In dagblad Trouw van 10 september 2014 stelt de voorzitster van de Nederlandse koepel van basisscholen (de PO-Raad), in strijd met de huidige wet- en regelgeving, dat "de keuze of je voorlichting geeft over homoseksualiteit natuurlijk precies zo'n thema is dat je aan de leerkracht en de school zelf moet overlaten." Wat daar "natuurlijk" aan zou zijn, daar kom ik later op terug.
In de afgelopen 25 jaar heb ik als toenmalig voorzitter van het landelijk platform openbaar onderwijs CBOO van nabij gezien dat de (tot voor kort) vrijwillige homovoorlichting in de praktijk betekende dat er meestal geen aandacht aan homoseksualiteit werd besteed. Uit mijn blogbericht van vorige week over homojongeren blijkt waarom doodzwijgen in vaak homovijandige scholen sommige homo/lesbische/biseksuele jongeren de dood in drijft. Dat wil de voorzitster van de PO-Raad toch niet op haar geweten hebben?
Ik ben het met de voorzitster van de PO-Raad eens dat de overheid niet op de stoel van de leerkrachten moet gaan zitten. Maar uitgerekend het gebleken onvermogen van de meeste docenten om met homoseksualiteit om te gaan, maakt duidelijk dat op sommige gebieden de overheid wel degelijk regels mag opstellen om vermijdbare zelfdodingen te voorkomen. Ik ben blij dat de minister van Onderwijs, de minister van Volksgezondheid en de Tweede Kamer hier anders over denken dan de voorzitster van de PO-Raad.
In de afgelopen 25 jaar ben ik in het onderwijs veel misverstanden tegengekomen. Ten onrechte denken veel onderwijsgevenden dat de "homo/lesbische emancipatie voltooid" zou zijn, dat er op hun school "geen problemen rond homoseksualiteit" zouden zijn, dat het scheldwoord "homo!" geen schade aanricht, dat voorlichting over homoseksualiteit "iets voor homo/lesbische docenten" zou zijn, dat "ouders niet zouden willen dat er op school over homoseksualiteit gesproken zou worden", dat "pesten niets met homoseksualiteit te maken zou hebben" en dat "het pesten van homo/lesbische leerlingen hen alleen maar sterker zou maken". Dat is allemaal levensgevaarlijk onjuist. En inhoudelijk weten veel docenten geen goed antwoord te geven als homovijandige leerlingen, ouders en collega's met de onderstaande feitelijke onjuistheden komen aanzetten.
1. "Homoseksualiteit is zondig."
Zoals ik eerder heb aangetoond, worden homoseksuelen niet veroordeeld in bijbel en koran. In de tijd dat die boeken geschreven werden, ging men er van uit dat iedereen heteroseksueel was. Men had er geen idee van dat ongeveer een tiende van de mensen homoseksueel was en is. Wat men niet kende, kon niet veroordeeld worden, zoals televisie kijken of auto rijden door vrouwen. Hooguit kan men in die teksten een veroordeling lezen van homoseksueel gedrag door heteroseksuelen. Bovendien staat er heel veel in die boeken dat veroordeeld wordt waar de meeste gelovigen zich niet aan houden. En tenslotte heeft niemand en geen overheid het recht om andersdenkenden de wet voor te schrijven zolang zij geen mensenrechten schenden.
2. "Homoseksualiteit is een ziekte."
De Wereldgezondheidsorganisatie WHO van de Verenigde Naties heeft op 17 mei 1990 verklaard dat homoseksualiteit geen ziekte is. Het is een biologische variant zoals er vele zijn. Denk bijvoorbeeld aan roodharigheid, linkshandigheid, taalvaardigheid, lenigheid, muzikaliteit en intelligentie. Zoals ik eerder schreef: "Niet homoseksualiteit is een probleem maar de maatschappelijke veroordeling er van". Die veroordeling en vervolging worden vaak veroorzaakt door onkunde. En door het zoeken van zondebokken om leden van minderheden de schuld te geven van problemen waarmee mensen en maatschappijen worstelen. In sommige landen staat er zelfs de doodstraf op. Als men echt zou denken dat het een ziekte was waarom hebben homo's en lesbo's in al die homovijandige landen geen recht op een uitkering uit de ziektewet? En sinds wanneer moeten zieken de gevangenis in?
3. "Homoseksualiteit is te genezen."
Ondanks alle vergeefse pogingen ertoe blijkt dat homoseksualiteit niet te 'genezen' is. Dat is bovendien in strijd met het mensenrecht om zelf zin en vorm te geven aan het eigen leven zolang men de mensenrechten van anderen niet aantast. Veel van die zogenaamde 'genezers' blijken zelf homo's te zijn die hun eigen seksuele voorkeuren onderdrukken door ze in anderen te bestrijden. Zij richten daardoor grote psychische schade aan en vormen een gevaar voor de geestelijke volksgezondheid.
4. "Homoseksualiteit is tegennatuurlijk."
Mijn eerste vriendje en ik hadden het grote geluk om onze eigen seksualiteit te kunnen verkennen zonder de maatschappelijke veroordeling te ondergaan. Daardoor werd ik mij bewust dat mijn homoseksualiteit voor mij net zo natuurlijk was als heteroseksualiteit voor heteroseksuelen. Het sprookje dat het tegennatuurlijk zou zijn omdat homoseksualiteit bij dieren niet zou voorkomen, is inmiddels weerlegd want het blijkt overal in het dierenrijk voor te komen. Dit zegt dus meer over de vooroordelen van vroegere wetenschappers dan over de werkelijkheid. Bovendien: godsdienst komt niet bij dieren voor. Is dat dan ook een reden om het maar te vervolgen omdat het 'tegennatuurlijk' zou zijn? Zijn televisies, auto's en vliegtuigen natuurlijk? We noemen veel dingen 'natuurlijk' die het niet zijn maar die we 'gewoon', 'gangbaar' of 'vanzelfsprekend' zouden moeten noemen. Zie het begin van dit blogbericht. Als het om homoseksualiteit gaat, kun je als voorzitster van de PO-Raad niet zorgvuldig genoeg zijn in het woordgebruik. Een Freudiaanse verspreking?
5. "Homoseksualiteit is een keuze."
Uit de voorgaande punten volgt dat homoseksualiteit geen keuze is. Geloven is dat wel. Toch is dat geen reden om godsdienst te verbieden. Waarom zou dat verbod dan wel voor homoseksualiteit gelden? Waarom zou je volgens sommige gelovigen wel homo mogen zijn maar er geen uiting aan mogen geven? Wat zouden die gelovigen er van vinden als zij wel mogen geloven maar er geen uiting aan mogen geven? Liefde is het mooiste wat mensen kunnen meemaken. Hoe liefdeloos is een godsdienst als je de liefde zelf verbiedt?
Het onderwijs heeft een belangrijke rol te vervullen om discriminatie tegen te gaan. Dat is in ieders belang. En in het belang van de samenleving als geheel. Daarom is het goed dat homovoorlichting op alle scholen verplicht is geworden. Niet alleen om te voorkomen dat homo/lesbische/biseksuele jongeren een einde aan hun leven gaan maken. Maar ook omdat een maatschappij vol homohaat voor iedereen mensonwaardig is. Vandaag kunnen homo's de zondebokken zijn en morgen kan iedere andere groep geslachtofferd worden. Kijk maar naar de ellende die sommige linkshandigen vroeger in het onderwijs hebben meegemaakt omdat ze gedwongen werden rechtshandig te schrijven. Om nog maar te zwijgen van alle slachtoffers van de godsdienstwaanzin die vele landen teistert.
Dankzij het besluit op 17 mei 1990 van de WHO om homoseksualiteit te schrappen op de lijst van ziekten is 17 mei de internationale dag tegen homohaat geworden. Niemand in Nederland dwingt de basisscholen om aandacht aan die dag te besteden. Maar het feit dat "homo!" het meest gangbare scheldwoord op Nederlandse scholen is geworden, toont wel aan dat teveel mensen nog niet beseffen dat alle scholen voor iedereen veilig moeten zijn!
Naschrift: lezers vragen welke video's of films ik kan aanbevelen in het kader van homovoorlichting. Ik noem er enkele:
"Als ik het zeg, dan ben ik het ook echt."
"Alleen in die week hebben wij homo's in huis."
"In a Heartbeat"
"Jongens"
"Gewoon vrienden"
Zie ook: homoseks en jongeren. Homovoorlichting blijft achterlopen.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 20 september 2014
zaterdag 13 september 2014
59. Homojongeren
Begin september 2014 heeft de Tweede Kamer er op aangedrongen dat meer gedaan wordt om te voorkomen dat homo/lesbische/biseksuele jongeren een einde willen maken aan hun leven. Minister Schippers van Volksgezondheid heeft toegezegd hier nader onderzoek naar te laten doen en met beleidsvoorstellen te komen. Waarom komt zelfdoding onder deze jongeren vele malen meer voor dan onder heterojongeren?
Anders dan vrijwel alle andere jongeren groeien homojongeren op in een omgeving waarin hun (meestal) heteroseksuele ouders geen vanzelfsprekende rolmodellen bieden voor hun seksuele identiteitsontwikkeling. Een van de belangrijkste voormannen uit de Nederlandse homoseksuele emancipatiebeweging, Benno Premsela, heeft er op gewezen dat bij alle andere minderheden de ouders een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van het zelfbewustzijn van hun kinderen als lid van een minderheid. Zij worden zo weerbaarder tegen bijvoorbeeld pesten en discriminatie. Homo/lesbische jongeren zijn op dit punt veel kwetsbaarder en pesters hebben dat vaak gevoelsmatig door. Zie voor het belang van identiteitsontwikkeling: blogbericht 13.
Nederlandse scholen zijn al verplicht om voorlichting te geven over homoseksualiteit en om aan pestpreventie te doen. Toch is "homo!" nog altijd een gangbaar scheldwoord waar de meeste scholen amper aandacht aan besteden. Dit kan heel schadelijke gevolgen hebben voor het zelfbewustzijn van homojongeren, tot aan zelfdoding aan toe. Het is dan ook heel belangrijk dat de heteroseksuele omgeving ingrijpt en niet doet alsof er niets aan de hand is. Daarbij kunnen vertrouwenspersonen een grote rol spelen.
Internet is een tweesnijdend zwaard. Aan de ene kant worden de moderne sociale media misbruikt om homojongeren te pesten. Aan de andere kant wordt het pesten daardoor zichtbaarder en kan het beter worden aangepakt. Bovendien biedt internet oneindig veel mogelijkheden om aan homojongeren duidelijk te maken dat zij niet alleen staan maar op de homo/lesbische beweging kunnen terugvallen en hulp kunnen zoeken. Een voorbeeld daarvan is: www.iedereenisanders.nl .
Mijn eigen homojeugd wijkt op een aantal punten af van de jeugd van vele hedendaagse homojongeren. Zo had ik geen idee van het verschijnsel homoseksualiteit en voor zover ik er mee in aanraking kwam, leek het niet op mij te slaan. Daardoor dachten mijn eerste vriendje en ik dat wij geen homo's waren waardoor wij onze seksualiteit konden ontplooien zonder de maatschappelijke veroordeling daarvan. De inmiddels toegenomen openheid over homoseksualiteit maakt dat niet meer mogelijk omdat ieder seksueel contact tussen jongens meteen gekleurd wordt door de nog altijd bestaande veroordeling ervan. Dat is vooral het geval onder puberjongens die onzeker zijn over hun seksuele identiteit. Meisjes schijnen hier minder last van te hebben.
Betekent dit dat wij terug zouden moeten naar de zogenaamd 'goede oude tijd' van de onbespreekbare homoseksualiteit? Nee, want die tijd was in werkelijkheid helemaal niet goed voor de homo/lesbische minderheid. De paradox is dat wij eerst door de fase van weerstand oproepende openheid heen moeten om bevrijding en gelijkberechtiging van homoseksualiteit tot stand te brengen. Daarbij is het belangrijk dat de homo/lesbische minderheid zichzelf goed organiseert. Dat zij maatschappelijke sleutelfiguren zoekt die hen willen steunen. En dat zij bondgenoten maakt onder bevriende mensenrechten steunende sociale en politieke bewegingen.
Wat heeft mij zelf weerbaar gemaakt om voor mijn homoseksualiteit uit te komen in de rampenzomer van 1967 ook al werd ik door mijn eigen vader verstoten? Allereerst mijn moeder die al veel eerder dan ik zelf door had dat ik homo was. In de tweede plaats hielp het dat ik inmiddels zeker was over mijn seksuele voorkeur. Ook dat gaat dankzij internet makkelijker dan vroeger, waardoor smoezelige porno minder belangrijk is geworden dan het wereldwijd ruim voorradige mannelijk (bijna) naakt.
Ten derde was er een hulpverlener die mij hielp om uit de ellende te komen. En tenslotte wist ik snel de weg te vinden naar gevoelsgenoten die mij leerden nog weerbaarder te worden. En ook dat is dankzij internet veel makkelijker geworden voor homojongeren.
Zie ook: homoseks en jongeren.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Anders dan vrijwel alle andere jongeren groeien homojongeren op in een omgeving waarin hun (meestal) heteroseksuele ouders geen vanzelfsprekende rolmodellen bieden voor hun seksuele identiteitsontwikkeling. Een van de belangrijkste voormannen uit de Nederlandse homoseksuele emancipatiebeweging, Benno Premsela, heeft er op gewezen dat bij alle andere minderheden de ouders een belangrijke rol spelen bij de ontwikkeling van het zelfbewustzijn van hun kinderen als lid van een minderheid. Zij worden zo weerbaarder tegen bijvoorbeeld pesten en discriminatie. Homo/lesbische jongeren zijn op dit punt veel kwetsbaarder en pesters hebben dat vaak gevoelsmatig door. Zie voor het belang van identiteitsontwikkeling: blogbericht 13.
Nederlandse scholen zijn al verplicht om voorlichting te geven over homoseksualiteit en om aan pestpreventie te doen. Toch is "homo!" nog altijd een gangbaar scheldwoord waar de meeste scholen amper aandacht aan besteden. Dit kan heel schadelijke gevolgen hebben voor het zelfbewustzijn van homojongeren, tot aan zelfdoding aan toe. Het is dan ook heel belangrijk dat de heteroseksuele omgeving ingrijpt en niet doet alsof er niets aan de hand is. Daarbij kunnen vertrouwenspersonen een grote rol spelen.
Internet is een tweesnijdend zwaard. Aan de ene kant worden de moderne sociale media misbruikt om homojongeren te pesten. Aan de andere kant wordt het pesten daardoor zichtbaarder en kan het beter worden aangepakt. Bovendien biedt internet oneindig veel mogelijkheden om aan homojongeren duidelijk te maken dat zij niet alleen staan maar op de homo/lesbische beweging kunnen terugvallen en hulp kunnen zoeken. Een voorbeeld daarvan is: www.iedereenisanders.nl .
Mijn eigen homojeugd wijkt op een aantal punten af van de jeugd van vele hedendaagse homojongeren. Zo had ik geen idee van het verschijnsel homoseksualiteit en voor zover ik er mee in aanraking kwam, leek het niet op mij te slaan. Daardoor dachten mijn eerste vriendje en ik dat wij geen homo's waren waardoor wij onze seksualiteit konden ontplooien zonder de maatschappelijke veroordeling daarvan. De inmiddels toegenomen openheid over homoseksualiteit maakt dat niet meer mogelijk omdat ieder seksueel contact tussen jongens meteen gekleurd wordt door de nog altijd bestaande veroordeling ervan. Dat is vooral het geval onder puberjongens die onzeker zijn over hun seksuele identiteit. Meisjes schijnen hier minder last van te hebben.
Betekent dit dat wij terug zouden moeten naar de zogenaamd 'goede oude tijd' van de onbespreekbare homoseksualiteit? Nee, want die tijd was in werkelijkheid helemaal niet goed voor de homo/lesbische minderheid. De paradox is dat wij eerst door de fase van weerstand oproepende openheid heen moeten om bevrijding en gelijkberechtiging van homoseksualiteit tot stand te brengen. Daarbij is het belangrijk dat de homo/lesbische minderheid zichzelf goed organiseert. Dat zij maatschappelijke sleutelfiguren zoekt die hen willen steunen. En dat zij bondgenoten maakt onder bevriende mensenrechten steunende sociale en politieke bewegingen.
Wat heeft mij zelf weerbaar gemaakt om voor mijn homoseksualiteit uit te komen in de rampenzomer van 1967 ook al werd ik door mijn eigen vader verstoten? Allereerst mijn moeder die al veel eerder dan ik zelf door had dat ik homo was. In de tweede plaats hielp het dat ik inmiddels zeker was over mijn seksuele voorkeur. Ook dat gaat dankzij internet makkelijker dan vroeger, waardoor smoezelige porno minder belangrijk is geworden dan het wereldwijd ruim voorradige mannelijk (bijna) naakt.
Ten derde was er een hulpverlener die mij hielp om uit de ellende te komen. En tenslotte wist ik snel de weg te vinden naar gevoelsgenoten die mij leerden nog weerbaarder te worden. En ook dat is dankzij internet veel makkelijker geworden voor homojongeren.
Zie ook: homoseks en jongeren.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 6 september 2014
58. Stoppen met blog, memoires of voorpublicaties?
Mijn vorige blogbericht heeft kennelijk een aantal vragen opgeroepen. Hieronder zet ik ze op een rijtje en beantwoord ik deze vragen. Alvast dank voor de getoonde belangstelling!
1. Stop ik met mijn blog?
Een Limburger in Amsterdam die mijn blog met belangstelling volgt, schrijft: "Gewoon met jouw blog doorgaan hoor! Al is het maar om de Friezen te vriend te houden, want zij behoren kennelijk tot de trouwste vaste lezers." Mijn trouwe lezerskring in Friesland wil ik inderdaad niet teleurstellen. Dat geldt ook voor mijn honderden lezers in Rusland die het al zo moeilijk hebben en dan ook nog de grootste moeite moeten doen om de Russische internetblokkades te omzeilen ten einde mijn blog te kunnen lezen. En ik denk ook aan mijn lezers in homovijandige landen als Albanië, Antigua, Australië, China, Colombia, Griekenland, India, Indonesië, Irak, Italië, Japan, Maleisië, Marokko, Oekraïne, Polen, Roemenië, Servië, Singapore, Taiwan, Turkije, Venezuela en Zuid-Korea.
In lijn met de lijst van onderwerpen genoemd in mijn eerste blogbericht blijf ik schrijven over zaken als homoseksualiteit, humanisme, openbaar onderwijs, Nederlandse cultuur wereldwijd, en Fryslân. Gezien de belangstelling van mijn lezers voor blogberichten over democratie, Amerika, Rusland, en de rol van de oude en nieuwe media zal ik dan ook daarover blijven schrijven. Mochten er onder de lezers nog 'verzoeknummers' leven dan hoor ik dat graag via robtielman46@gmail.com.
2. Stop ik met mijn memoires?
Die vraag had ik niet gesteld maar enkele lezers hadden dat tussen de regels door wel zo begrepen. Het was hen opgevallen dat ik zeven weken niets meer over mijn memoires had geplaatst na blogbericht 50: Aan de dood ontsnapt... Kijk: dat zijn nou eens "oplettende lezertjes, als u begrijpt wat ik bedoel" zou de door mij geliefde schrijver Marten Toonder zijn stripfiguur Olivier B. Bommel laten zeggen.
Het klopt dat ik een beetje vastgelopen ben in het beschrijven van het tijdvak 1972-1975. Er is toen heel veel gebeurd. Ik leerde toen mijn huidige levenspartner Herman Beks kennen. Wij kochten een op instorten staand rijksmonument in het stadje Vianen om dat te restaureren. Ik werd lid van het hoofdbestuur van het Humanistisch Verbond en trad af als algemeen secretaris van het COC. Kortom: stof genoeg om over te schrijven maar teveel om allemaal op te noemen. Het wierp mij terug op de vraag: waarom ben ik aan deze klus begonnen? En hoe pak ik dit aan? Die vragen kwamen in een nieuw licht te staan dankzij het bericht van een lezer dat ik bij de volgende vraag behandel.
3. Stop ik met de voorpublicaties uit mijn memoires in wording?
Een volger van mijn blog vanaf het eerste begin, schrijft: "Ik zou toch doorgaan met de voorpublicaties, misschien kun je ze telkens linken aan een actualiteit. Probeer anders eens een wat recentere gebeurtenis te plaatsen, je hoeft immers in de blogberichten niet chronologisch te werk te gaan." Dat was precies de raadgeving die mij hielp om uit het schrijversblok te komen.
Ik was er onbewust van uit gegaan dat het schijven van mijn herinneringen het beste de volgorde van mijn levensloop zou kunnen volgen. Maar dat is helemaal niet noodzakelijk. Door aan te sluiten op de dingen van de dag wordt het voor lezers boeiender om te lezen hoe ik lessen uit het verleden trek. Zo heb ik in de jaren zestig, zeventig en tachtig achter het IJzeren Gordijn dingen meegemaakt die veel verklaren van het huidige beleid van Rusland.
Tijdens de Koude Oorlog had ik de indruk gekregen dat de voortdurende mediamanipulatie de Oost-Europese bevolking tot overtuigde communisten had gemaakt. Zoals vandaag de dag velen denken dat de Russen massaal achter Poetin staan. Tijdens mijn eerste bezoek aan de toenmalige DDR eind jaren zestig werd dat vooroordeel aanvankelijk bevestigd omdat geen Oost-Duitser zich kritisch over de 'communistische heilstaat' durfde uit te laten. Tot dat mijn trein het laatste station voor het IJzeren Gordijn verliet en het mij opviel dat de grenswachten elkaar onder schot hielden om te voorkomen dat collega's de 'trein naar de vrijheid' zouden nemen. Toen wist ik dat het schijnbare machtsblok een reus op lemen voeten was omdat men zelfs de eigen ordediensten niet kon vertrouwen.
Zo is het ook nu in Rusland. De machthebbers en de media daar doen het voorkomen dat men bang is voor een aanval vanuit het Westen. Maar de echte angst is dat zij de eigen mensen niet kunnen vertrouwen. Dat werd onlangs bevestigd toen gevangen genomen Russische soldaten die als 'vrijwilligers toevallig in Oekraïne verdwaald waren' verklaarden dat zij gedwongen waren als 'kanonnenvoer' het buurland binnen te dringen.
Westerse media laten zich vaak makkelijk om de tuin leiden door onderzoeken waaruit de populariteit van Poetin zou blijken. Dat is vergelijkbaar met de talloze onderzoeken die zouden aantonen hoe klein de homo/lesbische minderheid zou zijn. Iedereen hoort te weten dat dergelijke onderzoeken niets voorstellen omdat mensen zich niet vrij voelen om naar waarheid te antwoorden. Daarom is het belangrijk dat mensen die in onvrijheid leven dankzij internet toch kunnen weten wat werkelijke vrijheid inhoudt. Of, zoals een lezer schreef:"Niet stoppen met de voorpublicaties uit jouw memoires. Jouw eigen beleefde verhalen zijn het waard gelezen te worden door een breed internetpubliek!"
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
1. Stop ik met mijn blog?
Een Limburger in Amsterdam die mijn blog met belangstelling volgt, schrijft: "Gewoon met jouw blog doorgaan hoor! Al is het maar om de Friezen te vriend te houden, want zij behoren kennelijk tot de trouwste vaste lezers." Mijn trouwe lezerskring in Friesland wil ik inderdaad niet teleurstellen. Dat geldt ook voor mijn honderden lezers in Rusland die het al zo moeilijk hebben en dan ook nog de grootste moeite moeten doen om de Russische internetblokkades te omzeilen ten einde mijn blog te kunnen lezen. En ik denk ook aan mijn lezers in homovijandige landen als Albanië, Antigua, Australië, China, Colombia, Griekenland, India, Indonesië, Irak, Italië, Japan, Maleisië, Marokko, Oekraïne, Polen, Roemenië, Servië, Singapore, Taiwan, Turkije, Venezuela en Zuid-Korea.
In lijn met de lijst van onderwerpen genoemd in mijn eerste blogbericht blijf ik schrijven over zaken als homoseksualiteit, humanisme, openbaar onderwijs, Nederlandse cultuur wereldwijd, en Fryslân. Gezien de belangstelling van mijn lezers voor blogberichten over democratie, Amerika, Rusland, en de rol van de oude en nieuwe media zal ik dan ook daarover blijven schrijven. Mochten er onder de lezers nog 'verzoeknummers' leven dan hoor ik dat graag via robtielman46@gmail.com.
2. Stop ik met mijn memoires?
Die vraag had ik niet gesteld maar enkele lezers hadden dat tussen de regels door wel zo begrepen. Het was hen opgevallen dat ik zeven weken niets meer over mijn memoires had geplaatst na blogbericht 50: Aan de dood ontsnapt... Kijk: dat zijn nou eens "oplettende lezertjes, als u begrijpt wat ik bedoel" zou de door mij geliefde schrijver Marten Toonder zijn stripfiguur Olivier B. Bommel laten zeggen.
Het klopt dat ik een beetje vastgelopen ben in het beschrijven van het tijdvak 1972-1975. Er is toen heel veel gebeurd. Ik leerde toen mijn huidige levenspartner Herman Beks kennen. Wij kochten een op instorten staand rijksmonument in het stadje Vianen om dat te restaureren. Ik werd lid van het hoofdbestuur van het Humanistisch Verbond en trad af als algemeen secretaris van het COC. Kortom: stof genoeg om over te schrijven maar teveel om allemaal op te noemen. Het wierp mij terug op de vraag: waarom ben ik aan deze klus begonnen? En hoe pak ik dit aan? Die vragen kwamen in een nieuw licht te staan dankzij het bericht van een lezer dat ik bij de volgende vraag behandel.
3. Stop ik met de voorpublicaties uit mijn memoires in wording?
Een volger van mijn blog vanaf het eerste begin, schrijft: "Ik zou toch doorgaan met de voorpublicaties, misschien kun je ze telkens linken aan een actualiteit. Probeer anders eens een wat recentere gebeurtenis te plaatsen, je hoeft immers in de blogberichten niet chronologisch te werk te gaan." Dat was precies de raadgeving die mij hielp om uit het schrijversblok te komen.
Ik was er onbewust van uit gegaan dat het schijven van mijn herinneringen het beste de volgorde van mijn levensloop zou kunnen volgen. Maar dat is helemaal niet noodzakelijk. Door aan te sluiten op de dingen van de dag wordt het voor lezers boeiender om te lezen hoe ik lessen uit het verleden trek. Zo heb ik in de jaren zestig, zeventig en tachtig achter het IJzeren Gordijn dingen meegemaakt die veel verklaren van het huidige beleid van Rusland.
Tijdens de Koude Oorlog had ik de indruk gekregen dat de voortdurende mediamanipulatie de Oost-Europese bevolking tot overtuigde communisten had gemaakt. Zoals vandaag de dag velen denken dat de Russen massaal achter Poetin staan. Tijdens mijn eerste bezoek aan de toenmalige DDR eind jaren zestig werd dat vooroordeel aanvankelijk bevestigd omdat geen Oost-Duitser zich kritisch over de 'communistische heilstaat' durfde uit te laten. Tot dat mijn trein het laatste station voor het IJzeren Gordijn verliet en het mij opviel dat de grenswachten elkaar onder schot hielden om te voorkomen dat collega's de 'trein naar de vrijheid' zouden nemen. Toen wist ik dat het schijnbare machtsblok een reus op lemen voeten was omdat men zelfs de eigen ordediensten niet kon vertrouwen.
Zo is het ook nu in Rusland. De machthebbers en de media daar doen het voorkomen dat men bang is voor een aanval vanuit het Westen. Maar de echte angst is dat zij de eigen mensen niet kunnen vertrouwen. Dat werd onlangs bevestigd toen gevangen genomen Russische soldaten die als 'vrijwilligers toevallig in Oekraïne verdwaald waren' verklaarden dat zij gedwongen waren als 'kanonnenvoer' het buurland binnen te dringen.
Westerse media laten zich vaak makkelijk om de tuin leiden door onderzoeken waaruit de populariteit van Poetin zou blijken. Dat is vergelijkbaar met de talloze onderzoeken die zouden aantonen hoe klein de homo/lesbische minderheid zou zijn. Iedereen hoort te weten dat dergelijke onderzoeken niets voorstellen omdat mensen zich niet vrij voelen om naar waarheid te antwoorden. Daarom is het belangrijk dat mensen die in onvrijheid leven dankzij internet toch kunnen weten wat werkelijke vrijheid inhoudt. Of, zoals een lezer schreef:"Niet stoppen met de voorpublicaties uit jouw memoires. Jouw eigen beleefde verhalen zijn het waard gelezen te worden door een breed internetpubliek!"
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 30 augustus 2014
57. Blog meer dan tienduizend keer gelezen!
Nu mijn blog meer dan tienduizend keer is gelezen, biedt dat voldoende aan statistische gegevens om te bekijken voor welke onderwerpen mijn lezers de meeste belangstelling hebben. Hieronder staan de top tien aan thema's die mijn lezers gekozen hebben om te lezen: 1. Friesland, 2. humanisme, 3. mijn homoverleden, 4. democratie, 5. wereldwijde homovervolging, 6. Nederlandse cultuur wereldwijd, 7. onderwijs, 8. Amerika, 9. Rusland, en 10. de rol van de oude en nieuwe media. Deze volgorde vloeit voort uit de populariteit van de meest gelezen blogberichten. Per thema noem ik vervolgens de top drie aan meest gelezen blogberichten binnen dat thema, ook in volgorde van populariteit. Waar bekend, geef ik aan hoe lezers die berichten hebben gevonden.
Voor de wereldwijde spreiding van mijn lezers verwijs ik naar mijn blogbericht van 5 juli 2014 over de eerste verjaardag van mijn blog. Het blijkt dat vrijwel over de hele wereld mensen te vinden zijn die Nederlands kunnen lezen, met dank aan de 175 in veertig landen verspreide opleidingen Neerlandistiek.
1. Friesland
Een oorspronkelijke doelstelling van mijn blog is aandacht te besteden aan de "Nederlandse cultuur (maatschappij, taal, geschiedenis en aardrijkskunde) wereldwijd". Het is dan ook opvallend dat het verreweg meest gelezen blogbericht gaat over de Friese taalvrede. Dat is in iets gewijzigde vorm ook verschenen in de Leeuwarder Courant van 22 maart 2014 en (vertaald in het Fries) in It Fryske blêd Swingel van juni 2014. Die belangstelling is bij nadere beschouwing heel goed te begrijpen. Juist Friestaligen besteden veel aandacht aan de wereldwijde positie van de kleinere talen. Zie de 'webside' It Nijs, 'wrâldwiid nijs yn it Frysk'. Als het gaat om de toekomst van de kleinere talen kunnen Randstedelingen nog veel leren van Friezen, Vlamingen en Afrikaanstaligen. Tot de top drie rond dit onderwerp horen verder nog (ook mede dankzij It Nijs) de blogberichten over Vlaanderen & Friesland en It wrede paradys.
2. Humanisme
Het tweede meest gelezen blogbericht gaat over het overlijden van de wereldwijd bekende humanist en wegbereider van vrijwillige euthanasie Pieter Admiraal (1929-2013). Deze belangstelling voor dit bericht is mede te danken aan het Humanistisch Historisch Centrum en de Universiteit voor Humanistiek. Dat geldt ook voor het tweede gekozen onderwerp rond het thema humanisme over Piet Thoenes. Naar het derde humanistische onderwerp over Godsdienstwaanzin werd vooral met instemming verwezen op Facebook.
3. Mijn homoverleden
Het derde meest gelezen blogbericht gaat over Mijn eerste vriendje. Het homodeel van de voorpublicaties uit mijn memoires in wording blijkt de meeste aandacht te trekken. Tot de top drie hiervan horen ook Gerard Reve & Antoine Bodar en Homojeugd. Alle drie zijn vooral via Google gevonden.
4. Democratie
Het vierde meest gelezen blogbericht bespreekt Vijf misverstanden over democratie. Dat is vooral gevonden dankzij LinkTrailer. Tot de top drie rond het onderwerp democratie horen verder Het monster Trotteldrom en Europese Unie, voors en tegens.
5. Wereldwijde homovervolging
Het vijfde meest gelezen blogbericht is "No sex please, we're British". Tot de top drie van het onderwerp homovervolging horen ook Сочи 2014 (voornamelijk gelezen in Rusland en Oekraïne) en Oeganda-drama.
6. Nederlandse cultuur wereldwijd
In Frankrijk en België is het meest gekeken naar het zesde populaire bericht Handicapé par la francophonie. Dat was vooral dankzij Neerlandistiek.LinkTrailer. Dit geldt ook voor de andere twee blogberichten rond dit thema: Disadvantaged by English en Baie dankie!.
7. Onderwijs
Het zevende meest bekeken blogbericht was "Dachautje spelen". Dat bericht werd vooral gevonden via Google. Tot de top drie rond het thema onderwijs horen ook Gered door studentendecaan en Onderwijsverleden. De laatste dankzij het landelijk platform openbaar onderwijs CBOO.
8. Amerika
Achtste in populariteit is het blogbericht over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam, vooral gelezen in de VS. Dat geldt ook voor Hans Brinker and a finger in a leaking dike. Maar niet voor het derde Amerikaanse onderwerp Dangerous stamps! want dat werd het meest bekeken via Postzegelblog.
9. Rusland
Het meest bekeken in Rusland en Oekraïne waren de blogberichten over Rusland: Towards Russia With Love, Rusland, Cuba en China en KGB & CIA. Zij vormen de negende in populariteit onder de lezers.
10. Media
Als tiende thema eindigt de rol van oude en nieuwe media. Het meest bekeken rond dit onderwerp is Levensgevaarlijke preutsheid, gevolgd door Mediamanipulatie en als derde de Mediawet van schijnbare achteruitgang.
Alles bij elkaar genomen, gaat slechts minder dan tien procent van de lezersaandacht naar de voorpublicaties uit mijn memoires. Daarvan gaat de meeste aandacht naar alles wat met mijn homoseksualiteit te maken heeft en dat is zelfs veel meer dan de aandacht voor het humanistische en het onderwijsdeel tezamen.
Verreweg het minst gelezen blogbericht over mijn memoires is (schrik niet): Aan de dood ontsnapt... Bij zo weinig belangstelling voor mijn welbevinden vraag ik mij oprecht af of ik door moet gaan met deze voorpublicaties...
Meer dan negentig procent van de aandacht gaat naar actualiteiten. De belangstelling is ongeveer even groot voor de thema's homoseksualiteit, Nederland wereldwijd, Friesland en de gezamenlijke overige onderwerpen. Wel valt op dat blogberichten over actualiteiten die verwijzingen bevatten naar mijn persoonlijke ervaringen uit het verleden meer lezers trekken, vooral als het over homoseksualiteit gaat.
Mijn vraag aan de lezers is nu of ik door moet gaan met de voorpublicaties uit mijn memoires in wording. Antwoorden graag via robtielman46@gmail.com.
Naschrift: de zoekmachine van Google blijft verbazen. Zo tikte iemand in: naaktstranden frans overzee gebie. Er komen veel tikfouten voor onder de gebruikte zoektermen die leiden naar mijn blog. Dat kan er op wijzen dat sommige zoekers het Nederlands nog niet goed beheersen. Wie die zoektermen zo intikt bij Google die komt uit op Rob Tielman blogt: november 2013. En wie dat aanklikt die komt terecht bij 22. Nieuw Holland & Nieuw Zeeland. Maar daar zijn die trefwoorden helemaal niet te vinden! Het blijkt dat de zoekmachine van Google alle blogs van die maand op één hoop gooit en de laatste pakt. Overigens: de naaktstranden (in de VS) zijn wel te vinden in Dangerous stamps! maar dat gaat kennelijk boven de pet van de zoekmachine...
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Voor de wereldwijde spreiding van mijn lezers verwijs ik naar mijn blogbericht van 5 juli 2014 over de eerste verjaardag van mijn blog. Het blijkt dat vrijwel over de hele wereld mensen te vinden zijn die Nederlands kunnen lezen, met dank aan de 175 in veertig landen verspreide opleidingen Neerlandistiek.
1. Friesland
Een oorspronkelijke doelstelling van mijn blog is aandacht te besteden aan de "Nederlandse cultuur (maatschappij, taal, geschiedenis en aardrijkskunde) wereldwijd". Het is dan ook opvallend dat het verreweg meest gelezen blogbericht gaat over de Friese taalvrede. Dat is in iets gewijzigde vorm ook verschenen in de Leeuwarder Courant van 22 maart 2014 en (vertaald in het Fries) in It Fryske blêd Swingel van juni 2014. Die belangstelling is bij nadere beschouwing heel goed te begrijpen. Juist Friestaligen besteden veel aandacht aan de wereldwijde positie van de kleinere talen. Zie de 'webside' It Nijs, 'wrâldwiid nijs yn it Frysk'. Als het gaat om de toekomst van de kleinere talen kunnen Randstedelingen nog veel leren van Friezen, Vlamingen en Afrikaanstaligen. Tot de top drie rond dit onderwerp horen verder nog (ook mede dankzij It Nijs) de blogberichten over Vlaanderen & Friesland en It wrede paradys.
2. Humanisme
Het tweede meest gelezen blogbericht gaat over het overlijden van de wereldwijd bekende humanist en wegbereider van vrijwillige euthanasie Pieter Admiraal (1929-2013). Deze belangstelling voor dit bericht is mede te danken aan het Humanistisch Historisch Centrum en de Universiteit voor Humanistiek. Dat geldt ook voor het tweede gekozen onderwerp rond het thema humanisme over Piet Thoenes. Naar het derde humanistische onderwerp over Godsdienstwaanzin werd vooral met instemming verwezen op Facebook.
3. Mijn homoverleden
Het derde meest gelezen blogbericht gaat over Mijn eerste vriendje. Het homodeel van de voorpublicaties uit mijn memoires in wording blijkt de meeste aandacht te trekken. Tot de top drie hiervan horen ook Gerard Reve & Antoine Bodar en Homojeugd. Alle drie zijn vooral via Google gevonden.
4. Democratie
Het vierde meest gelezen blogbericht bespreekt Vijf misverstanden over democratie. Dat is vooral gevonden dankzij LinkTrailer. Tot de top drie rond het onderwerp democratie horen verder Het monster Trotteldrom en Europese Unie, voors en tegens.
5. Wereldwijde homovervolging
Het vijfde meest gelezen blogbericht is "No sex please, we're British". Tot de top drie van het onderwerp homovervolging horen ook Сочи 2014 (voornamelijk gelezen in Rusland en Oekraïne) en Oeganda-drama.
6. Nederlandse cultuur wereldwijd
In Frankrijk en België is het meest gekeken naar het zesde populaire bericht Handicapé par la francophonie. Dat was vooral dankzij Neerlandistiek.LinkTrailer. Dit geldt ook voor de andere twee blogberichten rond dit thema: Disadvantaged by English en Baie dankie!.
7. Onderwijs
Het zevende meest bekeken blogbericht was "Dachautje spelen". Dat bericht werd vooral gevonden via Google. Tot de top drie rond het thema onderwijs horen ook Gered door studentendecaan en Onderwijsverleden. De laatste dankzij het landelijk platform openbaar onderwijs CBOO.
8. Amerika
Achtste in populariteit is het blogbericht over (Anti) Holland Mania & Nieuw Amsterdam, vooral gelezen in de VS. Dat geldt ook voor Hans Brinker and a finger in a leaking dike. Maar niet voor het derde Amerikaanse onderwerp Dangerous stamps! want dat werd het meest bekeken via Postzegelblog.
9. Rusland
Het meest bekeken in Rusland en Oekraïne waren de blogberichten over Rusland: Towards Russia With Love, Rusland, Cuba en China en KGB & CIA. Zij vormen de negende in populariteit onder de lezers.
10. Media
Als tiende thema eindigt de rol van oude en nieuwe media. Het meest bekeken rond dit onderwerp is Levensgevaarlijke preutsheid, gevolgd door Mediamanipulatie en als derde de Mediawet van schijnbare achteruitgang.
Alles bij elkaar genomen, gaat slechts minder dan tien procent van de lezersaandacht naar de voorpublicaties uit mijn memoires. Daarvan gaat de meeste aandacht naar alles wat met mijn homoseksualiteit te maken heeft en dat is zelfs veel meer dan de aandacht voor het humanistische en het onderwijsdeel tezamen.
Verreweg het minst gelezen blogbericht over mijn memoires is (schrik niet): Aan de dood ontsnapt... Bij zo weinig belangstelling voor mijn welbevinden vraag ik mij oprecht af of ik door moet gaan met deze voorpublicaties...
Meer dan negentig procent van de aandacht gaat naar actualiteiten. De belangstelling is ongeveer even groot voor de thema's homoseksualiteit, Nederland wereldwijd, Friesland en de gezamenlijke overige onderwerpen. Wel valt op dat blogberichten over actualiteiten die verwijzingen bevatten naar mijn persoonlijke ervaringen uit het verleden meer lezers trekken, vooral als het over homoseksualiteit gaat.
Mijn vraag aan de lezers is nu of ik door moet gaan met de voorpublicaties uit mijn memoires in wording. Antwoorden graag via robtielman46@gmail.com.
Naschrift: de zoekmachine van Google blijft verbazen. Zo tikte iemand in: naaktstranden frans overzee gebie. Er komen veel tikfouten voor onder de gebruikte zoektermen die leiden naar mijn blog. Dat kan er op wijzen dat sommige zoekers het Nederlands nog niet goed beheersen. Wie die zoektermen zo intikt bij Google die komt uit op Rob Tielman blogt: november 2013. En wie dat aanklikt die komt terecht bij 22. Nieuw Holland & Nieuw Zeeland. Maar daar zijn die trefwoorden helemaal niet te vinden! Het blijkt dat de zoekmachine van Google alle blogs van die maand op één hoop gooit en de laatste pakt. Overigens: de naaktstranden (in de VS) zijn wel te vinden in Dangerous stamps! maar dat gaat kennelijk boven de pet van de zoekmachine...
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 23 augustus 2014
56. Mediawet van schijnbare achteruitgang
"Goed nieuws is geen nieuws": kent u die uitdrukking? Deze vorm van mediamanipulatie zorgt er voor dat veel mensen de toestand in de wereld slechter inschatten dan die is. Al wat mis gaat, wordt breed uitgemeten en al wat goed gaat, krijgt veel minder of geen aandacht. In Nederland leidt dat tot de opvatting: "met mij gaat het goed maar met ons gaat het slecht". Nederland hoort blijkens onderzoek tot de gelukkigste landen ter wereld maar in de beeldvorming van de meeste Nederlanders staan we er slecht voor.
Het zelfde zien we in de beeldvorming rond homo/lesbische emancipatiebewegingen wereldwijd. Als je het nieuws moet geloven dan neemt de homohaat overal toe. In een artikel in dagblad Trouw van 1 maart 2014 leg ik uit dat het tegenovergestelde het geval is. Homohaat was bijna altijd en overal aanwezig maar omdat vrijwel niemand zich daar tegen verzette, was het zo vanzelfsprekend dat het niet werd opgemerkt, laat staan bestreden. Juist de vooruitgang om homorechten als mensenrechten te erkennen, leidt er toe dat homohaat zichtbaarder wordt en beter aangepakt kan worden.
Een goed voorbeeld daarvan zijn de Verenigde Staten. De meeste mediaberichten gaan over de moeilijkheden rond de gelijkberechtiging van same sex marriages. Uit onderzoek blijkt dat in de VS in vijftien jaar een omslag heeft plaats gevonden. Was vroeger een meerderheid erg tégen homo/lesbische gelijkberechtiging (bijvoorbeeld inzake het huwelijk), nu is daar een grote meerderheid vóór. Dat geldt met name voor de jongere generaties. Belangrijk is de zeer toegenomen zichtbaarheid: steeds meer mensen kennen homo's en lesbo's in hun eigen omgeving. Onbekend maakt onbemind. Dat geldt heel sterk voor homovijandige landen als Rusland waar kerk en staat een hetze zijn begonnen tegen deze zondebokken van onze tijd.
Homovijandig geweld kwam ook in Nederland veel voor maar vrijwel niemand durfde aangifte te doen bij de politie, die bovendien zelf vaak homovijandig was. Zoals ik al beschreef in blogbericht 45 is de aangiftebereidheid enorm toegenomen mede dankzij de strategie van zelforganisatie, sleutelfiguren en bondgenoten. De gebleken statistische stijging van anti-homo-geweld in Amsterdam betekent dus niet vanzelf dat er meer geweld is maar kan ook betekenen dat de aangiften toenemen. In ieder geval houdt het in dat de homovoorlichting in het onderwijs verbeterd moet worden omdat vooral puberende jongens zich homovijandig gedragen.
Deze wetmatigheden heb ik trachten te omschrijven als de mediawet van de schijnbare achteruitgang. Onder vooruitgang versta ik het toenemend vermogen van mensen om zelf zin en vorm te geven aan het eigen bestaan. Achteruitgang is tegendeel daarvan.
Vooruitgang wordt (schijnbaar tegenstrijdig) bevorderd door makkelijk te overwinnen weerstanden ertegen. Door een reeks kleine overwinningen ontstaat het gevoel dat achterstelling beëindigd kan worden: de wet van de stimulerende achterstand.
Vooruitgang wordt evenzeer paradoxaal gehinderd door het ontbreken van weerstand waardoor velen gaan denken dat het werken aan vooruitgang niet meer nodig is. Dat noemt men de wet van de remmende voorsprong. Nederland heeft daar een tijd last van gehad waardoor de samenleving weerloos dreigt te worden tegen tegenspoed, zoals godsdienstig geweld.
Als er dan een omslag komt dan ontstaat in de meeste media de neiging om ontwikkelingen eenzijdig te somber af te schilderen waardoor men gaat denken dat er geen vooruitgang te behalen is: de mediawet van de schijnbare achteruitgang.
De meeste media benadrukken het slechte nieuws en besteden geen aandacht aan het goede nieuws. Daardoor bevestigen zij het beeld van de schijnbare achteruitgang waardoor mogelijke vooruitgang onopgemerkt blijft en daardoor niet tot stand komt. Dit heet de wet van de zichzelf waarmakende voorspelling. Deze is gebaseerd op het Thomas-theorema: als veel mensen denken dat iets waar is en zij gaan daar naar handelen dan vergroot dat de kans dat het waar gaat worden. Dat geldt bij voorbeeld voor het verslechteren van de economie, het instorten van de euro en de verwachting dat er oorlog komt.
Het is de taak van sociaalwetenschappelijk onderzoek om deze wetmatigheden te doorbreken. Niet alleen door de echte feiten boven water te krijgen maar ook door mogelijke verbeteringen goed te onderzoeken. Eenvoudiger gezegd: laat u niet de put in praten maar blijf werken aan een menswaardiger wereld. En wordt daardoor geen willoos slachtoffer van de mediawet van schijnbare achteruitgang!
Het volgende blogbericht over media is mediamissers.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Het zelfde zien we in de beeldvorming rond homo/lesbische emancipatiebewegingen wereldwijd. Als je het nieuws moet geloven dan neemt de homohaat overal toe. In een artikel in dagblad Trouw van 1 maart 2014 leg ik uit dat het tegenovergestelde het geval is. Homohaat was bijna altijd en overal aanwezig maar omdat vrijwel niemand zich daar tegen verzette, was het zo vanzelfsprekend dat het niet werd opgemerkt, laat staan bestreden. Juist de vooruitgang om homorechten als mensenrechten te erkennen, leidt er toe dat homohaat zichtbaarder wordt en beter aangepakt kan worden.
Een goed voorbeeld daarvan zijn de Verenigde Staten. De meeste mediaberichten gaan over de moeilijkheden rond de gelijkberechtiging van same sex marriages. Uit onderzoek blijkt dat in de VS in vijftien jaar een omslag heeft plaats gevonden. Was vroeger een meerderheid erg tégen homo/lesbische gelijkberechtiging (bijvoorbeeld inzake het huwelijk), nu is daar een grote meerderheid vóór. Dat geldt met name voor de jongere generaties. Belangrijk is de zeer toegenomen zichtbaarheid: steeds meer mensen kennen homo's en lesbo's in hun eigen omgeving. Onbekend maakt onbemind. Dat geldt heel sterk voor homovijandige landen als Rusland waar kerk en staat een hetze zijn begonnen tegen deze zondebokken van onze tijd.
Homovijandig geweld kwam ook in Nederland veel voor maar vrijwel niemand durfde aangifte te doen bij de politie, die bovendien zelf vaak homovijandig was. Zoals ik al beschreef in blogbericht 45 is de aangiftebereidheid enorm toegenomen mede dankzij de strategie van zelforganisatie, sleutelfiguren en bondgenoten. De gebleken statistische stijging van anti-homo-geweld in Amsterdam betekent dus niet vanzelf dat er meer geweld is maar kan ook betekenen dat de aangiften toenemen. In ieder geval houdt het in dat de homovoorlichting in het onderwijs verbeterd moet worden omdat vooral puberende jongens zich homovijandig gedragen.
Deze wetmatigheden heb ik trachten te omschrijven als de mediawet van de schijnbare achteruitgang. Onder vooruitgang versta ik het toenemend vermogen van mensen om zelf zin en vorm te geven aan het eigen bestaan. Achteruitgang is tegendeel daarvan.
Vooruitgang wordt (schijnbaar tegenstrijdig) bevorderd door makkelijk te overwinnen weerstanden ertegen. Door een reeks kleine overwinningen ontstaat het gevoel dat achterstelling beëindigd kan worden: de wet van de stimulerende achterstand.
Vooruitgang wordt evenzeer paradoxaal gehinderd door het ontbreken van weerstand waardoor velen gaan denken dat het werken aan vooruitgang niet meer nodig is. Dat noemt men de wet van de remmende voorsprong. Nederland heeft daar een tijd last van gehad waardoor de samenleving weerloos dreigt te worden tegen tegenspoed, zoals godsdienstig geweld.
Als er dan een omslag komt dan ontstaat in de meeste media de neiging om ontwikkelingen eenzijdig te somber af te schilderen waardoor men gaat denken dat er geen vooruitgang te behalen is: de mediawet van de schijnbare achteruitgang.
De meeste media benadrukken het slechte nieuws en besteden geen aandacht aan het goede nieuws. Daardoor bevestigen zij het beeld van de schijnbare achteruitgang waardoor mogelijke vooruitgang onopgemerkt blijft en daardoor niet tot stand komt. Dit heet de wet van de zichzelf waarmakende voorspelling. Deze is gebaseerd op het Thomas-theorema: als veel mensen denken dat iets waar is en zij gaan daar naar handelen dan vergroot dat de kans dat het waar gaat worden. Dat geldt bij voorbeeld voor het verslechteren van de economie, het instorten van de euro en de verwachting dat er oorlog komt.
Het is de taak van sociaalwetenschappelijk onderzoek om deze wetmatigheden te doorbreken. Niet alleen door de echte feiten boven water te krijgen maar ook door mogelijke verbeteringen goed te onderzoeken. Eenvoudiger gezegd: laat u niet de put in praten maar blijf werken aan een menswaardiger wereld. En wordt daardoor geen willoos slachtoffer van de mediawet van schijnbare achteruitgang!
Het volgende blogbericht over media is mediamissers.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 16 augustus 2014
55. Godsdienstwaanzin
Van 8 tot 10 augustus 2014 werd in Oxford, Engeland, een wereldcongres gehouden van de International Humanist and Ethical Union (IHEU). Vaste lezers van mijn blog konden dat al weten maar velen zal het ontgaan zijn omdat hierover geen aandacht in de meeste media te vinden was. Des te meer was er wereldwijd uitvoerige en bloederige berichtgeving over uitwassen van godsdienstwaanzin. Waarom is er toch meer aandacht voor waanzin dan voor redelijkheid? Mijn blog is een bescheiden poging om deze beeldvernauwing te doorbreken.
De IHEU bracht in 2002 de Amsterdam Declaration uit. Daarin worden de kerndoelen van de humanistische beweging omschreven. Ieder mens heeft het recht zelf zin en vorm te geven aan het eigen leven zolang de mensenrechten van anderen niet aangetast worden. In die gedachtegang is democratie niet de dictatuur van de meerderheid maar de beschermer van die minderheden die de mensenrechten in acht nemen. Rusland en de andere staten die homo/lesbische minderheden vervolgen, handelen in strijd met deze democratische grondrechten. Ook hier is houding inzake homoseksualiteit een toetssteen.
Een nadere uitwerking van de Amsterdam Declaration is te vinden in de zojuist door de IHEU uitgebrachte Oxford Declaration. Het gaat hier om de vrijheid van denken en van meningsuiting. Deze is vastgelegd in artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM). Ten onrechte wordt die bepaling vaak vernauwd tot de godsdienstvrijheid. Ook de vrijheid van de niet-godsdienstige levensovertuiging en de vrijheid om van godsdienst of levensovertuiging te veranderen vallen daar onder. Het is geen vrijbrief voor godsdienstigen om andersdenkenden te discrimineren of zelfs te vermoorden. Zie mijn blogbericht 25: Godgeklaagd!
Islamitische landen, het Vaticaan en Rusland zijn bezig om artikel 29 van de UVRM zo uit te leggen dat godsdienstigen het recht zouden hebben om niet geschokt te worden door andersdenkenden. Joden, christenen, moslims en andere aanhangers van godsdiensten menen soms meer rechten te hebben dan anderen. In blogbericht 9 geef ik een voorbeeld van de schijnheiligheid van het Vaticaan: vóór rechten van minderheden als katholieken in een land in de minderheid zijn en er tégen als de kerk de meerderheid heeft. Wel de meest vreselijke dingen over homoseksualiteit roepen maar homo/lesbische minderheden het recht ontzeggen om voor gelijke behandeling inzake het burgerlijk huwelijk op te komen.
Terecht stelt de Oxford Declaration dat het recht om niet gekwetst te worden niet bestaat in de UVRM. Het is immers in strijd met artikel 18 inzake de vrijheid van denken en van meningsuiting. Extremistische godsdienstigen voelen zich vaak al geschokt door het loutere bestaan van andersdenkenden. We zien in veel dogmatische godsdienstige landen waartoe dergelijke onverdraagzaamheid kan leiden. Het is in ieders welbegrepen eigenbelang om godsdienstwaanzin te bestrijden!
Zie voor een indruk van het congres de blog van Ingeborg Takken.
Ook in de Verenigde Staten wordt de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing aangetast. En de Amerikaanse marine weigert een humanistische raadsman toe te laten.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
De IHEU bracht in 2002 de Amsterdam Declaration uit. Daarin worden de kerndoelen van de humanistische beweging omschreven. Ieder mens heeft het recht zelf zin en vorm te geven aan het eigen leven zolang de mensenrechten van anderen niet aangetast worden. In die gedachtegang is democratie niet de dictatuur van de meerderheid maar de beschermer van die minderheden die de mensenrechten in acht nemen. Rusland en de andere staten die homo/lesbische minderheden vervolgen, handelen in strijd met deze democratische grondrechten. Ook hier is houding inzake homoseksualiteit een toetssteen.
Een nadere uitwerking van de Amsterdam Declaration is te vinden in de zojuist door de IHEU uitgebrachte Oxford Declaration. Het gaat hier om de vrijheid van denken en van meningsuiting. Deze is vastgelegd in artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM). Ten onrechte wordt die bepaling vaak vernauwd tot de godsdienstvrijheid. Ook de vrijheid van de niet-godsdienstige levensovertuiging en de vrijheid om van godsdienst of levensovertuiging te veranderen vallen daar onder. Het is geen vrijbrief voor godsdienstigen om andersdenkenden te discrimineren of zelfs te vermoorden. Zie mijn blogbericht 25: Godgeklaagd!
Islamitische landen, het Vaticaan en Rusland zijn bezig om artikel 29 van de UVRM zo uit te leggen dat godsdienstigen het recht zouden hebben om niet geschokt te worden door andersdenkenden. Joden, christenen, moslims en andere aanhangers van godsdiensten menen soms meer rechten te hebben dan anderen. In blogbericht 9 geef ik een voorbeeld van de schijnheiligheid van het Vaticaan: vóór rechten van minderheden als katholieken in een land in de minderheid zijn en er tégen als de kerk de meerderheid heeft. Wel de meest vreselijke dingen over homoseksualiteit roepen maar homo/lesbische minderheden het recht ontzeggen om voor gelijke behandeling inzake het burgerlijk huwelijk op te komen.
Terecht stelt de Oxford Declaration dat het recht om niet gekwetst te worden niet bestaat in de UVRM. Het is immers in strijd met artikel 18 inzake de vrijheid van denken en van meningsuiting. Extremistische godsdienstigen voelen zich vaak al geschokt door het loutere bestaan van andersdenkenden. We zien in veel dogmatische godsdienstige landen waartoe dergelijke onverdraagzaamheid kan leiden. Het is in ieders welbegrepen eigenbelang om godsdienstwaanzin te bestrijden!
Zie voor een indruk van het congres de blog van Ingeborg Takken.
Ook in de Verenigde Staten wordt de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing aangetast. En de Amerikaanse marine weigert een humanistische raadsman toe te laten.
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
zaterdag 9 augustus 2014
54. "War on Christianity"?
Dit weekeinde van 8 tot 10 augustus 2014 wordt in Oxford, Engeland, een wereldcongres gehouden van de International Humanist and Ethical Union. Deze unie is sinds de oprichting in 1952 te Amsterdam wereldwijd de belangenbehartiger van de humanistische beweging. Wie daarover een goed boek wil lezen kan terecht bij Bert Gasenbeek (red.), International Humanist and Ethical Union (1952-2002). Past, present and future. Utrecht 2002.
Van 1986 tot 1998 heb ik als (co)president van de IHEU mogen meewerken aan de groei van deze wereldorganisatie. In deze tijden van toenemende godsdienstige onverdraagzaamheid is het erg belangrijk dat de belangen van ongodsdienstigen doelmatig behartigd worden. Als de verdedigers van vrijheid zich niet organiseren dan helpen de vijanden van vrijheid haar om zeep. Humanisten gaan er van uit dat mensen het recht hebben om zelf zin en vorm te geven aan hun bestaan zolang zij anderen in hun mensenrechten niet schaden. Het is daarom nogal lachwekkend om te zien dat sommige christenen in dit kader spreken van een "War on Christianity".
Aanleiding voor deze onterechte beschuldiging is de voortgang die veel bewegingen voor homo/lesbische emancipatie in nogal wat staten maken door met name de openstelling van het burgerlijk huwelijk voor paren van gelijk geslacht. Het verzet daartegen neemt in de Verenigde Staten steeds potsierlijker vormen aan. Wie niet beter weet, zou haast denken dat het heteroseksuele huwelijk verboden dreigt te worden. En dat daar alleen nog maar huwelijken tussen mannen en tussen vrouwen toegestaan zouden worden. Om deze vorm van heteroseksuele onverdraagzaamheid te maskeren wordt net gedaan of er sprake zou zijn van "gay intolerance".
Zo wordt er geroepen dat de vrijheid van godsdienst door same sex marriages in gevaar zou komen terwijl iedereen in die liberal states mag geloven wat hij of zij wil zolang men de vrijheid van andersdenkenden niet aantast. Werkelijke godsdienstvrijheid houdt ook in dat mensen van godsdienst mogen veranderen of bijvoorbeeld humanist mogen worden. In de VS halen sommigen er zelfs het dodelijke virus ebola bij om homoseksualiteit en atheïsme te bestrijden!
Ook wordt gedaan alsof de belangen van kinderen worden geschaad door ouderparen van gelijk geslacht terwijl uit een overvloed aan onderzoek blijkt dat dit niet het geval is. Zo blijkt weer eens dat homoseksualiteit een belangrijke toetssteen is voor de handhaving van mensenrechten.
Bovendien heerst ook in de VS het gangbare misverstand dat het democratisch zou zijn om de homo/lesbische minderheid van hun mensenrechten te beroven. Zij denken ten onrechte dat democratie de dictatuur van de meerderheid zou zijn.
Het is dan ook van groot belang dat de IHEU als grote wereldwijde levensbeschouwelijke organisatie de gelijkberechtiging van homo/lesbische minderheden tot speerpunt van haar beleid heeft gemaakt. Paradoxaal genoeg beseffen de meeste godsdienstigen niet dat het uitgerekend de humanisten zijn die de vrijheid van godsdienst en levensbeschouwing het beste verdedigen. Vergelijk dat eens met al die onverdraagzame godsdienstigen die alleen hun eigen godsdienst de vrijheid gunnen die zij onder andersdenkenden bestrijden. Kijk maar naar al die godsdienstoorlogen die momenteel gevoerd worden!
Mijn memoires "Humanisme als zelfbeschikking, levensherinneringen van een homohumanist" zijn november 2016 uitgegeven bij de Papieren Tijger Breda.
Abonneren op:
Posts (Atom)