensters op wereld wijd open gezet. Al blijft mannennaakt dat niet met geweld of seks te maken heeft nog altijd zeldzaam. Postzegels waren en zijn een bron van cultuurhistorische inspiratie!
Een lezer uit de Verenigde Staten wijst mij er op dat hij mijn blog kan lezen dankzij Google Translate. Hartelijk dank voor deze aanvulling!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 11 juli 2015
101. American Democracy 101
Het getal 101 betekent in Engelstalige landen: inleiding in basiskennis. Het Amerikaanse Hooggerechtshof heeft op 26 juni 2015 het huwelijk opengesteld voor paren van gelijk geslacht in de gehele Verenigde Staten. De discussie hierover heeft laten zien dat een les in democratische grondrechten geen kwaad kan. Ik vat die les hieronder kort samen.
Democratie is geen dictatuur van de meerderheid
Het is een veel voorkomend misverstand dat iets democratisch is als een meerderheid beslist heeft. Zo is Hitler aan de macht gekomen en dat was bepaald geen democraat. En dan zwijg ik nog maar over Poetin. Echte democratie gaat uit van het beginsel dat mensen zelf zin en vorm mogen geven aan hun leven zolang zij de mensenrechten van anderen niet schenden. Verboden op homoseksualiteit en homo/lesbische relaties zijn derhalve in strijd met de mensenrechten en ondemocratisch. De VS zijn op dit punt een echte democratie gebleken. Maar er valt nog veel te doen want in nog altijd 29 van de 50 Amerikaanse staten kan men ontslagen worden wegens homoseksualiteit.
Rechters zijn geen loopjongens
De scheiding der machten (trias politica) is wezenlijk voor een democratie. Dat betekent vooral dat de wetgevende macht (de volksvertegenwoordiging), de uitvoerende macht (de regering) en de rechtsprekende macht hun eigen bevoegdheden hebben. Rechters toetsen de wetten zonder dat de andere machten zich daarmee mogen bemoeien. De openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht door rechters is geheel in overeenstemming met het grondrecht op gelijke behandeling en dus niet ondemocratisch zoals tegenstanders in de VS betogen. Bovendien blijkt een ruime meerderheid van de Amerikaanse bevolking er voor te zijn.
Scheiding kerk en staat
Een andere belangrijk onderdeel van een democratie is de scheiding van kerk en staat. Omdat alle burgers gelijk zijn voor de wet, mogen godsdienstigen andersdenkenden niet de wet voorschrijven. Velen denken dat vrijheid van godsdienst betekent dat godsdienstigen naar hartenlust andersdenkenden mogen discrimineren. Wat vrijheid van godsdienst wordt genoemd is juridisch in internationale verdragen een vrijheid van zowel godsdienst als van andere levensovertuigingen. Helaas werken veel godsdienstsociologen er aan mee om te verhullen hoeveel mensen een ongodsdienstige levensovertuiging zoals het humanisme aanhangen. Vrijheid van godsdienst is ook de vrijheid om geen godsdienst te hebben.
Zelfbeschikkingsrecht van homo's en lesbo's is niet in strijd met de godsdienstvrijheid omdat niemand gedwongen wordt met iemand van het eigen geslacht te trouwen. Het misbruik van de vrijheid van godsdienst om homoseksualiteit en homo/lesbische relaties te verbieden is wel in strijd met het menselijk zelfbeschikkingsrecht. En bovendien ook een gevaar voor de godsdienstvrijheid zelf want wie homoseksualiteit mag verbieden mag ook godsdienst verbieden. Beide zijn een aantasting van het zelfbeschikkingsrecht van mensen. Nogal wat godsdienstige Amerikanen schijnen dat te zijn vergeten.
Homohuwelijk bestaat niet
In de Nederlandse media heeft men het nog steeds over het homohuwelijk terwijl dat helemaal niet bestaat. Het gaat om één en hetzelfde huwelijk dat voor alle paren is opengesteld, ongeacht hun geslacht. In het Engels wordt daarom steeds meer gesproken over marriage equality ofwel huwelijksgelijkberechtiging. Het gaat sinds het begin in Nederland op 1 april 2001 nu om meer dan twintig landen en het aantal is groeiende. Hopelijk wordt het goede Amerikaanse voorbeeld binnenkort gevolgd in landen als Australië en Thailand.
Discriminatie op grond van geslacht, niet van seksuele voorkeur
Juridisch gezien gaat het hier om een opheffing van discriminatie op grond van geslacht. Men stond aan een man wel toe om met een vrouw maar niet om met een man te trouwen. De staat gaat niet na wat de seksuele voorkeur van de betrokkenen is. Zo komt het veel voor in landen waar geen huwelijksgelijkberechting bestaat dat een homo met een lesbo trouwt om de maatschappelijke druk te omzeilen terwijl beiden met iemand van het eigen geslacht een seksuele relatie hebben. Landen die zich verzetten tegen de openstelling van het huwelijk handelen dus in strijd met hun eigen wetgeving tegen discriminatie op grond van geslacht.
Waarom is het zo snel gegaan?
De strijd voor gelijkberechtiging door de homo/lesbische beweging gaat om liefde van twee mensen voor elkaar. Niet om het opdringen van iets aan anderen. Dat doen tegenstanders wel. De homo/lesbische beweging heeft geen aanslagen gepleegd en kent geen terroristen. Door uit de kast te komen, werden de meeste mensen er zich van bewust dat iedereen een of meerdere homo's en lesbo's kende, soms ook de eigen (klein)kinderen. Homo/lesbische demonstraties verliepen vreedzaam. Als er al sprake was van geweld dan kwam dat door de tegenstanders.
Waarom voelen tegenstanders zich bedreigd?
In de Amerikaanse discussie werd door vele tegenstanders betoogd dat door de openstelling van het huwelijk hun eigen huwelijk in gevaar zou komen. Dat is een vreemde redenering. Daaruit zou kunnen blijken dat sommige tegenstanders kennelijk vrezen dat hun partner verdrongen homoseksuele gevoelens heeft. Of slaat het op hun eigen onderdrukking van die gevoelens? Juist in Amerika is al vaak gebleken dat de felste bestrijders van homorechten zelf stiekem homo bleken te zijn.
Waar blijft de Europese Unie?
Nu de Verenigde Staten om zijn, is het wachten op de Europese Unie en in het bijzonder op grote landen zoals Duitsland, Italië en Polen. De volgende Europese landen stelden het huwelijk al open: Nederland (2001), België (2003), Spanje (2005), Noorwegen (2009), Zweden (2009), Portugal (2010), IJsland (2010), Denemarken (2012), Frankrijk (2012), Engeland, Wales en Schotland (2014), Luxemburg (2015), Slovenië (2015), Ierland (2015) en Finland (invoering in 2017).
Er ontstaat grote rechtsongelijkheid als in deze landen gesloten huwelijken niet erkend worden in andere Europese landen. Bovendien verbieden de lidstaten van de Europese Unie discriminatie op grond van geslacht en dat betekent juridisch dat het huwelijk opengesteld moet worden voor paren van gelijk geslacht!
COC vraagt Eurocommissaris Frans Timmermans om te komen tot een Europees beleid voor LHBTI. Het Europese Hof voor de Mensenrechten in Straatsburg heeft Italië veroordeeld omdat dit land geen wettelijke erkenning verleent aan relaties van mensen van het zelfde geslacht.
In de Verenigde Staten heeft de gezaghebbende federale Equal Employment Opportunity Commission bepaald dat discriminatie op grond van homoseksualiteit een vorm is van discriminatie op grond van geslacht. Dit kan een reden zijn om de wettelijke achterstelling aan te pakken.
Een Nederlander die veel in de Verenigde Staten verblijft, schrijft: "Mooi stuk. Je weet altijd weer op een heldere en nuchtere manier de zin van de onzin te scheiden."
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Democratie is geen dictatuur van de meerderheid
Het is een veel voorkomend misverstand dat iets democratisch is als een meerderheid beslist heeft. Zo is Hitler aan de macht gekomen en dat was bepaald geen democraat. En dan zwijg ik nog maar over Poetin. Echte democratie gaat uit van het beginsel dat mensen zelf zin en vorm mogen geven aan hun leven zolang zij de mensenrechten van anderen niet schenden. Verboden op homoseksualiteit en homo/lesbische relaties zijn derhalve in strijd met de mensenrechten en ondemocratisch. De VS zijn op dit punt een echte democratie gebleken. Maar er valt nog veel te doen want in nog altijd 29 van de 50 Amerikaanse staten kan men ontslagen worden wegens homoseksualiteit.
Rechters zijn geen loopjongens
De scheiding der machten (trias politica) is wezenlijk voor een democratie. Dat betekent vooral dat de wetgevende macht (de volksvertegenwoordiging), de uitvoerende macht (de regering) en de rechtsprekende macht hun eigen bevoegdheden hebben. Rechters toetsen de wetten zonder dat de andere machten zich daarmee mogen bemoeien. De openstelling van het huwelijk voor paren van gelijk geslacht door rechters is geheel in overeenstemming met het grondrecht op gelijke behandeling en dus niet ondemocratisch zoals tegenstanders in de VS betogen. Bovendien blijkt een ruime meerderheid van de Amerikaanse bevolking er voor te zijn.
Scheiding kerk en staat
Een andere belangrijk onderdeel van een democratie is de scheiding van kerk en staat. Omdat alle burgers gelijk zijn voor de wet, mogen godsdienstigen andersdenkenden niet de wet voorschrijven. Velen denken dat vrijheid van godsdienst betekent dat godsdienstigen naar hartenlust andersdenkenden mogen discrimineren. Wat vrijheid van godsdienst wordt genoemd is juridisch in internationale verdragen een vrijheid van zowel godsdienst als van andere levensovertuigingen. Helaas werken veel godsdienstsociologen er aan mee om te verhullen hoeveel mensen een ongodsdienstige levensovertuiging zoals het humanisme aanhangen. Vrijheid van godsdienst is ook de vrijheid om geen godsdienst te hebben.
Zelfbeschikkingsrecht van homo's en lesbo's is niet in strijd met de godsdienstvrijheid omdat niemand gedwongen wordt met iemand van het eigen geslacht te trouwen. Het misbruik van de vrijheid van godsdienst om homoseksualiteit en homo/lesbische relaties te verbieden is wel in strijd met het menselijk zelfbeschikkingsrecht. En bovendien ook een gevaar voor de godsdienstvrijheid zelf want wie homoseksualiteit mag verbieden mag ook godsdienst verbieden. Beide zijn een aantasting van het zelfbeschikkingsrecht van mensen. Nogal wat godsdienstige Amerikanen schijnen dat te zijn vergeten.
Homohuwelijk bestaat niet
In de Nederlandse media heeft men het nog steeds over het homohuwelijk terwijl dat helemaal niet bestaat. Het gaat om één en hetzelfde huwelijk dat voor alle paren is opengesteld, ongeacht hun geslacht. In het Engels wordt daarom steeds meer gesproken over marriage equality ofwel huwelijksgelijkberechtiging. Het gaat sinds het begin in Nederland op 1 april 2001 nu om meer dan twintig landen en het aantal is groeiende. Hopelijk wordt het goede Amerikaanse voorbeeld binnenkort gevolgd in landen als Australië en Thailand.
Discriminatie op grond van geslacht, niet van seksuele voorkeur
Juridisch gezien gaat het hier om een opheffing van discriminatie op grond van geslacht. Men stond aan een man wel toe om met een vrouw maar niet om met een man te trouwen. De staat gaat niet na wat de seksuele voorkeur van de betrokkenen is. Zo komt het veel voor in landen waar geen huwelijksgelijkberechting bestaat dat een homo met een lesbo trouwt om de maatschappelijke druk te omzeilen terwijl beiden met iemand van het eigen geslacht een seksuele relatie hebben. Landen die zich verzetten tegen de openstelling van het huwelijk handelen dus in strijd met hun eigen wetgeving tegen discriminatie op grond van geslacht.
Waarom is het zo snel gegaan?
De strijd voor gelijkberechtiging door de homo/lesbische beweging gaat om liefde van twee mensen voor elkaar. Niet om het opdringen van iets aan anderen. Dat doen tegenstanders wel. De homo/lesbische beweging heeft geen aanslagen gepleegd en kent geen terroristen. Door uit de kast te komen, werden de meeste mensen er zich van bewust dat iedereen een of meerdere homo's en lesbo's kende, soms ook de eigen (klein)kinderen. Homo/lesbische demonstraties verliepen vreedzaam. Als er al sprake was van geweld dan kwam dat door de tegenstanders.
Waarom voelen tegenstanders zich bedreigd?
In de Amerikaanse discussie werd door vele tegenstanders betoogd dat door de openstelling van het huwelijk hun eigen huwelijk in gevaar zou komen. Dat is een vreemde redenering. Daaruit zou kunnen blijken dat sommige tegenstanders kennelijk vrezen dat hun partner verdrongen homoseksuele gevoelens heeft. Of slaat het op hun eigen onderdrukking van die gevoelens? Juist in Amerika is al vaak gebleken dat de felste bestrijders van homorechten zelf stiekem homo bleken te zijn.
Waar blijft de Europese Unie?
Nu de Verenigde Staten om zijn, is het wachten op de Europese Unie en in het bijzonder op grote landen zoals Duitsland, Italië en Polen. De volgende Europese landen stelden het huwelijk al open: Nederland (2001), België (2003), Spanje (2005), Noorwegen (2009), Zweden (2009), Portugal (2010), IJsland (2010), Denemarken (2012), Frankrijk (2012), Engeland, Wales en Schotland (2014), Luxemburg (2015), Slovenië (2015), Ierland (2015) en Finland (invoering in 2017).
Er ontstaat grote rechtsongelijkheid als in deze landen gesloten huwelijken niet erkend worden in andere Europese landen. Bovendien verbieden de lidstaten van de Europese Unie discriminatie op grond van geslacht en dat betekent juridisch dat het huwelijk opengesteld moet worden voor paren van gelijk geslacht!
COC vraagt Eurocommissaris Frans Timmermans om te komen tot een Europees beleid voor LHBTI. Het Europese Hof voor de Mensenrechten in Straatsburg heeft Italië veroordeeld omdat dit land geen wettelijke erkenning verleent aan relaties van mensen van het zelfde geslacht.
In de Verenigde Staten heeft de gezaghebbende federale Equal Employment Opportunity Commission bepaald dat discriminatie op grond van homoseksualiteit een vorm is van discriminatie op grond van geslacht. Dit kan een reden zijn om de wettelijke achterstelling aan te pakken.
Een Nederlander die veel in de Verenigde Staten verblijft, schrijft: "Mooi stuk. Je weet altijd weer op een heldere en nuchtere manier de zin van de onzin te scheiden."
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 4 juli 2015
100. Honderdste blogbericht verschenen!
Dit is mijn honderdste blogbericht. Mijn blog is inmiddels meer dan 35.000 keer bekeken in meer dan honderd landen. De top tien landen met de meeste lezers zijn nu: Nederland, de Verenigde Staten, Rusland, Oekraïne, Duitsland, Frankrijk, België, Verenigd Koninkrijk, Ierland en India.
Die wereldwijde verspreiding is mede te danken aan de over grote delen van de wereld verspreide opleidingen Neerlandistiek en aan de Nederlandse Taalunie die hen met raad en daad ondersteunt. Buiten Nederland, België en Suriname wordt in veertig landen aan 175 universiteiten Nederlands gegeven door 700 docenten aan 15.000 studenten en wordt door 6000 leraren Nederlandse lessen gegeven aan 400.000 scholieren op scholen voor het basis- en voortgezet onderwijs. Het grootste aantal scholieren (23.000) is te vinden in de twee Duitse deelstaten die aan ons land grenzen: Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen. In Frans-Vlaanderen is het aantal scholieren dat Nederlands leert aanzienlijk gestegen. Het aantal lezers van mijn blog in Belgisch Vlaanderen steeg het laatste halfjaar dankzij Het Roze Huis in Antwerpen en in Zuid-Afrika dankzij Gay Afrikaners.
De belangrijkste vijf websites die naar mijn blog verwijzen, zijn: 1. www.google.nl , 2. www.itnijs.nl , 3. l.facebook.com , 4. www.google.be en 5. www.hetrozehuis.be . Het meest voorkomend zoekwoord is Nederlands wereldtaal. Tenzij anders vermeld, vinden de meeste lezers mijn blog dankzij Google.
De meest gelezen onderwerpen
Hier de top tien aan thema's die de lezers tot nu gekozen hebben om te lezen: 1. Intimiteit tussen mannen, 2. Mijn eigen homoverleden, 3. Humanisme, 4. Friesland, 5. Nederlands wereldwijd, 6. Wereldwijde homovervolging, 7. Racismediscussie, 8. Homoseksualiteit in Nederland, 9. Amerika en 10. Homo-erotiek.
Deze volgorde vloeit voort uit de populariteit van de meest gelezen blogberichten. Voor ieder thema noem ik vervolgens de meest gelezen berichten binnen dat thema, ook in volgorde van populariteit.
1. Intimiteit tussen mannen
Deze serie scoort het hoogst. Opmerkelijk genoeg, vooral in homovijandige landen. De best bekeken blogberichten in deze serie zijn: nummer 84 over Mannenparen, nummer 89 over Gay Twins, nummer 90 over Homo-erotiek in mannengroepen, nr. 85 over Zoenende voetballers, nummer 80 over de World Press Photo 2014, nummer 87 over die Mannen die mannen zoenen, nummer 83 over bekende Vriendenparen, 92 over Homo-erotische sporters, nummer 93 over Mannennaakt dat geen porno is en als laatste nummer 91 over Olieworstelen.
2. Mijn eigen homoverleden
Bovenaan staat blogbericht 32 over Mijn eerste vriendje. De andere berichten over mijn persoonlijk homoverleden die goed bekeken werden, waren nummer 45 over Gerard Reve & Antoine Bodar, nummer 37 over Rampenzomer 1967, nummer 28 over mijn eigen Homojeugd, nummer 40 over Benno Premsela, een nieuwe vader, nummer 74 over Valse nichten, nummer 47 over een Leerzaam avontuur en nummer 39 hoe ik werd Gered door een studentendecaan. Voor de rest van mijn homoverleden verwijs ik naar mijn boek over levensherinneringen dat gepland is om eind augustus 2016 uit te komen.
3. Humanisme
Het meest gelezen humanistisch bericht is nu nummer 65 over Verhullende statistieken. Vooral in Rusland was hier veel belangstelling voor: vermoedelijk vanwege de groeiende macht van de Russisch-orthodoxe kerk. Als tweede binnen dit thema eindigt nu nummer 24 over Pieter Admiraal (1929-2013) die wereldwijd een belangrijke rol speelde in de strijd voor legalisering van vrijwillige euthanasie. Dit bericht wordt in deze groep gevolgd door blogbericht 41 uit mijn humanistisch verleden over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia, nummer 55 over Godsdienstwaanzin, nummer 7 over KGB & CIA, nummer 25 onder de titel Godgeklaagd!, nummer 46 over Jaap van Praag, grondlegger van de humanistische beweging, nummer 73 over Theocratische terreur, nr. 30 over mijn (On)godsdienstig verleden en nummer 54 over de "War on Christianity"?
4. Friesland
Het best bekeken blogbericht is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze Friese groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys en nummer 81 over de Fryske taalfrede veel bekeken. De Fryske webside It Nijs besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts.
5 Nederlands wereldwijd
De groep blogberichten over de positie van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd wordt vooral gelezen dankzij de opleidingen Neerlandistiek die van mijn blog gebruik maken. In deze groep werd het meest gekeken naar blogbericht 71 over Nederlands wereldtaal? gevolgd door nummer 17 over Disadvantaged by English, door nummer 22 over Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, nummer 12 over Handicapé par la francophonie, nummer 13 over Afrikaner identiteit, nummer 20 over de Engelse vijandschap tegen het Nederlands: No Dutch please!, nummer 11 over Frankrijk & Nederland en nummer 10 over Vlaanderen & Nederland.
6. Wereldwijde homovervolging
Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat wordt in deze groep gevolgd door bericht 19 over de noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging, door bericht 64 over homohaters, door bericht 4 over levensgevaarlijke preutsheid, door bericht 79 over Alan Turing (1912-1954), door bericht 72 over misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit, door bericht 5 over mijn ervaringen in Rusland, door bericht 6 over homoseksualiteit in Rusland, Cuba en China, door bericht 66 over de film Pride en door nummer 8 over Tsjaikovski verbieden? Wie behoefte heeft aan positieve berichten op dit gebied verwijs ik naar de alsmaar groeiende huwelijksgelijkberechtiging. En ook naar mijn betoog dat door de meesten ten onrechte wordt aangenomen dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor bijbelse tegenoverwegingen.
7. Racismediscussie
Deze groep berichten staat nu op de zevende plaats dankzij mijn reacties op het debat over Zwarte Piet: blogbericht 61 over Racisme? en nummer 69 over Divagedrag tegen Zwarte Piet werkt averechts. Dit laatste bericht is nu ook beschikbaar in Friese vertaling: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts. De soms vermeende discriminatie op grond van afkomst speelde ook een rol in blogbericht 70 over de Turkse troebelen. Lezers van dit laatste bericht kwamen vooral binnen via het landelijk platform voor openbaar onderwijs CBOO.
8. Homoseksualiteit in Nederland
Als negende eindigde blogbericht 51 over Homostudies. Binnen deze categorie gevolgd door de berichten 60 over Homovoorlichting , nummer 78 over Homoseks en jongeren, nummer 36 over Lesbisch ouderschap en nummer 59 over Homojongeren. Uit deze blogberichten blijkt dat nog heel veel voorlichting over homoseksualiteit gegeven moet worden. Een veel bekroonde film die daar zeer geschikt voor is: Jongens.
9. Amerika
Het aantal Amerikaanse lezers van mijn blog is het grootst na die uit Nederland. In deze groep berichten werd het blogbericht 16 over Hans Brinker and a finger in a leaking dike het meest gelezen. Daarna gevolgd door blogbericht 15 over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam. Ook veel bekeken werd blogbericht 18 over Dangerous stamps! Met dank aan Postzegelblog want postzegels kunnen heel veel onthullen over een land, in dit geval de Verenigde Staten. Tenslotte moet genoemd worden nummer 67 over American paradoxes.
10. Homo-erotiek
Nieuwkomer is deze serie over het verschijnsel dat op internet vrijwel geen homo-erotiek is te vinden maar wel veel geweld en seks tussen mannen. Hangen blootangst en geweld samen? Hebben makers van homoporno er soms een belang bij dat homovervolging blijft bestaan? Hoe komt het dat zoveel (Amerikaanse) homoporno lijkt op heterootje spelen? Het meest bekeken in deze serie zijn de blogberichten 95 Wat is (homo)porno (1)? en 96 Wat is (homo)porno (2)?, gevolgd door nummer 98 Liever homo-erotiek dan homoporno, nummer 97 Kritiek op homoporno en nummer 99 Homo-erotisch mannennaakt.
Nieuwe ontwikkelingen
Het Amerikaanse hooggerechtshof heeft het huwelijk opengesteld voor paren van gelijk geslacht. Hoe is dit grote succes van de homo/lesbische beweging te verklaren? En waarom gaat het minder goed met de strijd tegen racisme en tegen slavernij? Wat kunnen andere bewegingen leren van de homo/lesbische bewegingen wereldwijd? Deze en soortgelijke vragen komen aan de orde in de komende blogberichten!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Die wereldwijde verspreiding is mede te danken aan de over grote delen van de wereld verspreide opleidingen Neerlandistiek en aan de Nederlandse Taalunie die hen met raad en daad ondersteunt. Buiten Nederland, België en Suriname wordt in veertig landen aan 175 universiteiten Nederlands gegeven door 700 docenten aan 15.000 studenten en wordt door 6000 leraren Nederlandse lessen gegeven aan 400.000 scholieren op scholen voor het basis- en voortgezet onderwijs. Het grootste aantal scholieren (23.000) is te vinden in de twee Duitse deelstaten die aan ons land grenzen: Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen. In Frans-Vlaanderen is het aantal scholieren dat Nederlands leert aanzienlijk gestegen. Het aantal lezers van mijn blog in Belgisch Vlaanderen steeg het laatste halfjaar dankzij Het Roze Huis in Antwerpen en in Zuid-Afrika dankzij Gay Afrikaners.
De belangrijkste vijf websites die naar mijn blog verwijzen, zijn: 1. www.google.nl , 2. www.itnijs.nl , 3. l.facebook.com , 4. www.google.be en 5. www.hetrozehuis.be . Het meest voorkomend zoekwoord is Nederlands wereldtaal. Tenzij anders vermeld, vinden de meeste lezers mijn blog dankzij Google.
De meest gelezen onderwerpen
Hier de top tien aan thema's die de lezers tot nu gekozen hebben om te lezen: 1. Intimiteit tussen mannen, 2. Mijn eigen homoverleden, 3. Humanisme, 4. Friesland, 5. Nederlands wereldwijd, 6. Wereldwijde homovervolging, 7. Racismediscussie, 8. Homoseksualiteit in Nederland, 9. Amerika en 10. Homo-erotiek.
Deze volgorde vloeit voort uit de populariteit van de meest gelezen blogberichten. Voor ieder thema noem ik vervolgens de meest gelezen berichten binnen dat thema, ook in volgorde van populariteit.
1. Intimiteit tussen mannen
Deze serie scoort het hoogst. Opmerkelijk genoeg, vooral in homovijandige landen. De best bekeken blogberichten in deze serie zijn: nummer 84 over Mannenparen, nummer 89 over Gay Twins, nummer 90 over Homo-erotiek in mannengroepen, nr. 85 over Zoenende voetballers, nummer 80 over de World Press Photo 2014, nummer 87 over die Mannen die mannen zoenen, nummer 83 over bekende Vriendenparen, 92 over Homo-erotische sporters, nummer 93 over Mannennaakt dat geen porno is en als laatste nummer 91 over Olieworstelen.
2. Mijn eigen homoverleden
Bovenaan staat blogbericht 32 over Mijn eerste vriendje. De andere berichten over mijn persoonlijk homoverleden die goed bekeken werden, waren nummer 45 over Gerard Reve & Antoine Bodar, nummer 37 over Rampenzomer 1967, nummer 28 over mijn eigen Homojeugd, nummer 40 over Benno Premsela, een nieuwe vader, nummer 74 over Valse nichten, nummer 47 over een Leerzaam avontuur en nummer 39 hoe ik werd Gered door een studentendecaan. Voor de rest van mijn homoverleden verwijs ik naar mijn boek over levensherinneringen dat gepland is om eind augustus 2016 uit te komen.
3. Humanisme
Het meest gelezen humanistisch bericht is nu nummer 65 over Verhullende statistieken. Vooral in Rusland was hier veel belangstelling voor: vermoedelijk vanwege de groeiende macht van de Russisch-orthodoxe kerk. Als tweede binnen dit thema eindigt nu nummer 24 over Pieter Admiraal (1929-2013) die wereldwijd een belangrijke rol speelde in de strijd voor legalisering van vrijwillige euthanasie. Dit bericht wordt in deze groep gevolgd door blogbericht 41 uit mijn humanistisch verleden over Piet Thoenes, van Dachau tot Utopia, nummer 55 over Godsdienstwaanzin, nummer 7 over KGB & CIA, nummer 25 onder de titel Godgeklaagd!, nummer 46 over Jaap van Praag, grondlegger van de humanistische beweging, nummer 73 over Theocratische terreur, nr. 30 over mijn (On)godsdienstig verleden en nummer 54 over de "War on Christianity"?
4. Friesland
Het best bekeken blogbericht is nummer 33 over de Friese taalvrede. Binnen deze Friese groep zijn ook de blogberichten 9 over Vlaanderen & Friesland, nummer 21 over It wrede paradys en nummer 81 over de Fryske taalfrede veel bekeken. De Fryske webside It Nijs besteedde aandacht aan mijn blog, onder andere door een in het Fries vertaald blogbericht te plaatsen: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts.
5 Nederlands wereldwijd
De groep blogberichten over de positie van de Nederlandse taal en cultuur wereldwijd wordt vooral gelezen dankzij de opleidingen Neerlandistiek die van mijn blog gebruik maken. In deze groep werd het meest gekeken naar blogbericht 71 over Nederlands wereldtaal? gevolgd door nummer 17 over Disadvantaged by English, door nummer 22 over Nieuw Holland & Nieuw Zeeland, nummer 12 over Handicapé par la francophonie, nummer 13 over Afrikaner identiteit, nummer 20 over de Engelse vijandschap tegen het Nederlands: No Dutch please!, nummer 11 over Frankrijk & Nederland en nummer 10 over Vlaanderen & Nederland.
6. Wereldwijde homovervolging
Het meest gelezen blogbericht hierover is nummer 29 over het homovijandige Rusland. Dat wordt in deze groep gevolgd door bericht 19 over de noodlottige Britse invloed op de wereldwijde homovervolging, door bericht 64 over homohaters, door bericht 4 over levensgevaarlijke preutsheid, door bericht 79 over Alan Turing (1912-1954), door bericht 72 over misleidend onderzoek naar het ontstaan van homoseksualiteit, door bericht 5 over mijn ervaringen in Rusland, door bericht 6 over homoseksualiteit in Rusland, Cuba en China, door bericht 66 over de film Pride en door nummer 8 over Tsjaikovski verbieden? Wie behoefte heeft aan positieve berichten op dit gebied verwijs ik naar de alsmaar groeiende huwelijksgelijkberechtiging. En ook naar mijn betoog dat door de meesten ten onrechte wordt aangenomen dat bijbel- en koranteksten homoseksualiteit verbieden: zie hierover mijn hoofdstuk over "Homoseksualiteit als toetssteen: islam, christendom en humanisme onderling vergeleken" in: Bert Gasenbeek en Floris van den Berg (red); Rob Tielman, een begeesterd humanist", uitgegeven door Uitgeverij Papieren Tijger (Breda 2010). Klik hier voor bijbelse tegenoverwegingen.
7. Racismediscussie
Deze groep berichten staat nu op de zevende plaats dankzij mijn reacties op het debat over Zwarte Piet: blogbericht 61 over Racisme? en nummer 69 over Divagedrag tegen Zwarte Piet werkt averechts. Dit laatste bericht is nu ook beschikbaar in Friese vertaling: Divagedrach tsjin Swarte Pyt wurket averjochts. De soms vermeende discriminatie op grond van afkomst speelde ook een rol in blogbericht 70 over de Turkse troebelen. Lezers van dit laatste bericht kwamen vooral binnen via het landelijk platform voor openbaar onderwijs CBOO.
8. Homoseksualiteit in Nederland
Als negende eindigde blogbericht 51 over Homostudies. Binnen deze categorie gevolgd door de berichten 60 over Homovoorlichting , nummer 78 over Homoseks en jongeren, nummer 36 over Lesbisch ouderschap en nummer 59 over Homojongeren. Uit deze blogberichten blijkt dat nog heel veel voorlichting over homoseksualiteit gegeven moet worden. Een veel bekroonde film die daar zeer geschikt voor is: Jongens.
9. Amerika
Het aantal Amerikaanse lezers van mijn blog is het grootst na die uit Nederland. In deze groep berichten werd het blogbericht 16 over Hans Brinker and a finger in a leaking dike het meest gelezen. Daarna gevolgd door blogbericht 15 over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam. Ook veel bekeken werd blogbericht 18 over Dangerous stamps! Met dank aan Postzegelblog want postzegels kunnen heel veel onthullen over een land, in dit geval de Verenigde Staten. Tenslotte moet genoemd worden nummer 67 over American paradoxes.
10. Homo-erotiek
Nieuwkomer is deze serie over het verschijnsel dat op internet vrijwel geen homo-erotiek is te vinden maar wel veel geweld en seks tussen mannen. Hangen blootangst en geweld samen? Hebben makers van homoporno er soms een belang bij dat homovervolging blijft bestaan? Hoe komt het dat zoveel (Amerikaanse) homoporno lijkt op heterootje spelen? Het meest bekeken in deze serie zijn de blogberichten 95 Wat is (homo)porno (1)? en 96 Wat is (homo)porno (2)?, gevolgd door nummer 98 Liever homo-erotiek dan homoporno, nummer 97 Kritiek op homoporno en nummer 99 Homo-erotisch mannennaakt.
Nieuwe ontwikkelingen
Het Amerikaanse hooggerechtshof heeft het huwelijk opengesteld voor paren van gelijk geslacht. Hoe is dit grote succes van de homo/lesbische beweging te verklaren? En waarom gaat het minder goed met de strijd tegen racisme en tegen slavernij? Wat kunnen andere bewegingen leren van de homo/lesbische bewegingen wereldwijd? Deze en soortgelijke vragen komen aan de orde in de komende blogberichten!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 27 juni 2015
99. Homo-erotisch mannennaakt
Tijdens mijn maandenlange speurtochten op internet naar intimiteit tussen mannen en naar homo-erotiek viel het mij op hoe weinig intimiteit tussen mannen daar te zien is, vergeleken met de grote hoeveelheden geweld en seks door mannen. Ik liet in mijn vorig blogbericht zien hoe individuele (homo)mannen op internet kijkers openhartig tegemoet treden. In dit bericht laat ik zien hoe (homo)mannen intiem kunnen zijn met elkaar zonder dat het meteen porno wordt.
Homo-erotiek is geen homoporno
Dit is het vijfde en laatste bericht in de serie over homo-erotiek. In het eerste bericht liet ik zien hoe de (vooral Amerikaanse) blootangst er toe heeft geleid dat (homo)mannen in het openbaar op z'n minst een broekje moeten dragen maar dat dan vaak zo doen dat het er erotischer uitziet dan als ze gewoon bloot zouden zijn. In het tweede bericht stel ik dat naakte (homo)mannen heel gewoon kunnen zijn voor mensen die goed voorgelicht zijn en gewend zijn om naaktstranden te bezoeken. Waarom wordt bloot verboden in juist die landen waar media, films en games geweld verheerlijken? In het derde bericht uitte ik mijn grote bezwaren tegen grofweg de meeste homoporno op internet omdat het vaak een door zelfverklaarde heteromannen vertekend beeld van homoseks geeft en daardoor schadelijk is voor zowel homo's zelf als voor de beeldvorming over homo's onder hetero's.
In het vierde bericht liet ik zien waarin homo-erotiek zich onderscheidt van homoporno. Niet alle bloot is porno. Want dan zou de hele natuur uit porno bestaan. De porno-industrie wil geld verdienen aan de blootangst die in veel landen bestaat. En heeft er dus geldelijk belang bij om die blootangst in stand te houden. Net zoals de uitbaters van homobars in homovijandige landen. Door de homovervolging kunnen homo's nergens anders terecht dan in homobars die hen uitbuiten of zelfs afpersen. Evenzeer draagt homoporno niet bij aan de gelijkberechtiging van homo's maar wordt homoporno door tegenstanders gebruikt om die emancipatie tegen te werken. Homoporno misbruikt, maar homo-erotiek bevrijdt de seksualiteit van mannen die op mannen vallen.
Hieronder een verzameling van afbeeldingen van (bijna) naakte mannen die ik erotisch en niet pornografisch vind. Degenen die liever geen (vrijwel) blote mannen zien die kunnen de onderstaande links beter overslaan. Wie een tekst ziet zonder links kan het beste gaan naar:
http://robtielmanblogt.blogspot.nl/2015/06/99-homo-erotisch-mannennaakt.html
Homo-erotiek in het werk van fotografen
De belangrijkste fotografen die niet bang waren om homo-erotisch werk naar buiten te brengen waarin twee (of meer) mannen werden afgebeeld, zijn (in alfabetische volgorde): de Porto Ricaan Arnaldo Anaya Lucca, de Fransman Lionel André, de Amerikaan Gabe Ayala, de Duitser Joachim Baldauf, de Brit Simon Barnes, de Amerikanen Joem Bayawa, Bruce Bellas, Tom Bianchi, (idem), en Roy Blakey, de Spanjaard Carmelo Blázquez, de Amerikaan Joseph Bleu, de Nederlander Farrand Bloch, de Servisch/Canadees Drasko Bogdanovic, de Amerikanen Marlen Boro en Calvin Brockington, de Nederlanders Richard Broekhuijzen en Ewoud Broeksma, de Vietnamees Tam Bui, de Franse filmer Jean Daniel Cadinot, de Spanjaard Joan Crisol, de Italiaan Giovanni Dall'Orto, de Amerikanen Rick Day en Didio, de Australier James Dimitri, de Amerikanen Tony Duran, Thomas Eakins, Hans Fahrmeyer en John Falocco, de Chinees Kai Z. Feng, de Fin Tom of Finland, de Amerikaan Corbin Fisher, de Zweed Franz Fleissner, de Zuid-Afrikaan Daniel van Flymen, de Amerikanen Dominic Ford, James Franklin en Ed Freeman, de Australiër Paul Freeman, de Amerikanen Jorge Freire, Jim French en Karl Giant, de Britten Gilbert and George, de Amerikaan Greg Gorman, de Fransman Fred Goudon, (idem), de Amerikaan K. J. Heath, de Zuid-Afrikaan Karl van Heerden, de Amerikanen Kevin D Hoover en John Hough, de Fransman Jean Baptiste Huong, de Israëliër Kobi Israel, de Amerikaan Deon Jackson, de Britten Daniel Jaems en Robert James, de Amerikaan Jake Jaxson, de Russen Dmitry Kaminsky en Alexander Kargaltsev, de Singaporees Leslie Kee, de Nederlander Gert Kist, de Rus Sasha Kosmos, de Amerikanen Jeremy Kost en Louis LaSalle, de Brazilianen Fábio Lamounier & Rodrigo Ladeira, de Amerikanen Pat Lee en Mark Leighton, de Duitser Herbert List, de Amerikaan Frank Louis, de Brit Angus Malcolm, de Nederlander Hans van Manen, de Amerikaan Robert Mapplethorpe, de Spanjaard Mano Martinez, de Australier Rod McRae, de Amerikaan Kevin McDermott, de Braziliaan Kiu Meireles, de Amerikanen Bob Mizer en Justin Monroe. de Brit David Morgan, de Nederlander Erwin Olaf, de Amerikanen Ed Olen, Joe Oppedisano en Jeff Palmer, de Italiaan Tony Patrioli, de Fransen Pierre et Gilles, de Chinees/Australiër Kym Piez, de Amerikanen George Platt Lynes, Ron Reyes, Dylan Ricci, Terry Richardson, Herb Ritts, (idem) en Howard Roffman, de Brit Dylan Rosser, de Fransman Françcois Rousseau, de Ier Samuel Rodrigues, de Rus Vitaly Shiryaev, de Amerikaan Tom Silk, de Brit Dan Skinner, de Canadees Kevin Slack, de Amerikanen Jeff Slater, Allan Spiers, Thomas Synnamon en Justin Tayler, de Canadees Chris Teel, de Amerikaan David Vance, (idem), (idem), de Tsjech Robert Vano, de Australiër Pedro Virgil, de Peruviaan Mariano Vivanco, de Nederlanders Buddy Vos en Matthias Vriens, de Duitser Frank Waldecker en de Amerikanen Andy Warhol, Bruce Weber, (idem) en Hudson Wright. Soms komt er ook een tussenvorm voor: dezelfde man twee of meer keren afbeelden, bijvoorbeeld via een spiegel. Zie deze foto's van de Amerikaanse fotografen Murray Grondin, Justin Monroe, Jorge Rivas en Karl Simone.
Opvallend is dat er twee keer zoveel fotografen zijn die individuele (bijna) blote mannen fotograferen dan fotografen die twee of meer (bijna) blote mannen fotograferen. En ruim twee derde van de fotografen die wel één (bijna) blote man maar geen twee (bijna) blote mannen fotograferen die komen uit de Verenigde Staten. Wederom een bewijs van het nog altijd bestaande taboe op het laten zien van intimiteit tussen mannen. Helaas zelfs onder fotografen die baanbrekend werk verrichten door (bijna) blote mannen te fotograferen.
Homo-erotische paren op internet
Het zijn (in alfabetische volgorde van de eerstgenoemden): Marlon & Andro Andrus, Devin Adams & Liam Magnuson, Jonathan Agassi & Hans Berlin, Jonathan Agassi & Matan Shalev, Sasha Akunin & Kevin Warhol, Lance Alexander & Seth Bond, Rocco Alfieri & Adam Archuleta, Yuri Alpatow & Roald Ekberg, Brian Amaral & Levi Poulter, Pedro Andreas & Daniel Marvin, Gabriel Angel & Louis Blakeson, Filipe Anibal & Lucas Malvacini, Diego Arnary & Konstantin Kamynin, Jed Athens & Ali Steele, Mark Aubrey & Liam Phoenix, Dylan Austin & Kenny Archer, Drae Axtell & Pablo Hernandez, Kevin & Joel Baker, Jason & Joey Barbera, Jake Bass & Justin Matthews, Lance Bass & Michael Turchin, Dario Beck & Will Helm, Scott Bennet & Billy Montague, Jay Bentley & Jesse Jackman, Jonathan Best & François Sagat, Jeremy Bilding & Alexander Garrett (met tepelspel), Gaelan Binoche & Gino Mosca, Joel Birkin & Florian Nemec, Duncan Black & Tate Ryder, Andre Boleyn & Jack Harrer, Douglas Booth & Matt Smith, Erik Bouna & Sascha Chaykin, Karl Bowe & Dennis van Gorkum, Zach & Tyler Brank, (idem), P J Brennan & Kieron Richardson, Derek & Keith Brewer, Lee Brewer & Don Holmes, Joshua Michael Brickman & Steven Dehler, Dalton Brigges & Pierre Fitch, Brandon Robert Brown & Colby Melvin, Drew Burton & Paul Strand, Leon Bustin & John Chapman, Travis & Troy Cannata, Juan Carlos Leon & Christian Romero, (idem), Kyle & Lane Carlson, Adriano Carrasco & Jay Roberts, Kevin Carson & Shawn Furino, Kennedy Carter & Jecht Parker, Sergio Carvajal & Carlos Marti Garcia, John Chapman & Leon Bustin, Justin Chase & Jecht Parker, Sascha Chaykin & Jean Daniel Chagall, Gabriel Clark & Levi Michaels, Tanner Cohen & Matthew Camp, Jessie Colter & Trey Turner, Landon Conrad & Tyler Wolf, Dale Cooper & Jimmy Durano, Luis & Lucas Coppini, Sean Costin & Jake Davis, Billy Cotton & Gaelan Binoche, Chris Crocker & Justin Dean, Kevin Crows & Brady Jensen, Micheal & Radek Cuma, (idem), Avi Dar & Marc Dylan, Charlie David & Gregory Michael, Buddy Davis & Carter Nash, Scotty Dean & Chad Logan, Carlo Degen & Alexander Gier, Marcello & Enrico DeGiuli, Steven Dehler & Joshua Michael Brickman, Luke Desmond & Billy Rubens, Aymeric Deville & Ty Roderick, Philip Deyesso & Adam Ryan Tackett, Brent Diggs & Hunter Vance, Thoper DiMaggio & Lance Luciano, Dario Dolce & Jim Kerouac, Andre Donovan & Brandon Jones, Kirill Dowidoff & Roman Dawidoff, (idem), Trenton Ducati & Tate Ryder, Andrew Dunhill & Louis Blakeson, Marc Dylan & Avi Dar, Cameron Earnhart & Matt Schiermeier, Roald Ekberg & Marcel Gassion, Sinan Eroglu & Ferry Doedens, Bryce Evans & Tate Ryder, Kris Evans & Rhys Jagger, Kris Evans & Andrei Karenin, Kris Evans & Ryan Kutcher, Kris Evans & Mick Lovell, (idem), Thom & Max Evans, Kevin Falk & David Chase, Vadim Farrell & Harris Hilton, Chris Fawcett & Nikola Jovanovic, Darius Ferdynand & Adrian Hart, Vince Ferelli & Robert van Damme, David & Daivis Fernandes, Jonathan & Kevin Ferreira De Sampaio, Renato Ferreira & Bernardo Velasco, Jacob & Jared Fetterolf, Heath Fields & Mario Cazzo, Pierre Fitch & Levi Karter, Dato Foland & Axel Brooks, Dato Foland & Landon Conrad, Seth Fornea & Jared Bradford LeBlanc (met tepelspel), Brandon Foster & Scotty Marx, Pedro & Guilherme França, Paul Francis & Levi Poulter, (idem), Rafael de la Fuente & Jussie Smollett, Don Fuller & Kip Behar, Phil Fusco & Davey Wavey, Paulo Fusetto & Muriel Vilela, Alexander Garrett & Mike Rivers, Phillipe Gaudin & Colin Hewitt, Jake Genesis & Diego Sans, Dino & Georgio Georgiades, Leo Giamani & Kevin Falk, Ryan Gilbert & Michael Correntte, Marcello & Enrico de Giuli, Benjamin Godfre & Shawn Wolfe, Keyon & Teyon Goffney, (idem), Julian Gonzalez & Shawn Sutton, Jeff Grant & David Morin, Josey Greenwell & Rodiney Santiago, Kenneth Guidroz & Kaylan Falgoust, Jake Gyllenhaal & Heath Ledger, Adi Hadad & Sean Zevran, Stéphane Haffner & Kyle Kier, Stéphane Haffner & Emilliano Simione, Bruce & Seth Hall, Stewart Hammond & Jack Windsor, Tommy Hansen & Brandon Manilow, Tyte Hanson & Topher DiMaggio, Tayte Hanson & Justin Matthews, Badr Hari & Cristiano Ronaldo, Jack Harrer & Marc Ruffalo, Saul Harris & D W Chase, Owen & Lewis Harrison, (idem), Adrian Hart & Derek Atlas, Adrian Hart & Diego Sans, Bobby Hart & Cal Skye, Alessandro & Nicolas Hasni, Colton Haynes & Jerreth Ludwig, Asher Hawk & Tayte Hanson, Dionisio Heiderscheid & Micah Brandt, Pablo Hernandez & Murray Swanby, Karl & Ryan Herzer, Colin Hewitt & Florian Nemec, Harris Hilton & Phillipe Gaudin, Sean Hoagland & Owen Alabado, Logan Holmes & Buddy Davis, Bradley Hudson & Austin Merrick, Rhys Jagger & Kris Evans, Aden & Jordan Jaric, Brady Jensen & Colin Hewitt, Cliff Jensen & Alexander Garrett, Derek Jones & Sean Costin, Fernando Kairon & Harry Louis, Konstantin Kamynin & Diego Arnary, Nikola & Luka Karabatic, Andrei Karenin & Brian Jovovic, Levi Karter & Arad Winwin, Colby Keller & Duncan Black, Jason Keys & Jaden Storm, Vitali & Vladimir Klitschko, Hanno Koffler & Max Riemelt, Hoyt Kogan & Florian Nemec, Jared Koronkiewicz & Anthony Gallo, Irvin Koszewski & Al Hazen, Alex & Charlie Kotze, Steve Kuchinsky & Anton Antipov, Francisco Lachowski & Arthur Sales, Dolph Lambert & Brady Jensen (met tepelspel), Jay Landfort & Josh Conners, Allan Lanfredi & Diego Bernardo, Daniel & Jean Lautrec, Diego Lauzen & Wagner Victoria, Juan Carlos Leon & Cristian Romero, Brandon Lewis & Hunter Ford (bewegend beeld), Ghilherme Lobo & Fabio Audi, Trent Locke & Parker London, Chad Logan & Lance Alexander, Mick Lovell & Vadim Farell, Mick Lovell & Dolph Lambert, Michael Lucas & Jake Andrews, Liam Magnuson & John Odom, Bernardo Velasco & Lucas Malvacini, Fabrizio & Fernando Mangiatti, Brandon Manilow & Tommy Hansen, Alejandro Marbena & Chris Hollander, Daniel Marvin & Pedro Andreas, Justin Matthews & Dillon Rossi, Hadrien Mazelier & Steven Chevrin, Flávio & Gustavo Mendoça, Joseph & Roberto Mercury, Austin Merrick & Chad Logan, Levi Michaels & Nicco Sky, Frederic Michalak & Clement Poitrenaud, Tony Milan & Arnaud Chagall, Aaron Milo & Chris Salvatore, Ruben & Reval Minnekhanov, Marcus Mojo & Donny Wright, Blando Morales & Bagda Montana, Jason Morgan & Mark Ricketson, Adam & Chris Mort, Gino Mosca & Jaco van Sant, Jorge & Jariel Naranjo Vichot, Jon & Mark Norris, Raphael Nyon & Kevin Warhol, Patrick O'Donnell & Harry Goodwins, Leo Oliver & Samyr Fully, Alex Orioli & Andre Boleyn, Matthew Ossenfort & Jeffrey Denke, Michael Outkean & Harry Hamlin, Justin Owen & Billy Taylor, Marcello & Matheus Paiva, (idem), Alexis Palisson & Maxime Mermoz, Evan Parker & Kody Knight, Hugh Pendleton & Kim Fox, Kellan Parker & Bradley Hudson, Marcos & Marcio Patriota, Charlie Pattinson & Justin Owen, Valentin Petrov & Marc Dylan, Ryan Phillippe & Breckin Meyers, Massimo Piano & Klein Kerr, Enzo Pineda & Rocco Nacino, Abele Place & Brett Swanson, Nicolas & Campbell Pletts, Levi Poulter & Eddy Barrena (met tepelspel), Levi Poulter & Paul Francis, Alessio Pozzi & Elia Cometti, Victor Racek & Federico Bulsara, Charlie Rawlins & Matthew James, (idem), (idem), Rocco Reed & Marcus Ruhl, Dean & Dave Resnick, Davist Rest & Arad Winwin, Donato Reyes & D O, Adam & Konrad Richter, Lukas Ridgeston & Kris Evans, Derek & Drew Riker, Blake Riley & Brent Diggs, Liam Riley & Levi Karter, Manuel Rios & Jack Harrer (met tepelspel), Colt Rivers & Luke Adams, Mitchell Robinson & Conor Hosford, Angel Rock & Lance Luciano, Ty Roderick & Asher Hawk, Ricky Roman & Tryp Bates, Christian Romero & Juan Carlos Romero, Alberto & Alejandro Rosá, Ryan Rose & Luke Adams, Ryan Rose & Landon Conrad, Renan Rosiak & Lucas Rodrigues, Todd Rosset & Dolph Lambert, Liam & Luca Rosso, Marco Rubi & Donato Reyes, Mark Ruffalo & Matt Bomer, Marc Ruffalo & Jack Harrer, (idem), Adam Russo & Tony Thorn (met tepelspel), Dante Sabel & Lukas Grande, Françcois Sagat & Jonathan Best, Chris Salvatore & Daniel Skelton, Diego Sans & Adrian Hart, Billy Santoro & Seth Treston, Jordano Santoro & Kiern Duecan, Dominic Santos & Angel Santiago (bewegend beeld), Dominic Santos & Austin Wilde, Danny Schwarz & Guy Robinson, Xander Scott & Malachi Marx, Eian Scully & Hugo Barbosa, Jeff Seid & Steve Cook, Matan Shalev & Jonathan Agassi, Alexander Skarsgard & Ryan Kwanten, Nicco Sky & Romeo Alfonso, Jordan & Travis Smit, Ted Smutney & Buddy Stanley, Hal Sparks & Robert Gant, Chris Stafford & Andersen Gabrych, Jake Steel & Troy Collins, Jordan & Zac Stenmark, Andrew Stetson & Chad White, Travis Stevens & Elijah West, David & Matt Studding, Brett Swanson & Addison Graham, Murray Swanby & Pablo Hernandez, Guy Tang & Eric East, Casey Taylor & Tomas Skoloudik, Mario Torrez & Luke Milan, Ettore Tosi & Victor Racek, Seth Treston & Billy Santaro, Tyson Tyler & Landon Conrad, Bernardo Velasco & Renato Ferreira, Bernardo Velasco & Lucas Malvacini, Austin Victoria & Sterling Folkestad, Marc Vidal & Josh Elliot, Zach & Wyatt Vinci, Lucas Vitello & Mario Costa, Montana Volby & Steven Dehler, Alex Vourliotis & Andrew Vlahos, Paul Wagner & Alexi Auclair, Kevin Warhol & Andre Boleyn, Kevin Warhol & Mick Lovell, Kevin Warhol & Andy McAllister, Jarec Wenthworth & Landon Conrad, Porter Wescott & Tristan Scott, Christian Wilde & Landon Conrad, Tyler Wolf & Micah Brandt, Tom Wolfe & Cal Skye, Rick Wolfsmier & Mike Betts, Sean Xavier & Alexander Garrett (met tepelspel), Rikk York & Jarec Wentworth en Sean Zevran & Josh Connors.
Gedrieën homo-erotisch op internet
En, nu we toch bezig zijn, ook enkele voorbeelden van homo-erotische drietallen (in alfabetische volgorde van de eerstgenoemden): Enrique & Marlon & Andro Andrus, (idem), Brent Diggs & Ethan Parker & Xander Scott, Julian Gabriel & Joshua Michael Brickman & Steven Dehler, Jack Harrer & Lukas Ridgeton & Kris Evans, (idem), Dolph Lambert & Kris Evans & Sascha Chaykin, Dolph Lambert & Kris Evans & Mick Lovell, Lucas Malvacini & Joao Chiaffitelli & Rudge Bittar, Hans & Karl & Joel Markus Antson, Diego Miguel & Marlon Teixeira & Caio Ceso, Eric Rhodes, Rod Daily & Ty Colt, Lukas Ridgeston, Jack Harrer & Kris Evans, Hal & Vince & Shane Rockland, Renan Rosiak & Samyr Fuly & Lucas Rodrigues, Nicco Sky & Dallas Evans & Xander Scott, Emilio & Ricardo & Leandro Speazze, Jason & Jimmy & Joey Visconti en Wagner Vittoria & Denis Vegas & Diego Lauzen .
Waarom komt homo-erotiek minder voor op internet dan homoporno?
Oplettende lezers en kijkers hebben waarschijnlijk opgemerkt dat 'gay twins' relatief oververtegenwoordigd zijn onder mannenparen die homo-erotisch met elkaar omgaan. Kennelijk wordt intiem gedrag van broers onder elkaar makkelijker aanvaard dan dat van andere mannen onder elkaar. Ook viel het mij op dat homobroers op internet veel meer lachen dan andere mannenparen. Is dat ook vanwege de nog altijd en vrijwel overal in de wereld bestaande maatschappelijke weerstanden tegen mannen die intiem met elkaar omgaan? Daarom pleit ik voor meer homo-erotiek en minder homoporno op internet!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Homo-erotiek is geen homoporno
Dit is het vijfde en laatste bericht in de serie over homo-erotiek. In het eerste bericht liet ik zien hoe de (vooral Amerikaanse) blootangst er toe heeft geleid dat (homo)mannen in het openbaar op z'n minst een broekje moeten dragen maar dat dan vaak zo doen dat het er erotischer uitziet dan als ze gewoon bloot zouden zijn. In het tweede bericht stel ik dat naakte (homo)mannen heel gewoon kunnen zijn voor mensen die goed voorgelicht zijn en gewend zijn om naaktstranden te bezoeken. Waarom wordt bloot verboden in juist die landen waar media, films en games geweld verheerlijken? In het derde bericht uitte ik mijn grote bezwaren tegen grofweg de meeste homoporno op internet omdat het vaak een door zelfverklaarde heteromannen vertekend beeld van homoseks geeft en daardoor schadelijk is voor zowel homo's zelf als voor de beeldvorming over homo's onder hetero's.
In het vierde bericht liet ik zien waarin homo-erotiek zich onderscheidt van homoporno. Niet alle bloot is porno. Want dan zou de hele natuur uit porno bestaan. De porno-industrie wil geld verdienen aan de blootangst die in veel landen bestaat. En heeft er dus geldelijk belang bij om die blootangst in stand te houden. Net zoals de uitbaters van homobars in homovijandige landen. Door de homovervolging kunnen homo's nergens anders terecht dan in homobars die hen uitbuiten of zelfs afpersen. Evenzeer draagt homoporno niet bij aan de gelijkberechtiging van homo's maar wordt homoporno door tegenstanders gebruikt om die emancipatie tegen te werken. Homoporno misbruikt, maar homo-erotiek bevrijdt de seksualiteit van mannen die op mannen vallen.
Hieronder een verzameling van afbeeldingen van (bijna) naakte mannen die ik erotisch en niet pornografisch vind. Degenen die liever geen (vrijwel) blote mannen zien die kunnen de onderstaande links beter overslaan. Wie een tekst ziet zonder links kan het beste gaan naar:
http://robtielmanblogt.blogspot.nl/2015/06/99-homo-erotisch-mannennaakt.html
Homo-erotiek in het werk van fotografen
De belangrijkste fotografen die niet bang waren om homo-erotisch werk naar buiten te brengen waarin twee (of meer) mannen werden afgebeeld, zijn (in alfabetische volgorde): de Porto Ricaan Arnaldo Anaya Lucca, de Fransman Lionel André, de Amerikaan Gabe Ayala, de Duitser Joachim Baldauf, de Brit Simon Barnes, de Amerikanen Joem Bayawa, Bruce Bellas, Tom Bianchi, (idem), en Roy Blakey, de Spanjaard Carmelo Blázquez, de Amerikaan Joseph Bleu, de Nederlander Farrand Bloch, de Servisch/Canadees Drasko Bogdanovic, de Amerikanen Marlen Boro en Calvin Brockington, de Nederlanders Richard Broekhuijzen en Ewoud Broeksma, de Vietnamees Tam Bui, de Franse filmer Jean Daniel Cadinot, de Spanjaard Joan Crisol, de Italiaan Giovanni Dall'Orto, de Amerikanen Rick Day en Didio, de Australier James Dimitri, de Amerikanen Tony Duran, Thomas Eakins, Hans Fahrmeyer en John Falocco, de Chinees Kai Z. Feng, de Fin Tom of Finland, de Amerikaan Corbin Fisher, de Zweed Franz Fleissner, de Zuid-Afrikaan Daniel van Flymen, de Amerikanen Dominic Ford, James Franklin en Ed Freeman, de Australiër Paul Freeman, de Amerikanen Jorge Freire, Jim French en Karl Giant, de Britten Gilbert and George, de Amerikaan Greg Gorman, de Fransman Fred Goudon, (idem), de Amerikaan K. J. Heath, de Zuid-Afrikaan Karl van Heerden, de Amerikanen Kevin D Hoover en John Hough, de Fransman Jean Baptiste Huong, de Israëliër Kobi Israel, de Amerikaan Deon Jackson, de Britten Daniel Jaems en Robert James, de Amerikaan Jake Jaxson, de Russen Dmitry Kaminsky en Alexander Kargaltsev, de Singaporees Leslie Kee, de Nederlander Gert Kist, de Rus Sasha Kosmos, de Amerikanen Jeremy Kost en Louis LaSalle, de Brazilianen Fábio Lamounier & Rodrigo Ladeira, de Amerikanen Pat Lee en Mark Leighton, de Duitser Herbert List, de Amerikaan Frank Louis, de Brit Angus Malcolm, de Nederlander Hans van Manen, de Amerikaan Robert Mapplethorpe, de Spanjaard Mano Martinez, de Australier Rod McRae, de Amerikaan Kevin McDermott, de Braziliaan Kiu Meireles, de Amerikanen Bob Mizer en Justin Monroe. de Brit David Morgan, de Nederlander Erwin Olaf, de Amerikanen Ed Olen, Joe Oppedisano en Jeff Palmer, de Italiaan Tony Patrioli, de Fransen Pierre et Gilles, de Chinees/Australiër Kym Piez, de Amerikanen George Platt Lynes, Ron Reyes, Dylan Ricci, Terry Richardson, Herb Ritts, (idem) en Howard Roffman, de Brit Dylan Rosser, de Fransman Françcois Rousseau, de Ier Samuel Rodrigues, de Rus Vitaly Shiryaev, de Amerikaan Tom Silk, de Brit Dan Skinner, de Canadees Kevin Slack, de Amerikanen Jeff Slater, Allan Spiers, Thomas Synnamon en Justin Tayler, de Canadees Chris Teel, de Amerikaan David Vance, (idem), (idem), de Tsjech Robert Vano, de Australiër Pedro Virgil, de Peruviaan Mariano Vivanco, de Nederlanders Buddy Vos en Matthias Vriens, de Duitser Frank Waldecker en de Amerikanen Andy Warhol, Bruce Weber, (idem) en Hudson Wright. Soms komt er ook een tussenvorm voor: dezelfde man twee of meer keren afbeelden, bijvoorbeeld via een spiegel. Zie deze foto's van de Amerikaanse fotografen Murray Grondin, Justin Monroe, Jorge Rivas en Karl Simone.
Opvallend is dat er twee keer zoveel fotografen zijn die individuele (bijna) blote mannen fotograferen dan fotografen die twee of meer (bijna) blote mannen fotograferen. En ruim twee derde van de fotografen die wel één (bijna) blote man maar geen twee (bijna) blote mannen fotograferen die komen uit de Verenigde Staten. Wederom een bewijs van het nog altijd bestaande taboe op het laten zien van intimiteit tussen mannen. Helaas zelfs onder fotografen die baanbrekend werk verrichten door (bijna) blote mannen te fotograferen.
Homo-erotische paren op internet
Het zijn (in alfabetische volgorde van de eerstgenoemden): Marlon & Andro Andrus, Devin Adams & Liam Magnuson, Jonathan Agassi & Hans Berlin, Jonathan Agassi & Matan Shalev, Sasha Akunin & Kevin Warhol, Lance Alexander & Seth Bond, Rocco Alfieri & Adam Archuleta, Yuri Alpatow & Roald Ekberg, Brian Amaral & Levi Poulter, Pedro Andreas & Daniel Marvin, Gabriel Angel & Louis Blakeson, Filipe Anibal & Lucas Malvacini, Diego Arnary & Konstantin Kamynin, Jed Athens & Ali Steele, Mark Aubrey & Liam Phoenix, Dylan Austin & Kenny Archer, Drae Axtell & Pablo Hernandez, Kevin & Joel Baker, Jason & Joey Barbera, Jake Bass & Justin Matthews, Lance Bass & Michael Turchin, Dario Beck & Will Helm, Scott Bennet & Billy Montague, Jay Bentley & Jesse Jackman, Jonathan Best & François Sagat, Jeremy Bilding & Alexander Garrett (met tepelspel), Gaelan Binoche & Gino Mosca, Joel Birkin & Florian Nemec, Duncan Black & Tate Ryder, Andre Boleyn & Jack Harrer, Douglas Booth & Matt Smith, Erik Bouna & Sascha Chaykin, Karl Bowe & Dennis van Gorkum, Zach & Tyler Brank, (idem), P J Brennan & Kieron Richardson, Derek & Keith Brewer, Lee Brewer & Don Holmes, Joshua Michael Brickman & Steven Dehler, Dalton Brigges & Pierre Fitch, Brandon Robert Brown & Colby Melvin, Drew Burton & Paul Strand, Leon Bustin & John Chapman, Travis & Troy Cannata, Juan Carlos Leon & Christian Romero, (idem), Kyle & Lane Carlson, Adriano Carrasco & Jay Roberts, Kevin Carson & Shawn Furino, Kennedy Carter & Jecht Parker, Sergio Carvajal & Carlos Marti Garcia, John Chapman & Leon Bustin, Justin Chase & Jecht Parker, Sascha Chaykin & Jean Daniel Chagall, Gabriel Clark & Levi Michaels, Tanner Cohen & Matthew Camp, Jessie Colter & Trey Turner, Landon Conrad & Tyler Wolf, Dale Cooper & Jimmy Durano, Luis & Lucas Coppini, Sean Costin & Jake Davis, Billy Cotton & Gaelan Binoche, Chris Crocker & Justin Dean, Kevin Crows & Brady Jensen, Micheal & Radek Cuma, (idem), Avi Dar & Marc Dylan, Charlie David & Gregory Michael, Buddy Davis & Carter Nash, Scotty Dean & Chad Logan, Carlo Degen & Alexander Gier, Marcello & Enrico DeGiuli, Steven Dehler & Joshua Michael Brickman, Luke Desmond & Billy Rubens, Aymeric Deville & Ty Roderick, Philip Deyesso & Adam Ryan Tackett, Brent Diggs & Hunter Vance, Thoper DiMaggio & Lance Luciano, Dario Dolce & Jim Kerouac, Andre Donovan & Brandon Jones, Kirill Dowidoff & Roman Dawidoff, (idem), Trenton Ducati & Tate Ryder, Andrew Dunhill & Louis Blakeson, Marc Dylan & Avi Dar, Cameron Earnhart & Matt Schiermeier, Roald Ekberg & Marcel Gassion, Sinan Eroglu & Ferry Doedens, Bryce Evans & Tate Ryder, Kris Evans & Rhys Jagger, Kris Evans & Andrei Karenin, Kris Evans & Ryan Kutcher, Kris Evans & Mick Lovell, (idem), Thom & Max Evans, Kevin Falk & David Chase, Vadim Farrell & Harris Hilton, Chris Fawcett & Nikola Jovanovic, Darius Ferdynand & Adrian Hart, Vince Ferelli & Robert van Damme, David & Daivis Fernandes, Jonathan & Kevin Ferreira De Sampaio, Renato Ferreira & Bernardo Velasco, Jacob & Jared Fetterolf, Heath Fields & Mario Cazzo, Pierre Fitch & Levi Karter, Dato Foland & Axel Brooks, Dato Foland & Landon Conrad, Seth Fornea & Jared Bradford LeBlanc (met tepelspel), Brandon Foster & Scotty Marx, Pedro & Guilherme França, Paul Francis & Levi Poulter, (idem), Rafael de la Fuente & Jussie Smollett, Don Fuller & Kip Behar, Phil Fusco & Davey Wavey, Paulo Fusetto & Muriel Vilela, Alexander Garrett & Mike Rivers, Phillipe Gaudin & Colin Hewitt, Jake Genesis & Diego Sans, Dino & Georgio Georgiades, Leo Giamani & Kevin Falk, Ryan Gilbert & Michael Correntte, Marcello & Enrico de Giuli, Benjamin Godfre & Shawn Wolfe, Keyon & Teyon Goffney, (idem), Julian Gonzalez & Shawn Sutton, Jeff Grant & David Morin, Josey Greenwell & Rodiney Santiago, Kenneth Guidroz & Kaylan Falgoust, Jake Gyllenhaal & Heath Ledger, Adi Hadad & Sean Zevran, Stéphane Haffner & Kyle Kier, Stéphane Haffner & Emilliano Simione, Bruce & Seth Hall, Stewart Hammond & Jack Windsor, Tommy Hansen & Brandon Manilow, Tyte Hanson & Topher DiMaggio, Tayte Hanson & Justin Matthews, Badr Hari & Cristiano Ronaldo, Jack Harrer & Marc Ruffalo, Saul Harris & D W Chase, Owen & Lewis Harrison, (idem), Adrian Hart & Derek Atlas, Adrian Hart & Diego Sans, Bobby Hart & Cal Skye, Alessandro & Nicolas Hasni, Colton Haynes & Jerreth Ludwig, Asher Hawk & Tayte Hanson, Dionisio Heiderscheid & Micah Brandt, Pablo Hernandez & Murray Swanby, Karl & Ryan Herzer, Colin Hewitt & Florian Nemec, Harris Hilton & Phillipe Gaudin, Sean Hoagland & Owen Alabado, Logan Holmes & Buddy Davis, Bradley Hudson & Austin Merrick, Rhys Jagger & Kris Evans, Aden & Jordan Jaric, Brady Jensen & Colin Hewitt, Cliff Jensen & Alexander Garrett, Derek Jones & Sean Costin, Fernando Kairon & Harry Louis, Konstantin Kamynin & Diego Arnary, Nikola & Luka Karabatic, Andrei Karenin & Brian Jovovic, Levi Karter & Arad Winwin, Colby Keller & Duncan Black, Jason Keys & Jaden Storm, Vitali & Vladimir Klitschko, Hanno Koffler & Max Riemelt, Hoyt Kogan & Florian Nemec, Jared Koronkiewicz & Anthony Gallo, Irvin Koszewski & Al Hazen, Alex & Charlie Kotze, Steve Kuchinsky & Anton Antipov, Francisco Lachowski & Arthur Sales, Dolph Lambert & Brady Jensen (met tepelspel), Jay Landfort & Josh Conners, Allan Lanfredi & Diego Bernardo, Daniel & Jean Lautrec, Diego Lauzen & Wagner Victoria, Juan Carlos Leon & Cristian Romero, Brandon Lewis & Hunter Ford (bewegend beeld), Ghilherme Lobo & Fabio Audi, Trent Locke & Parker London, Chad Logan & Lance Alexander, Mick Lovell & Vadim Farell, Mick Lovell & Dolph Lambert, Michael Lucas & Jake Andrews, Liam Magnuson & John Odom, Bernardo Velasco & Lucas Malvacini, Fabrizio & Fernando Mangiatti, Brandon Manilow & Tommy Hansen, Alejandro Marbena & Chris Hollander, Daniel Marvin & Pedro Andreas, Justin Matthews & Dillon Rossi, Hadrien Mazelier & Steven Chevrin, Flávio & Gustavo Mendoça, Joseph & Roberto Mercury, Austin Merrick & Chad Logan, Levi Michaels & Nicco Sky, Frederic Michalak & Clement Poitrenaud, Tony Milan & Arnaud Chagall, Aaron Milo & Chris Salvatore, Ruben & Reval Minnekhanov, Marcus Mojo & Donny Wright, Blando Morales & Bagda Montana, Jason Morgan & Mark Ricketson, Adam & Chris Mort, Gino Mosca & Jaco van Sant, Jorge & Jariel Naranjo Vichot, Jon & Mark Norris, Raphael Nyon & Kevin Warhol, Patrick O'Donnell & Harry Goodwins, Leo Oliver & Samyr Fully, Alex Orioli & Andre Boleyn, Matthew Ossenfort & Jeffrey Denke, Michael Outkean & Harry Hamlin, Justin Owen & Billy Taylor, Marcello & Matheus Paiva, (idem), Alexis Palisson & Maxime Mermoz, Evan Parker & Kody Knight, Hugh Pendleton & Kim Fox, Kellan Parker & Bradley Hudson, Marcos & Marcio Patriota, Charlie Pattinson & Justin Owen, Valentin Petrov & Marc Dylan, Ryan Phillippe & Breckin Meyers, Massimo Piano & Klein Kerr, Enzo Pineda & Rocco Nacino, Abele Place & Brett Swanson, Nicolas & Campbell Pletts, Levi Poulter & Eddy Barrena (met tepelspel), Levi Poulter & Paul Francis, Alessio Pozzi & Elia Cometti, Victor Racek & Federico Bulsara, Charlie Rawlins & Matthew James, (idem), (idem), Rocco Reed & Marcus Ruhl, Dean & Dave Resnick, Davist Rest & Arad Winwin, Donato Reyes & D O, Adam & Konrad Richter, Lukas Ridgeston & Kris Evans, Derek & Drew Riker, Blake Riley & Brent Diggs, Liam Riley & Levi Karter, Manuel Rios & Jack Harrer (met tepelspel), Colt Rivers & Luke Adams, Mitchell Robinson & Conor Hosford, Angel Rock & Lance Luciano, Ty Roderick & Asher Hawk, Ricky Roman & Tryp Bates, Christian Romero & Juan Carlos Romero, Alberto & Alejandro Rosá, Ryan Rose & Luke Adams, Ryan Rose & Landon Conrad, Renan Rosiak & Lucas Rodrigues, Todd Rosset & Dolph Lambert, Liam & Luca Rosso, Marco Rubi & Donato Reyes, Mark Ruffalo & Matt Bomer, Marc Ruffalo & Jack Harrer, (idem), Adam Russo & Tony Thorn (met tepelspel), Dante Sabel & Lukas Grande, Françcois Sagat & Jonathan Best, Chris Salvatore & Daniel Skelton, Diego Sans & Adrian Hart, Billy Santoro & Seth Treston, Jordano Santoro & Kiern Duecan, Dominic Santos & Angel Santiago (bewegend beeld), Dominic Santos & Austin Wilde, Danny Schwarz & Guy Robinson, Xander Scott & Malachi Marx, Eian Scully & Hugo Barbosa, Jeff Seid & Steve Cook, Matan Shalev & Jonathan Agassi, Alexander Skarsgard & Ryan Kwanten, Nicco Sky & Romeo Alfonso, Jordan & Travis Smit, Ted Smutney & Buddy Stanley, Hal Sparks & Robert Gant, Chris Stafford & Andersen Gabrych, Jake Steel & Troy Collins, Jordan & Zac Stenmark, Andrew Stetson & Chad White, Travis Stevens & Elijah West, David & Matt Studding, Brett Swanson & Addison Graham, Murray Swanby & Pablo Hernandez, Guy Tang & Eric East, Casey Taylor & Tomas Skoloudik, Mario Torrez & Luke Milan, Ettore Tosi & Victor Racek, Seth Treston & Billy Santaro, Tyson Tyler & Landon Conrad, Bernardo Velasco & Renato Ferreira, Bernardo Velasco & Lucas Malvacini, Austin Victoria & Sterling Folkestad, Marc Vidal & Josh Elliot, Zach & Wyatt Vinci, Lucas Vitello & Mario Costa, Montana Volby & Steven Dehler, Alex Vourliotis & Andrew Vlahos, Paul Wagner & Alexi Auclair, Kevin Warhol & Andre Boleyn, Kevin Warhol & Mick Lovell, Kevin Warhol & Andy McAllister, Jarec Wenthworth & Landon Conrad, Porter Wescott & Tristan Scott, Christian Wilde & Landon Conrad, Tyler Wolf & Micah Brandt, Tom Wolfe & Cal Skye, Rick Wolfsmier & Mike Betts, Sean Xavier & Alexander Garrett (met tepelspel), Rikk York & Jarec Wentworth en Sean Zevran & Josh Connors.
Gedrieën homo-erotisch op internet
En, nu we toch bezig zijn, ook enkele voorbeelden van homo-erotische drietallen (in alfabetische volgorde van de eerstgenoemden): Enrique & Marlon & Andro Andrus, (idem), Brent Diggs & Ethan Parker & Xander Scott, Julian Gabriel & Joshua Michael Brickman & Steven Dehler, Jack Harrer & Lukas Ridgeton & Kris Evans, (idem), Dolph Lambert & Kris Evans & Sascha Chaykin, Dolph Lambert & Kris Evans & Mick Lovell, Lucas Malvacini & Joao Chiaffitelli & Rudge Bittar, Hans & Karl & Joel Markus Antson, Diego Miguel & Marlon Teixeira & Caio Ceso, Eric Rhodes, Rod Daily & Ty Colt, Lukas Ridgeston, Jack Harrer & Kris Evans, Hal & Vince & Shane Rockland, Renan Rosiak & Samyr Fuly & Lucas Rodrigues, Nicco Sky & Dallas Evans & Xander Scott, Emilio & Ricardo & Leandro Speazze, Jason & Jimmy & Joey Visconti en Wagner Vittoria & Denis Vegas & Diego Lauzen .
Waarom komt homo-erotiek minder voor op internet dan homoporno?
Oplettende lezers en kijkers hebben waarschijnlijk opgemerkt dat 'gay twins' relatief oververtegenwoordigd zijn onder mannenparen die homo-erotisch met elkaar omgaan. Kennelijk wordt intiem gedrag van broers onder elkaar makkelijker aanvaard dan dat van andere mannen onder elkaar. Ook viel het mij op dat homobroers op internet veel meer lachen dan andere mannenparen. Is dat ook vanwege de nog altijd en vrijwel overal in de wereld bestaande maatschappelijke weerstanden tegen mannen die intiem met elkaar omgaan? Daarom pleit ik voor meer homo-erotiek en minder homoporno op internet!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Abonneren op:
Posts (Atom)